Gronings welbehagen

Twee weken geleden schreven we op deze plek dat Arnhem een gastronomisch vacuüm is. Dat hebben we geweten. Verontwaardigde scheldkanonnades van Arnhemse gourmets, koks die ons kokend van woede uitdagen om bij hen te komen eten als we durven, en als kroon op het bombardement een aangetekende brief van het...

Mac van Dinther

Nee dus. Niks niemendal kwam er uit Arnhem. Het is dus nog veel erger dan we dachten. Arm Arnhem.

Waar dan wel heen? We kregen geen post uit Arnhem, maar wel een elektronisch bericht uit Groningen van een lezer die zich afvroeg of wij wel vaak genoeg in het noorden van Nederland komen. Lezer heeft de indruk dat wij vooral in Gelderland, Utrecht en Holland komen.

Zucht. Lezer heeft een beetje gelijk. Niet helemaal, want we doen ons best onze bezoeken te spreiden. Maar het noorden komt er inderdaad ietwat bekaaid af, ook al, voegen we daar ter verdediging aan toe, omdat we vinden dat er weinig aansprekende restaurants zitten.

Gelukkig voegde lezer ook een suggestie toe, de Plaats Melkema in het Groningse Huizinge. Oké dan, lezer een lol doen en even een verplicht nummertje Groningen.

Voorbij de stad Groningen zoeken we op donkere provinciale wegen onze weg naar Huizinge. De kleinste der wegen blijkt naar Huizinge te voeren waar borden met de waarschuwing 'Modder!' aankondigen dat de bieten- en aardappeloogst aan de gang is. Wegwijzers leiden ons naar de Plaats Melkema. Anders hadden we het nooit gevonden.

Plaats, heeft een kenner van het noordelijke dialect ons uitgelegd, is Gronings voor boerderij. We parkeren onze auto dus voor een boerderij. Om redenen waarvan de oorzaak geheel bij ons ligt, want de eigenlijke ingang is uitbundig verlicht zien we later, kloppen we bij de verkeerde kant aan. We bonzen op dichte deuren, rammelen aan agrarische deurklinken, maar niks gaat open. Gelukkig trekt ons gerommel de aandacht van een serveerster die enigszins verwondert opendoet. Ach ja, stadsjongens.

Binnen worden we onthaald in een zitkamer met gerieflijke, bruinleren fauteuils rond een open haard waar het vuur knappert en een harige hond zich aan onze voeten legt. En dan weet je het al: er moet wel iets heel ernstigs gebeuren - schaamhaar in de soep, wijn als azijn, bavarois van rauwe eieren, zoiets - wil het hier vanavond nog misgaan.

De Plaats Melkema, vertelt ons de serveerster, is een gigant van een boerderij die onlangs is verbouwd tot eet-, vergader-, trouw- en feestoord. In de voormalige stal is een grote zaal, de oude schuur is vergaderzaal. De boerderij is opgeknapt in moderne stijl met geschuurde tafels en grijze wanden, wat fraai contrasteert met de rustieke, agrarische elementen. Al denken niet alle autochtonen daar zo over, zegt het meisje. 'Ze vragen steeds wanneer de tafels nou eens geverfd worden.'

Het restaurant is gevestigd in de voormalige melkkelder, waar de laaghangende balken geel zijn en de plavuizen oud en verweerd. Het is een restaurantje, want er is plaats voor hoogstens twintig mensen, schatten we. Langs de wand staan rekken met voorraadpotten en ingemaakt fruit. Gekookt wordt er op een oude Aga, die ook in de kelder staat.

We zullen niet beweren dat in de Plaats Melkema culinaire kunst van hoog niveau wordt bedreven. We aten een goede risotto met vele verse cantharellen, een brouwsel van gestoofde of gesmoorde coquilles met prei - we vinden coquilles lekkerder wanneer ze gebakken zijn - gevolgd door hert en snoekbaars.

Het hert kwam in rondjes die je zo bij de groothandel kunt kopen en lag in een saus die van ons best krachtiger had mogen zijn. De snoekbaars was meer gestoofd dan gebakken en werd geserveerd met aardappelen en weer prei, wat na de prei bij het voorgerecht van iets te weinig fantasie deed blijken.

Daarentegen was de kok achter de Aga gul met zijn wijn en goed in zijn adviezen. We kregen een lekkere volwrange Minervois bij het hert en vielen op zijn aanraden voor een rode Valpolicella bij de vis. Als toetje gaf hij ons sorbetijs van hangop en een snee taart van laagjes koffiecrème, chocola en cake.

Geen eten om nooit te vergeten. Maar geserveerd in een sfeer van Gronings welbehagen die ons geweldig op ons gemak stelde. Zelden hebben we ons zo behaaglijk gevoeld als in de melkkelder van Melkema. Nog een uur hebben we nagezeten voor het haardvuur en als we hadden kunnen blijven slapen, hadden we dat gedaan.

Maar dat kan niet in de Plaats Melkema. Dus rekenden we 203 gulden af en reden weer de duisternis in. Bij het bord 'Modder!' keken we nog even om. Op zoiets mogen ze in Arnhem best jaloers zijn.

Meer over