Nieuws

Groot onderzoek: middelbare scholieren minder gelukkig en somberder door coronacrisis

De coronamaatregelen zouden er zwaar hebben ingehakt bij jongeren, verkondigden talloze talkshowgasten tijdens de pandemie. Groot nieuw onderzoek van de GGD en het RIVM onder bijna 170 duizend scholieren bevestigt dat vermoeden. ‘We zien een enorme toename in somberheidsklachten.’

Fleur Damen en Roos van Riel
Jeugdmaatschappelijk werker Elske Maier (links) voert  samen met haar collega Roos Kemna (rechts) een gesprek met een leerling op het St Michaël College in Zaandam. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Jeugdmaatschappelijk werker Elske Maier (links) voert samen met haar collega Roos Kemna (rechts) een gesprek met een leerling op het St Michaël College in Zaandam.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Dagenlang in quarantaine, eenzaamheid en zieke familieleden; de gevolgen van coronacrisis waren van grote invloed op middelbare scholieren. Zei in 2019 84 procent van de middelbare scholieren (zeer) gelukkig te zijn, in het najaar van 2021 was dit aandeel gedaald naar 77 procent. Een vijfde van de middelbare scholieren worstelt met een gebeurtenis die met corona te maken heeft, zoals een besmetting van zichzelf of een geliefde.

Dat blijkt uit antwoorden die 167.000 tweede- en vierdeklassers op 759 middelbare scholen afgelopen najaar gaven op een uitgebreide vragenlijst van de GGD en het RIVM. In de herfstmaanden waarin de enquête werd afgenomen, golden op sommige momenten vrijheidsbeperkende coronamaatregelen, zoals een gedeeltelijke lockdown vanaf acht uur ’s avonds.

‘Dit zijn de eerste grote resultaten van ons grootschalig onderzoek naar de gevolgen van de coronacrisis voor onze gezondheid, dat nog loopt tot en met 2025’, zegt Annette de Boer (60), bij de GGD verantwoordelijk voor gezondheidsonderzoek naar de effecten van rampen.

Na afronding van de enquête volgden nog een volledige lockdown en besmettingsgolf met de omikronvariant onder scholieren; de gevolgen daarvan zijn niet meegenomen in deze resultaten. ‘Maar uit deze cijfers wordt duidelijk dat middelbare scholieren hebben geleden onder de coronacrisis’, zegt De Boer.

Uitzichtloosheid

Sinds de volledige heropening van de scholen op 10 januari dit jaar merken jeugdhulpprofessionals dat veel leerlingen worstelen met de verlate psychologische gevolgen van de coronamaatregelen. ‘Scholieren hadden tijdens de lockdowns het gevoel dat hun situatie uitzichtloos was’, verklaart schoolpsycholoog Jeanine Voorsluijs (43), werkzaam op het Baarnsch Lyceum, waar les wordt gegeven op havo-, atheneum- en gymnasiumniveau.

Scholieren piekerden meer dan normaal en bestaande kwetsbaarheden werden uitvergroot, zegt ze. ‘Als ze bijvoorbeeld moeite hadden met vrienden maken, vereenzaamden ze al helemaal in de lockdown.’

De gevolgen daarvan zijn duidelijk merkbaar in de klas sinds de scholen begin januari weer opengingen. ‘We zien een enorme toename in somberheidsklachten’, beaamt Elske Maier (36), jeugdmaatschappelijk werker op het St. Michaël College, een havo- en vwo-school in Zaandam. Sombere kinderen kunnen zich slecht concentreren en halen slechte cijfers, waardoor ze eerder opvallen, zegt Maier. ‘Maar zij zijn maar het topje van de ijsberg. Veel kinderen praten helemaal niet over hun gevoelens.’

Ook kampen leerlingen met meer stress, vertellen de hulpverleners, omdat ze het gevoel hebben dat ze leerachterstanden snel moeten inhalen. Bovendien hebben met name kinderen met een autismespectrumstoornis en jongeren die sociaal angstig zijn, moeite met de terugkeer naar drukke klassen. ‘Zij vonden online-onderwijs wel lekker, want dat gaf minder prikkels’, vertelt Marja van ’t Spijker (49), jeugdpsychiater in het crisisteam Kennemerland.

Van ’t Spijker zag ook een grote toename van meisjes die tijdens de pandemie een eetstoornis ontwikkelden. ‘In de coronaperiode was de wereld voor veel jongeren chaotisch en onduidelijk’, verklaart ze. ‘Eten was een van de weinige dingen waarop ze nog controle konden uitoefenen.’

Meisjes voelen zich slechter dan jongens

GGD-directeur De Boer hecht er waarde aan te benadrukken dat de resultaten van het onderzoek niet uitsluitend reden zijn voor pessimisme. ‘De meerderheid van de Nederlandse scholieren is nog altijd gelukkig, en beoordeelt de eigen veerkracht als redelijk hoog.’ Vooral scholieren met een instabiele thuissituatie of uit gezinnen komen die moeite hebben met rondkomen, zijn minder gelukkig.

Opvallend is dat meisjes zich aanzienlijk slechter voelen dan jongens; zo’n 82 procent van de jongens voelt zich meestal gelukkig, ten opzichte van 73 procent van de meisjes. Een mogelijke verklaring is dat meisjes meer geneigd zijn eerlijk te vertellen over hun mentale worstelingen.

Al in 2019, toen de GGD middelbare scholieren naar hun geluk vroeg, scoorden meisjes aanzienlijk lager dan jongens. ‘Maar het komt ook door de toename van socialemediagebruik tijdens de coronaperiode’, denkt jeugdmaatschappelijk werker Maier. ‘Hele dagen op hun slaapkamer met hun telefoon zitten heeft het zelfbeeld geen goed gedaan.’

Van wachtlijst naar crisisdienst

Volgens GGD-directeur Annette de Boer zijn de nieuwe cijfers aanleiding om ‘de mentale gezondheid van jongeren nu écht op de kaart te zetten’. Maatregelen, zoals speciale cursussen voor ouders over het functioneren van het puberbrein, zijn nuttig voor de grote groep zonder al te serieuze problemen, zegt De Boer. ‘Maar de kleine groep met risico op ernstige problematiek – zo’n 6 procent – moet er echt uit worden gefilterd en specialistische hulp krijgen.’

De toegenomen vraag naar zulke hulp maakt dat scholen soms tegen de grenzen van mogelijkheden kunnen aanlopen, zeggen Maier en Voorsluijs. ‘Normaal gesproken hebben we op onze school tussen de twintig en dertig leerlingen die intensieve zorg nodig hebben, nu gaan we richting de zestig’, vertelt Maier. Ook schoolpsycholoog Voorsluijs is dit schooljaar een dag extra gaan werken om de leerlingen te kunnen ondersteunen. ‘Die dag zat gelijk vol met stressreductietrainingen en een-op-een-sessies.’

De toegangsweg naar specialistischer zorg die deze groep nodig heeft, is er een vol beren. ‘Huisartsen krijgen veel jongeren op het spreekuur die een beetje hulp nodig hebben, maar niet terechtkunnen bij de meest laagdrempelige jeugd-ggz’, vertelt psychiater Van ‘t Spijker. ‘Die is helemaal verzadigd geraakt.’ Terwijl jongeren op de wachtlijsten staan, verslechtert hun situatie en komen ze alsnog bij de crisisdienst van Van ‘t Spijker terecht.

‘We zouden kinderen veel eerder willen doorverwijzen, maar door de verstopping van de ggz heeft dat geen zin’, vertelt jeugdmaatschappelijk werker Maier. Zolang dat niet verandert, doen Maier en haar collega’s wat ze kunnen. Het zorgteam op het St. Michaël College wordt volgende week uitgebreid met een nieuwe medewerker. ‘Maar eigenlijk slaat het nergens op dat wij als school drie jeugdhulpverleners, een zorgcoördinator en twee leerlingenbegeleiders hebben.’

Meer over