Haatzaaien Wilders is nu wel duidelijk

Ook mij is niet ontgaan met welke vijandige taal Geert Wilders mensen te lijf gaat die zijn sympathie niet hebben. Zijn tegenstanders zijn niet alleen immigranten die de volgens hem 'fascistische ideologie' van de islam aanhangen, maar ook en vooral sociaaldemocraten en andere 'linksige' lieden, wier multiculturele laksheid ertoe geleid heeft dat we in ons land overspoeld worden door een tsunami van uit 'een achterlijke cultuur' afkomstige lieden die erop uit zijn ons land en heel Europa te islamiseren. Van deze opinies heeft iedere krantenlezer en televisiekijker ruimschoots kennis kunnen nemen. Op die manier heb ook ik die vergaard en er meestal mijn schouders over opgehaald. De man is niet goed snik, dacht ik. En zijn aanhang? Ach, waarschijnlijk méér mensen dan op de PVV hebben gestemd, vinden Frans Bauer een inspirerende zanger wiens liedteksten hen ontroeren.

Het strafproces tegen Wilders wegens discriminatie en haatzaaien vond ik, gewapend met krantenkennis, niet zo nodig. Dat het Openbaar Ministerie de zaak niet voor de rechter wilde brengen, kon ik begrijpen. Al was ik verrast dat het bij dat standpunt bleef, ook nadat het Amsterdamse hof anders had bevolen. Dat het hof het uitzinnige geleuter van Wilders en de zijnen zo serieus nam dat het berechting waard zou zijn, verraste mij al evenzeer. Discriminatie en haatzaaien zou je het kunnen noemen, maar 'onzin' leek mij de betere karakterisering. Vanwege 's mans clowneske verschijning en optreden, leek mij dat ook te rechtvaardigen.

Maar toen had ik nog niet kennis genomen van het verkiezingsprogramma van de PVV waaruit mijn krant onlangs citeerde: ons land is verworden tot een 'afhaalloket voor onevenredig veel lanterfantende moslimimmigranten'. In datzelfde bericht werd geciteerd uit een toespraak dat het tijd is voor een 'grote schoonmaak van onze straten', en dat Wilders en de zijnen bereid zijn 'te vechten voor onze vrijheid'. Als ik het goed begrijp, moeten de straten van ons land vechtenderwijze heroverd worden op moslimimmigranten. Dat zijn plannen die zich moeilijk laten rijmen met Wilders' herhaalde verzekering dat hij niets heeft tegen moslims als personen, maar enkel tegen de islam.

Het verkiezingsprogramma van de PVV vraagt zich af wat die moslimimmigranten 'hier eigenlijk doen'. 'Wie heeft ze binnengelaten?' Dat is de Partij van de Arbeid, in het bijzonder haar huidige voorman, die ook al niet deugde toen hij nog burgemeester van Amsterdam was. Wanneer Cohen, in vervolg op de gebeurtenissen in Oslo, Wilders oproept om voortaan een beetje op zijn woorden te passen, vervult die 'ranzige' oproep Wilders met 'walging'. Met de keuze van dit soort woorden toont Wilders dat hij niet van plan is zijn toon te matigen.

Nu ik er (zo beken ik) voor het eerst serieus over nadenk, begrijp ik hoe het Amsterdamse hof ertoe kon komen om Wilders te verdenken van haatzaaien. En ook dat de Amsterdamse rechtbank een gouden kans gemist heeft toen hij Wilders daarvan vrijsprak. Als die rechtbank kloten had gehad, had hij Wilders voor haatzaaien veroordeeld tot een voorwaardelijke vrijheidsstraf vanenkele maanden en een proeftijd van enkele jaren. Dat zou ons voor geruime tijd verlost hebben van de hatelijkheden van Wilders en zijn aanhangers, en hen hebben gedwongen het politieke debat op verdraaglijker toon te voeren.

Emeritus hoogleraar rechtspsychologie dr. Hans Crombag bestudeerde voor het eerst het verkiezingsprogramma van de PVV, en herziet zijn mening dat het met het haatzaaien van Geert Wilders wel meevalt.

undefined

Meer over