Hachelijke conclusies in studie 'wie doodt wie?'

EEN PIL van 1473 pagina's. Fijn leesvoer voor de donkere dagen voor kerst, ware het niet dat de inhoud niet spoort met de kerstgedachte....

Fred de Vries

Het voorwoord is van de taalwetenschapper en publicist Noam Chomsky en van Lord Avebury, vice-voorzitter van het Britse parlementaire comité voor mensenrechten. Beiden pleiten op grond van het boek voor een onafhankelijk, internationaal onderzoek naar de slachtpartijen en moorden, waarbij de afgelopen zeven jaar zeker 100 duizend doden zijn gevallen. Het draait om de aloude vraag: 'Wie doodt wie?'

Het is een fascinerend werkstuk. Het is de meest gedetailleerde studie naar de Algerijnse gruwelijkheden; nog nooit zijn zoveel feiten op een rijtje gezet en via statistische bewerkingen met elkaar in verband gebracht.

Geen middel wordt onbenut gelaten om de incidenten inzichtelijk te maken, van gedetailleerde plattegronden en schema's tot ooggetuigenverslagen, foto's en een politiek-militaire ontleding van de Gewapende Islamitische Groepen (GIA), de meest radicale moslimguerrillabeweging.

Onderzoek naar 339 slachtingen en 283 schietpartijen en aanslagen laat zien dat de moordpartijen samenvallen met perioden van grote spanningen binnen het leger, en dat de slachtoffers vooral in wijken en dorpen vallen waar de bevolking massaal op het Islamitisch Heilsfront (FIS) heeft gestemd.

De onderzoekers concluderen dat de GIA, die verantwoordelijk worden gehouden voor de meeste slachtpartijen, door de Geheime Dienst is geïnfiltreerd en wordt gebruikt als contra-guerrillaorganisatie. Kortom, dat het regime achter de moorden zit.

Maar er kleven bezwaren aan het onderzoek. Allereerst de Zwitserse uitgever Hoggar. Van Hoggar lopen lijnen naar het FIS. Datzelfde geldt voor de redacteuren: wetenschappers, maar niet onbevooroordeeld. Tekenend is dat zij nergens in het boek worden geïntroduceerd.

Ten tweede gaan de onderzoekers wel wetenschappelijk te werk, maar doen zij dat tamelijk selectief. De feiten die zij presenteren kloppen, maar op de conclusies valt wel het een en ander af te dingen. Op grond van het boek zouden de gewapende islamisten óf schone handen hebben, óf op afschuwelijke wijze zijn gebruikt door de veiligheidsdiensten. Maar het FIS beschikte wel degelijk over een leger (AIS), en over stadsguerrillastrijders (FIDA), en niemand twijfelt eraan dat ook die bloed aan hun handen hebben.

Het grote probleem in Algerije is dat er ondanks ruim 100 duizend doden vrijwel nooit schuldigen worden opgepakt en berecht. En dat maakt het trekken van conclusies als 'het leger zit achter de moorden' een hachelijke zaak, net zo hachelijk als de door het regime gebezigde stelling dat 'de islamisten achter de moorden zitten'. Ieder incident moet op zichzelf worden onderzocht.

Desalniettemin wordt er stilaan wel steeds meer duidelijk over de mechanismen achter de moordpartijen. Het vuistdikke boek biedt, ondanks al zijn tekortkomingen, een belangrijk stuk van de puzzel. Datzelfde geldt voor de informatie die de beweging van dissidente Algerijnse officieren, MAOL, via het Internet (www.anp.org) naar buiten brengt.

Eind vorige maand publiceerde Le Monde een fascinerend interview met de woordvoerder van MAOL, kolonel B. ALi. De kolonel ging onder meer in op de rol van een aantal generaals, op het doodseskader Eenheid 192, op de manier waarop de veiligheidsdiensten de GIA hebben geïnfiltreerd, en op het 'verwijderen' van dissidente militairen.

De betrouwbaarheid van de MAOL wordt in Algerije door de autoriteiten betwist, net als de geloofwaardigheid van de Algerije-specialist bij Le Monde, Jean-Pierre Tuquoi. Alleen bleek het verhaal dit keer niet door Tuquoi te zijn geschreven, maar door de Algerijnse journalisten Yassir Benmiloud en Samy Mouhoubi, die het verhaal van kolonel B. Ali zeer serieus namen.

Vooral de deelname van Benmiloud is saillant. Hij staat als 'YB' bekend als ex-columnist van het dagblad El Watan. En laat El Watan nu net een krant zijn die de lijn volgt van de éradicateurs, zij die de islamisten willen 'uitroeien' en de MAOL als fantasten bestempelen.

Wat, vraagt Le Monde retorisch, als de ergste theorie op een dag waar blijkt? Dat het Algerijnse leger, dat zich presenteert als het laatste bolwerk tegen de islamistische hordes, zelf aanstichter van de chaos is?

Meer over