Grenswaarden nandrolon minimaal

Dieter Baumann, Troy Douglas, Christophe Dugarry, Petr Korda, Djamel Bouras - de lijst met op nandrolon betrapte sporters is lang....

Naar verluidt zou de urine van Edgar Davids 'drie tot vier maal' toegestane waarde nandrolon bevat hebben en dat is een hoeveelheid die volgens sommige dopingwetenschappers te verwaarlozen is. De dopinglijst van het IOC hanteert 2 nanogram per milliliter als grenswaarde. Mochten Davids' cijfers uit Italië correct zijn, dan zou hij 6 tot 8 nanogram nandrolon per milliliter in zijn urine hebben gehad.

Los van de vraag of voetballers voordeel hebben van het gebruik van anabolica, zijn dat waarden die niet per se hoeven te duiden op dopinggebruik. Over nandrolon (eigenlijk: 19-norandrosteron) is nog niet zoveel bekend, pas een jaar of tien is duidelijk dat het menselijk lichaam het, net als testosteron, ook zelf aanmaakt. Sindsdien hanteert het IOC de grenswaarde van 2. Bij vrouwelijke sporters wordt een grenswaarde van 5 nog geaccepteerd.

Het IOC heeft die waarden ooit vastgelegd na een onderzoek onder 180 jonge Canadezen. Volgens de Utrechtse klinisch chemicus prof. Thijssen is het belachelijk om sporters op zulke lage waarden te veroordelen. Sprinter Douglas' urine vertoonde in de zomer van 1999 waarden van 5,8 en 6,1. Enig sportief voordeel hebben sporters bij die lage waarden niet, meent Thijssen.

Deskundigen als dopingvorsers dr. D. de Boer (IOC-lab Lissabon) en prof. W. Schänzer (lab Keulen) hebben al aangegeven dat de grenswaarde omhoog zou moeten. Schänzer sprak in dat verband van een waarde van 10 nanogram, 'of hoger'. Het is sneu voor sporters als Douglas en straks wellicht Davids, dat ze internationaal geschorst worden op de huidige norm.

De recente hausse aan positieve gevallen onder atleten, judoka's en nu vooral voetballers mag opvallend heten, nandrolon is een verre van nieuwe dopingsoort. Even een 'decaatje' pakken, genoemd naar het merk Deca-Durabolin, was (en is?) een begrip, aldus het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo).

Tussen 1991 en 1997 werd de stof liefst 1647 keer aangetroffen in de urine van sporters. Volgens cijfers van de internationale atletiekfederatie IAAF werden in 1999 zeventig nandrolon-positieve atleten geteld, op een totaal gecontroleerd aantal van 34.803. Een percentage van 0.20, nauwelijks hoger dan in andere jaren.

Sinds het begin van de jaren negentig is de apparatuur in de dopinglaboratoria verfijnd. Waarden die er voorheen tussendoor glipten, worden sindsdien door de laboranten wél gemeten. Daarom is het opmerkelijk dat er recent nog zoveel sporters 'betrapt' worden. Een intelligente sporter die wil frauderen zal zeker geen pilletjes nandrolon gebruiken, maar zijn toevlucht nemen tot bijvoorbeeld groeihormonen, die nog niet te vinden zijn.

Er bestaan, al dan niet bewezen, theorieën dat het eten van het vlees van ongecastreerde mannetjesvarkens het nandrolonpeil kan verhogen. Ook zou het lijf onder stress deze spierversterkende anabolica zelf extra kunnen aanmaken. En helemaal aannemelijk is dat 'vervuilde' voedingssupplementen sporen van 19-norandrosteron kunnen bevatten.

Voor het gebruik ervan is vaak gewaarschuwd, onlangs nog door de ook betrapte Britse atleet Mark Richardson: 'Maak niet de fout die ik maakte!' Het is belangrijk alle middelen na te laten kijken op de aanwezigheid van dopinggeduide stoffen, meldt het NeCeDo. Onduidelijk is het of Davids supplementen gebruikt. Mocht dat zo zijn dan zou hij nieuwe middelen dus altijd moeten laten testen. Maar de nood kan blijkbaar hoog zijn. C.J. Hunter, de echtgenoot van Marion Jones, kocht vorig jaar in Rome (!) in zomaar een winkel een pot van het merk Iron Complex. Enkele dagen later testte de kogelstoter zwaar positief.

Meer over