Hangar is rauw en chic tegelijk

Eva Hoeke bezoekt de mooiste terrassen van Nederland, waar Marcus Huibers de maaltijd test. De Hangar in Amsterdam-Noord is ruig en schijnbaar onaf, het personeel vriendelijk en de cliëntèle knap.

Eva Hoeke
null Beeld Henk Wildschut
Beeld Henk Wildschut

In Amsterdam wordt net als in elke grote plaats in de Randstad elke week wel wat nieuws geopend, behendig gestylede zaken met fijne kaarten en fris elan, maar op één ding wordt vaak flink ingeboet, en dat is het uitzicht. Kan ook niet anders want het is drrrruk in de stad, en dus zit je niet zelden op de stoep tegen een of ander lelijk gebouw aan te koekeloeren. Geeft niets als je net 20 bent en toch alleen maar oog hebt voor die leukerd naast je, maar een beetje mens heeft een uitzichtswens, en daarvoor moet je meestal de stad uit. Of je gaat naar zo'n nieuw ontgonnen gebied als Amsterdam-Noord. Hier is het sinds vijf jaar hip, met minder gecultiveerde en vooral ruimer opgezette horeca.

Nieuwste loot aan deze stam is Hangar, het geesteskind van Job Pollman (49), die in het dagelijks leven directeur is van het ook in Noord gehuisveste modemerk G-Sus, en zodoende 'per ongeluk' directeur werd van het hele terrein, 36 duizend vierkante meter aan gebouwen en percelen, ook wel bekend als de Hamer-Kaap. Toen Job op een dag vanuit zijn kamer over het IJ tuurde viel dat kwartje waarmee elk goed verhaal begint. 'Toen ik dertig jaar geleden in Amsterdam kwam wonen, was de KNSM-laan nog een regelrechte negorij. Vijfentwintig jaar later begon de stad het Java-eiland te ontwikkelen, twintig jaar geleden het Westergasterrein, vijftien jaar geleden kwam daar het NSDM-terrein bij en vijf jaar geleden Overhoeks op Noord - dus eigenlijk zijn wij nu gewoon aan de beurt.'

Hangar
Aambeeldstraat 36 (voor navigatie: gebruik nr. 32)
020-3638 657
Dinsdag t/m zondagvan 10.00 tot laat

Warehouse dining

Maar goed, dan ben je nog niet ineens horecaman. Entree Tim Immers (45), die al een goedlopende zaak had aan de Amsterdamse Utrechtsestraat, Bar Moustache, en Koen Schippers (48), die eerder tekende voor Strandrestaurant Zout in Zandvoort. Beiden hadden wel zin in een maatje groter, en tachtig splinters en tien blauwe duimen later is daar nu dus Hangar, een restaurant zoals je alleen aan de randen van een stad ziet: rauw en chic tegelijk. Warehouse dining wordt het ook wel genoemd, en hoe dat proeft leest u hiernaast. Praat ik u ondertussen bij over hoe dat er uitziet, want het oog wil ook wat

Hangar heet Hangar omdat het lijkt op de romneyloodsen die in WO II in allerijl werden gebouwd als werkplaats of noodonderkomen. De halfronde golfplaten hebben Piet Hein Eek-achtige kleuren; die worden binnen herhaald met zeegroen, roestbruin, leigrijs en chocoladekleurig linnen, hout op de vloer en lampen in de vorm van whiskykaraffen. Zo'n interieur trekt doorgaans knap publiek (Lieke van Lexmond zit deze avond aan tafel) en al even knap personeel, maar volgens Job is 'de gezonde mix van mensen' hier juist zo leuk en Koen benadrukt dat er wat personeel betreft uitsluitend geselecteerd is op de combinatie Kundig, Vriendelijk & Fatsoenlijk, want 'niets irritanter dan van die types die vooral met zichzelf bezig zijn.' Misschien waren ze deze avond geïnstrueerd, maar ik kreeg steeds zó'n royale glimlach van de kelner met de afro en tatoeages dat ik tot op het bot bloosde, dus míj hoort u er verder niet over.

null Beeld Henk Wildschut
Beeld Henk Wildschut

Goed, naar buiten dan, want daarvoor zijn we hier. Ook al mooi, met houten platen op de grond, zitzakken uit Bali en palmbomen. En dan dat geweldige panorama over het IJ, met de zon die 's ochtends dáár op komt (Tim wijst naar links) en 's avonds dáár weer onder gaat (wijst helemaal naar rechts). Ook leuk: de joekels van cruiseschepen die soms voorbij varen. Aangezien het IJ zo'n beetje de A2 van de waterwegen is, is zwemmen niet aan te bevelen, maar bootjes kunnen hier wel aanleggen en in het verschiet ligt bovendien Hangar Plage, met vlonders en zand en parasolletjes. Denkt u daar zelf even een deuntje van Al Jarreau en een cappuccinootje bij, en denk dan ook vooral even aan al die hutjemutjemensen op hun duwen-en-trekkenterrasjes aan de overkant.

Lekker hè?

Het eten

Je moet maar het lef hebben je nieuwe tent pal naast Hotel de Goudfazant te zetten, een van de betere eetadressen van Amsterdam. Maar met een chef als Ricardo van Ede durf je het waarschijnlijk wel aan. De man ziet er niet alleen imposant uit, met zijn tatoeages en oorlelringen ter grootte van een koffieschoteltje, hij kan koken als de beste, hebben we al eerder kunnen vaststellen. Bij Ricardo's in Odeon kookte hij de sterren uit het firmament, totdat het pand werd verkocht. Dat schept verwachtingen.

De kaart biedt overzichtelijke bistrogerechten. We beginnen met steak tartaar en 'Groningse' mozzarella met wilde tomaten. De steak tartaar is een spannend gerechtje, met zoetzure plakjes koolrabi, pecorinoschaafsel alsof het gesneeuwd heeft, en harissamayo voor extra pit. Aan buffelkaas met tomaat valt weinig te verprutsen, en dat is dan ook niet gebeurd. We drinken er een witte Gascogne bij. De schol die volgt is voorbeeldig op de graat gebakken, geserveerd met peulvruchten en cantharellen. Het piepkuiken (lakmoesproef voor de bistrokeuken) met salsa verde is prima, maar ook een tikkeltje saai. We nemen chocolade ganachetaart met brownieijs toe.

Je vraagt je af wat er zou gebeuren als Van Ede zich aan deze kaart ontworstelt, en zijn culinaire free jazz gaat praktiseren. Dan loop je het risico dat de mensen alleen nog maar bezig zijn met wat er op hun bord gebeurt, en niet met daarbuiten, op het terras. Is vast niet de bedoeling.

Meer over