Grappen uit Gouden Eeuw gaan over pies, poep, seks en dwergen

Hollanders stonden in de zeventiende eeuw bekend als het lolligste volkje van Europa. In verslagen adviseerden reizigers hun landgenoten eens een Hollandse herberg te bezoeken, als ze eens goed wilden lachen....

Van onze verslaggever

ROTTERDAM

Nauwelijks een eeuw later werden Hollanders beschouwd als somber en ernstig, een reputatie die tot op de dag van vandaag aanhoudt. Dit zei de Rotterdamse historicus dr. R. Dekker op een congres over humor in de geschiedenis, dat gisteren in Rotterdam werd gehouden. Lange tijd hebben historici humor beschouwd als een te weinig serieus terrein van onderzoek. Dat is eigenlijk merkwaardig, aldus Dekker, omdat humor bij uitstek tijdgebonden is. Als cartoonisten hun werk willen bundelen, moeten zij vaak tekeningen weggooien, omdat ze tien jaar na dato volkomen onbegrijpelijk zijn. Met andere woorden: humor zegt iets over de tijdgeest.

Een van de meest teleurstellende resultaten van de nieuwe humor-research is wel dat de meeste grappen uit de Oudheid of de Gouden Eeuw absoluut niet leuk zijn. In de antieke wereld was humor uitgesproken plat, aldus de Rotterdamse historicus dr. P. Schulten. 'Mismaakte mensen waren een favoriet onderwerp. Rijke mensen hadden dwergen in hun gevolg, het liefst ook nog met een bochel en enigszins uit hun mond ruikend. Die konden ze lekker bespotten.' Seks was eveneens een geliefd thema, getuige het puntdicht van Martialis: 'Je haviksneus die lang en groot is, lijkt op je penis als die bloot is, zodat je door de een te knuffelen, de ander kunt besnuffelen.'

In de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag vond Dekker een handschrift met tweeduizend moppen, verzameld door de zeventiende eeuwse advocaat Aernout van Overbeke. Een schat voor de mentaliteitshistoricus, aldus Dekker, maar slechts een enkele grap vermag een glimlach op het gelaat te brengen. Veel grappen over pies, poep, seks en dwergen. Ze werden niet alleen verteld door het gemene volk, zoals vaak werd aangenomen. Wetenschappers als Barlaeus en Huijgens waren gevierde vertolkers van deze gezellige boert.

De protestantse kerk heeft een grote rol gespeeld in het succesvolle offensief tegen de lolligheid. 'Hoe minder men lacht in het aardse, hoe meer men lacht in het hiernamaals', zeiden dominees. Bovendien staat nergens in de Bijbel dat Jezus heeft gelachen. En er was toch geen hoger doel in het leven dan de navolging Christus', aldus Dekker. Daarnaast maakte de opmars van de etiquette een einde aan het vertellen van pies en poepmoppen in de betere kringen.

Humor bloeit in een open en tolerant klimaat, menen de historici. Sinds de jaren zestig, toen de verzuiling doorbroken werd, menen zij ook een opleving van de Nederlandse humor waar te nemen. De Nederlander is minder ernstig geworden. Schulten: 'Sterker nog, je krijgt soms de indruk dat er een dwang tot humor is. In meer dan de helft van de kennismakingsadvertenties in NRC Handelsblad wordt bij de kandidaat-partner humor gevraagd. En Emile Ratelband wil op zijn graf: 'Ik heb in ieder geval gelachen. U ook?'

Meer over