Haasbroeks Journaal

In honderd dagen valt het NOS Journaal niet te veranderen. Maar wat is er mogelijk in honderd weken? Nico Haasbroek, ooit 'provocateur' in Hilversum, heeft inmiddels die periode als hoofdredacteur erop zitten....

'TE BRAAF', het NOS Journaal was vooral te braaf. Vond Nico Haasbroek toen hij op 1 februari 1997 van de regionale omroep Radio Rijnmond overstapte naar het statige instituut dat het Journaal in veler ogen is. Dat uitgerekend hij, de ex-vrijbuiter van VPRO-radio, opvolger werd van Gerard van der Wulp, wekte evenveel verbazing als verwachtingen. Want hij gold als onconventioneel, niet meer dan 'een erkende lolbroek' volgens de een, volgens de ander 'een inspirerende man die veel ballen de lucht inschiet en kijkt hoe ze landen.'

Haasbroek kon wel eens 'iets pimpandoerigs, iets verrassends toevoegen aan het Journaal', dacht Kor Al, eindredacteur van Zembla. In elk geval, zei Haasbroek zelf, zou hij die vermaledijde braafheid te lijf gaan: de agenda-journalistiek en al te voorspelbare berichtgeving van het Binnenhof. Minder hoogwaardigheidsbekleders moesten er komen, minder deskundigen. En waarom was er eigenlijk nog geen hoofdredactioneel commentaar? Waarom zag je Mart Smeets nooit in het Journaal? En ook, vond Haasbroek, zou er best meer ruimte mogen komen voor 'leuke trendmatige onderwerpen die nu nog over de rand vallen'.

Na de eerste honderd weken Haasbroek is het Journaal wel iets veranderd, maar niet veel, meent het merendeel van de ondervraagde journalisten. 'Veel minder dan ik van Nico verwachtte, en minder dan hij waarschijnlijk hoopte', zegt Hugo Schneider, hoofdredacteur van TV West en ex-verslaggever van Den Haag Vandaag. Mart Smeets kwam vorige zomer inderdaad in beeld, het Journaal is vijf minuten langer geworden, wordt 's nachts uitgezonden, en is versterkt met een research-redactie, wat, zegt Nova-hoofdredacteur Gerard Dielessen, 'goed, verstandig en noodzakelijk' is. Niettemin benadrukken oude rotten in het vak als Jan Blokker (de Volkskrant) of Wout Woltz (NRC) dat zij vooral géén verschil met de periode-Van der Wulp zien, een conclusie die RTL Nieuws-lezer Jeroen Pauw deelt. Hij betreurt dat 'de provocateur' Haasbroek, die hij waardeert, er niet in is geslaagd 'het wat CDA-achtige bolwerk van truttigheid op te schudden'.

Voor de kijker is de hand van Haasbroek te zien in een lichte toets, de beeldgrap, de voortdurende glimlach om de lippen van Philip Freriks. Krijgt minister Zalm een taart in het gezicht, dan vliegen er nog wat taarten in gezichten van hoogwaardigheidsbekleders. Bij een aantal critici leidt dat tot kromme tenen: 'Blijf bij het onderwerp, denk ik dan', aldus Zembla's Kor Al. Dat soort amusement past het Journaal niet, vindt Blokker: 'Je moet braafheid bestrijden met primeurs, niet met leukigheid.' En waar Nova's Dielessen wel waardering heeft voor zo nu en dan een experiment, mag een lichtere toets van hem niet leiden tot 'verleuking'.

Ook Job Frieszo, Haags verslaggever van het Journaal, en 'zelf te ouderwets om een voorstander te zijn van frivoliteiten', erkent dat het soms misgaat. De sfeer bij het Journaal is onder Haasbroek opener geworden, er is meer ruimte voor creativiteit. 'Maar de maatvoering is niet altijd duidelijk. Van dat taarten-item werd ik niet vrolijk, en toen ook de stropdas van Claus daar bij werd gehaald, begreep ik het gewoon niet meer. Ik ben positief over de veranderingen, maar het moet niet doorschieten. Je moet een serieus en betrouwbaar medium blijven en niet je oren laten hangen naar Hart van Nederland.'

De pogingen van Haasbroek om naast nieuws ook het moderne leven te laten zien, worden nogal verschillend gewaardeerd. Rik Rensen, hoofdredacteur van concurrent RTL Nieuws, vindt 'het geweldig waar ze mee bezig zijn'. Hij prijst de poging van Haasbroek om weg te komen van het 'zeer statische, met veel autoriteiten gevulde Journaal'. Als nieuwsbulletin waarin 'de kijker aan de hand van beeldverhalen krijgt uitgelegd wat er aan de hand is', wordt het 'consumeerbaarder'. Dat is, zegt Rensen, 'iets anders dan platter, het krijgt meer RTL Nieuws-allure. Wij moeten dus ook veranderen, want de bulletins mogen niet te veel op elkaar lijken.'

Ook hoofdredacteur Oscar Garschagen van Vrij Nederland is zeer te spreken over die items in Haasbroeks Journaal. 'Die zag ik een paar jaar geleden niet. Het moet niet te snel en te vlot gesneden worden. Dan gaan kijkers klagen en schakelen ze over naar het veel kalmere BRT-journaal. Maar meer lichtere onderwerpen is goed. Je moet toch een afspiegeling krijgen van het volle leven. En licht is niet per se triviaal. Ook die nieuwe-moraal-discussie pikken ze goed op.'

Juist die aandacht voor 'leuke trends' stuit Jan Blokker tegen de borst. Hij ergert zich aan 'het HP/De Tijd-virus: de dringende behoefte trendgevoeligheden te signaleren'. Het Journaal-item over normen en waarden waar Garschagen met genoegen naar keek, vond Blokker een crime: 'Appels en peren waren bij elkaar gegooid en toegedekt door professor Herman Vuijsje. Dat is drie-cent-sociologie-van-de-zeer-koude-grond die je het zicht op het echte nieuws ontneemt.' Blijf bij je leest, is ook de boodschap van Zembla's Al die vindt dat het Journaal 'nu eenmaal braaf hoort te zijn'. Of Nova's Dielessen: 'Het is een instituut en daar hoeft het zich niet voor te schamen.'

Terzelfdertijd lijdt het Journaal onder zijn eigen gewicht, stelt Wout Woltz vast. De druk om hoge kwaliteit te leveren is zo groot, dat het Journaal 'houterig' overkomt. RTL heeft daar minder last van, en oogt dus frisser, meent de oud-NRC-hoofdredacteur, volgens wie onder Haasbroek 'oude fouten' zijn gebleven. Het Journaal typeert hij als 'ontzaglijk Nederlands'. Presentatoren komen onbeholpen over en stellen correspondenten vragen ('Wat gebeurt er in het Witte Huis?') die nauwelijks te beantwoorden zijn. 'Dan valt de benauwdheid van het gezicht van de correspondent af te lezen. Je mag dat soort vragen niet stellen.'

Tv-makers als Schneider ('Het Journaal is een monument'), Frieszo en Dielessen ('Ik weet hoe het werkt') hebben begrip voor de traagheid waarmee het 'logge' Journaal verandert. Haasbroek, zegt Frieszo, heeft gekozen voor de weg van de geleidelijkheid, en kon weinig anders. Want het Journaal is een mammoettanker: 'Je moet nu al aan het stuur gaan draaien, om in 2010 ergens uit te komen. Tegen die realiteit is Nico misschien ook opgelopen.' En Schneider: 'Het Journaal is altijd gouvernementeel en volgend geweest.'

Volgens RTL's Rensen bevindt het Journaal zich in 'een tussenfase'. Hij signaleert soms een terugval. 'Op de eerste avond van de aanval op Irak moet je er als Journaal staan. Tot mijn verbazing maakten ze niet gebruik van de mogelijkheid een live-verbinding met Bagdad aan te vragen. Die hadden wij wel. Daardoor zag je bij ons Conny Mus melden dat de bombardementen waren begonnen, terwijl Gerard Arninkhof nog meldde dat het rustig was omdat zijn item een uur eerder was opgenomen. Dat begrijp ik dan niet. Live-televisie wordt voor journaalbulletins steeds belangrijker. Dat betekent dat je bereid moet zijn op dat vlak risico's te nemen.'

Risico's en experimenten lijken het Journaal niet zo te liggen. 'Je ziet ze zwabberen in pogingen iets anders te doen', zegt RTL's Pauw. 'Vorige week had het Journaal, net als SBS, een item over inline-skating. Een poging aan te haken bij een trend, maar het is een onderwerp waar de mensen van het Journaal, voornamelijk 45-plussers, niets mee hebben. Als Hart van Nederland zoiets doet, past dat bij ze. Als het Journaal het doet, merk je dat ze te ver van zichzelf af komen te staan. Als Paul Grijpma de voornaam van Raymond van Barneveld fout uitspreekt, weet je dat darts hem helemaal niks zegt. Dat is tekenend.'

Henk Blanken Fokke Obbema

Meer over