Golf zelfverbrandingen in Tibet

Jonge Tibetaanse monniken hebben zichzelf in brand gestoken in een protest tegen de overheersing door China en voor vrijheid van religie en terugkeer van de dalai lama.

SHANGHAI - Bij een Tibetaans klooster dat al maanden door het Chinese leger en de veiligheidspolitie wordt bezet, heeft zich een golf van zelfverbrandingen voorgedaan. Acht monniken en ex-monniken, meest jongeren van rond de 20, staken zich sinds maart in brand uit protest tegen de Chinese overheersing van de regio.

Zaterdag stak de zevende, de 19-jarige Norbu Damdrul, zich in brand in de hoofdstraat van het stadje Aba. Hij overleefde zijn actie omdat de Chinese politie de vlammen doofde en hem afvoerde naar een onbekende bestemming. Maandag voegde zich voor het eerst een vrouw, de 20-jarige non Tenzin Wangmo, bij de protesten. Ze overleed aan haar brandwonden bij een vrouwenklooster net buiten Aba.

Volgens een Tibetaanse actiegroep, die zich baseert op ooggetuigen in het gebied, riepen jongeren terwijl ze hun protest uitvoerden leuzen voor de vrijheid van religie en de terugkeer van de dalai lama, de spiritueel leider der Tibetanen. China heeft de laatste jaren niet zo'n serie zelfverbrandingen gezien.

Het Kirti-klooster vormt de kern van het protest. Het ligt in het noorden van de centrale provincie Sichuan, zo'n duizend kilometer ten oosten van de Tibetaanse hoofdstad Lhasa. Het klooster geldt als een militante locatie: honderden monniken deden er mee aan de opstand in 2008. Vooral in Lhasa vielen er toen doden onder Chinese migranten.

De Tibetaanse gebieden van China staan sindsdien onder verhoogde bewaking van leger en politie. Aba en omgeving zijn tot verboden gebied verklaard voor buitenlanders. Chinezen en Tibetanen moeten op de paar toegangswegen door het bergachtige, afgelegen gebied diverse checkpoints passeren.

Chinese staatsmedia hebben de zelfverbrandingen bevestigd, maar geven verder weinig informatie over de achtergrond van de protesten. Volgens de Tibetaanse actiegroep is er onder de bevolking van Aba veel wrok tegen de militaire repressie. Soms komt het daarbij tot confrontaties. Zo zouden zondag in Kege, een andere Tibetaanse plaats in het noorden van Sichuan, twee mannen zijn neergeschoten bij een demonstratie bij het politiebureau.

De zelfverbrandingen in Aba begonnen op 16 maart, toen een 20-jarige monnik zich in brand stak rond de derde verjaardag van de protesten van 2008. Bij de onlusten van drie jaar geleden kwamen volgens de actiegroep in Aba zeker tien Tibetanen om het leven. Na de opstand werden honderden monniken aangehouden en gedwongen wekenlang 'patriottische heropvoeding' te ondergaan. De lastigsten werden onder druk van de Chinese autoriteiten uit de kloosterorde gezet, terwijl de organisatoren van het protest gevangenisstraffen kregen van 10 tot 13 jaar.

Tijdens de heropvoeding krijgen de monniken te horen dat China Tibet heeft verlost van het feodale juk van de dalai lama. Aan het slot van de indoctrinatiesessies is er een ceremonie waarbij elke monnik moet beloven dat hij de dalai lama verwerpt. 'Daar moet je dan een papier voor tekenen', zei een monnik eerder dit jaar vol afgrijzen. Wie weigert moet de sessies overdoen totdat hij tekent.

Peking vierde het afgelopen voorjaar de 60-jarige 'bevrijding' van Tibet. Veel Tibetanen voelen zich echter bezet. In 1950 trok het Rode Leger van Mao Zedong de regio binnen, waarna in 1951 heel Tibet onder controle werd gebracht.

Tibet was vroeger een zelfstandig rijk. Tegenwoordig is de regio, een uitgestrekt plateau van meer dan 4 kilometer hoog waar enkele miljoenen Tibetanen wonen, een strategisch deel van China. Het is de bron van de belangijkste rivieren, de bodem bevat een grote voorraad amper ontgonnen delfstoffen en de regio vormt een buffer met rivaal India.

undefined

Meer over