Haagse rechtbank onbevoegd in VN-zaak Srebrenica

De rechtbank van Den Haag heeft donderdag beslist dat het niet bevoegd is om te oordelen over de verantwoordelijkheid van de Verenigde Naties voor de val van Srebrenica, waar dertien jaar geleden bijna 7.500 Bosnische moslims omkwamen....

Van onze verslaggeefster Leen Vervaeke

Nabestaanden van de slachtoffers, georganiseerd in de organisatie Moeders van Srebrenica, hadden een civiele zaak aangespannen tegen de Nederlandse staat en de Verenigde Naties, omdat die onvoldoende zouden hebben gedaan om de genocide te verhinderen. De lichtbewapende Nederlandse VN-soldaten, die de enclave moesten beschermen, boden geen weerstand tegen de Bosnisch-Servische aanvallers.

Voor de inhoudelijke behandeling van de zaak begon, betwistte landsadvocaat Bert Jan Houtzagers, die de Nederlandse staat verdedigt, de bevoegdheid van de Haagse rechtbank om over de VN recht te spreken. De VN genieten immuniteit, die hen in staat moet stellen buitenlandse missies te ondernemen.

In een dertien pagina’s tellend vonnis stelde voorzittend rechter Hofhuis de landsadvocaat in het gelijk. ‘De rechtbank verklaart zich onbevoegd tot kennisneming van de vordering tegen de VN’, oordeelde hij. Het proces wordt voortgezet, maar enkel nog met de Nederlandse staat in de beklaagdenbank.

Rechter Hofhuis weersprak de argumenten van de advocaten van de Moeders van Srebrenica, dat de immuniteit van de VN niet absoluut is en dient te wijken voor het recht op toegang tot een onafhankelijke rechter (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens) en voor de verplichting om alles te doen om genocide te voorkomen en te bestraffen (Genocideverdrag).

‘De rechtbank concludeert dat in de volkenrechtelijke praktijk absolute immuniteit van de VN de norm is en wordt gerespecteerd’, sprak Hofhuis, verwijzend naar eerdere uitspraken van nationale en internationale gerechtshoven. Hij hield er ook rekening mee dat een toetsing van VN-optreden door een nationale rechter ‘grote gevolgen (zou hebben) voor de besluitvorming van de Veiligheidsraad over dergelijke vredesmissies’.

Marco Gerritsen, één van de advocaten van de Moeders van Srebrenica, toonde zich niet verrast en zei vrijwel zeker in beroep te zullen gaan tegen het vonnis. ‘Dit is een principiële kwestie. Waarschijnlijk zal deze procedure nog jaren duren en moeten we uiteindelijk naar het Europees Hof. Maar ik twijfel er niet aan dat mijn cliënten daartoe bereid zijn.’

In de inhoudelijke behandeling van de zaak zal de landsadvocaat waarschijnlijk betogen dat Dutchbat niet onder de Nederlandse staat valt, maar onder de VN, die immuniteit genieten, voorspelt Gerritsen. Dat is ook de argumentatie van de landsadvocaat in een andere Srebrenica-zaak, waarin (nabestaanden van) lokaal Dutchbat-personeel de Nederlandse staat hebben aangeklaagd.

Meer over