Gouden Talm

Geen Gouden Palm voor de jonge filmmaker Xavier Dolan: zijn derde speelfilm 'Laurence Anyways' werd niet genomineerd. Balen, want Dolan heeft haast.

Xavier Dolan (23) - haar modieus opgeschoren, gloedvol oranje shirt onder kort smokingjasje - is boos. Hij perst er nog wel een lachje uit, voor het handjevol filmjournalisten dat te gast is in zijn hotelsuite te Cannes, maar de mondhoeken plooien plichtmatig. 'Ik heb het recht teleurgesteld te zijn.'

De regisseur lag op koers dit jaar: met zijn derde speelfilm Laurence Anyways zou het Canadese talent meedingen naar een Gouden Palm, in de competitie van het Cannes Filmfestival, waar jaarlijks ongeveer twintig films aan meedoen. Hij was daar zelf althans vrij zeker van: 'Ik werd vooraf in de pers steeds genoemd als een van de zekere kandidaten. Geluiden die ook vanuit het festival kwamen.' En toen bleef de telefoon stil. Pas op het allerlaatste moment hoorde hij dat zijn film was ondergebracht in het tweede, nog altijd zeer prestigieuze programma-onderdeel Un Certain Regard. Elke filmer van zijn leeftijd zou er een moord voor doen, maar niet Dolan, die sinds zijn debuut J'ai tué ma mère (2009) al kind aan huis is op het belangrijkste mondiale filmfestival. 'Redenen van de afwijzing werden niet genoemd', zegt hij. 'Misschien vonden ze mijn film te lang. Wel: ik heb een periode van rouw beleefd. Nu is het klaar.'

Of hij het competitieve element van het filmen niet iets te serieus neemt?

Dolan blikt de vraagsteller recht in de ogen. Fel: 'Een regisseur die niet droomt van het winnen van een Gouden Palm is een regisseur zonder ambitie, zonder énige ambitie. Ik film niet voor Cannes, maar ik droomde er wel van als jongste regisseur ooit deel te nemen aan de competitie.'

Dolan heeft de naam een tikje zelfingenomen te zijn, maar zijn gedrevenheid is ontwapenend. Hij vertelt zoals hij filmt; zonder schroom. Minder is bij Dolan nooit meer: muziek, aankleding en filmische middelen bestaan om ten volle benut te worden. Hij is streng voor zichzelf, doet zijn zeer amusante en weldadig gestileerde tweede speelfilm, het driehoeksrelatiedrama Les Amours Imaginaires (2010) in een bijzin simpelweg af als 'mislukking'.

Net als zijn eerdere werk handelt ook Laurence Anyways over seksuele identiteit en onmogelijke liefde, dit maal tussen een stel van wie hij het leven voort wil zetten als een zij. 'Het speelt zich af in het begin van de jaren negentig, de Berlijnse Muur is gevallen, er gloort iets van hoop en Laurence, mijn hoofdpersonage, denkt dat hij ermee wegkomt om zijn grote geheim wereldkundig te maken. Hij hoopt dat de vooroordelen zich zullen oplossen, dat de tijd er rijp voor is.'

Dat enkele vooraanstaande internationale critici bij het prijzen van Laurence Anyways opmerkten dat de film met een duur van twee uur een 40 minuten wel wat aan de lange kant is, daar begrijpt hij niets van. 'Sterker nog: ik heb er een uitstekende scène uitgesneden die ik voor de dvd-release gewoon weer ga toevoegen.

'Er valt best wat op Laurence Anyways af te dingen, dit is geen foutloze film. Maar ik ben stellig overtuigd van de lengte: dit is een epische liefdesfilm, geen verhaaltje tussen twee mensen. Ik moet rituelen tonen, zuurstof toelaten, zijsprongen nemen. Ik probeer de verandering en groei in mijn personages vast te leggen, dat kan niet gehaast, dan ben je fucked. Geloof me: er kan geen seconde af.'

De recensie van Laurence Anyways staat op pagina 7.

undefined

Meer over