Column

'Groenen in Duitsland blijven achter met schone handen'

Zoals gewoonlijk houdt Merkel haar kaarten dicht bij zich, schrijft Paul Brill in zijn wekelijkse column. 'Maar de prelude tot de nu lopende onderhandelingen met de SPD doet vermoeden dat ze een coalitie met de Groenen een serieuze kans heeft willen geven.'

Angela Merkel Beeld ap
Angela MerkelBeeld ap

IJs en weder dienende komt er dus over een paar weken een Grote Coalitie in Berlijn. Nou ja groot - de verhoudingen zijn duidelijk anders dan ten tijde van de eerdere verbintenissen tussen christen- en sociaaldemocraten. In 1966, toen Kurt Georg Kiesinger en Willy Brandt de eerste Grote Coalitie formeerden, bedroeg het verschil tussen CDU/CSU en SPD 34 zetels. Bij de verkiezingen van 2005, die de basis legden voor het tweede rood-zwarte samenwerkingsverband, bleef het christendemocratische overwicht beperkt tot een minuscule 4 zetels, waardoor de SPD een gelijk aantal ministersposten in de regering kon claimen.

Nu bestaat de Bondsdag uit maar liefst 311 christendemocraten tegenover een SPD-fractie van 193 leden. Dat levert nog steeds een grote coalitie op, een supergrote zelfs, maar wel eentje waarin de sociaaldemocraten getalsmatig flink op achterstand staan. Of dat de cohesie bevordert of daaraan juist afbreuk doet, zal moeten blijken. Op voorhand zou ik zeggen dat het de moeilijkheidsgraad van de samenwerking nog vergroot, want de SPD zal extra beducht zijn voor gebrek aan zichtbaarheid, terwijl de christendemocraten juist zullen redeneren dat het numerieke krachtsverschil ook in het regeringsbeleid tot uitdrukking moet komen.

Kaarten
Zou Angela Merkel zich daarvan bewust zijn? Zoals gewoonlijk laat ze zich er niet over uit en houdt ze haar kaarten dicht bij zich. Maar de prelude tot de nu lopende onderhandelingen met de SPD doet vermoeden dat ze een coalitie met de Groenen een serieuze kans heeft willen geven. Natuurlijk zou ook in een groen-zwarte combinatie het krachtsverschil groot zijn, nog een stuk groter dan dat tussen CDU/CSU en SPD. Maar het voordeel is dat de Groenen ook niet de pretentie hebben van een grote volkspartij (die in het geval van de SPD ook nog eens worstelt met het probleem dat ze het contact met een groot deel van haar traditionele achterban is kwijtgeraakt). De Groenen kunnen zich beter schikken in de rol van junior partner.

Maar zij hebben weer een andere handicap, zoals scherp naar voren komt in een analyse die Die Zeit heeft gemaakt van de manier waarop de Groenen hebben geopereerd in de verkiezingscampagne en in het verkennende overleg met de christendemocraten. Namelijk een wezenlijk onvermogen om oude ballast af te werpen en een strategische sprong vooruit te maken.

Dat doet sterk denken aan GroenLinks in Nederland. Bram van Ojik sprak een hartig woordje mee in de onderhandelingen over het begrotingsakkoord dat het kabinet aan een meerderheid in de Eerste Kamer moest helpen. Maar vanaf het begin was duidelijk dat hij nimmer de concessies zou doen die zijn partij tot een volwaardig aandeelhouder in het akkoord zou maken. Dat hij er toch zo lang werd bijgehouden, kwam vooral doordat andere partijen daarin een tactisch voordeel zagen. Na de onvermijdelijke breuk was het voor GroenLinks snel weer business as usual aan de zijlijn.

De Duitse Groenen leken zo'n tien jaar geleden, onder invloed van hun deelname aan de regering-Schröder, juist een andere weg in te slaan en zich te ontwikkelen tot een progressief liberale partij à la D66, die ook aantrekkelijk was voor kiezers die niet voortkwamen uit het actiewezen. Maar in de aanloop naar de laatste verkiezingen ging het roer om en werd scherp naar links gekoerst. Er kwam een verkiezingsprogramma waarmee de partij zich voluit ter linkerzijde van de SPD positioneerde en dat ook nog eens een aantal excentrieke eisen bevatte, zoals de instelling van een wekelijkse vleesloze dag (Veggie-Day). Het leverde een daling in de peilingen op, die nog werd versterkt door het rumoer rond co-lijsttrekker Jürgen Trittin, die dertig jaar geleden bleek te hebben geijverd voor legalisering van pedoseksuele handelingen. Een groot ongemak voor de Groenen, temeer daar ze zelf vaak de hoge toon niet schuwen als het gaat om morele kwesties.

De uitkomst is bekend: de Groenen haalden een teleurstellend resultaat. Voor de lijsttrekkers reden om het veld te ruimen, maar niet nadat ze nog een beslissende rol hadden gespeeld in het groen-zwarte overleg en zich daarbij van hun vertrouwde steile kant hadden laten zien.

Gematigd en groen
Had iets anders verwacht kunnen worden? Op het eerste gezicht niet - maar toch: de Duitse christendemocratie is nog nooit zo gematigd en groen geweest. Naar verluidt was het nota bene CSU-voorman Horst Seehofer die te kennen gaf dat er zeker te praten viel over inperking van de intensieve veehouderij en een ruimhartiger asielbeleid. Maar de Groenen wilden het volle pond en konden niet de wendbaarheid opbrengen die de partij uit haar overzichtelijke hoekje had gehaald en die de komende regeerperiode werkelijk vernieuwend en enerverend zou hebben gemaakt.

Paul Brill is buitenlandcommentator voor de Volkskrant.

Meer over