Geslaagd vijfluik met akoestische vergezichten

De reden waarom er ooit een Nederlands Blazers Ensemble is opgericht is Mozarts serenade in Bes, bijgenaamd de Gran Partita....

Zaterdag brachten ze KV 361 in Bes tot klinken in de Amsterdamse Matinee. Dirigentloos opgesteld, celebreerden acht houtblazers, vier hoornisten en een contrabassist het stuk met een concentratie die, zoals vaker wanneer er een volmaakte Mozart in het spel is, deed denken aan een seance of laatste avondmaal.

Heilig was het stuk al verschillende blazersgeneraties geleden, toen Stravinsky voor het beginnende NBE nog bijna even ver weg lag als de Nieuwjaarsmatinee, dj's en kindercomponisten. Het toneelstuk en de film Amadeus waren ook nog niet bedacht, laat staan gemaakt.

De schok die Mozarts collega Salieri daarin te verwerken krijgt bij het horen van de Gran Partita (adagio: 'O die pijn, pijn zoals ik nooit had gevoeld') is van alle tijden. Het ligt voor de hand dat ook componisten van nu er graag door 'naar huis rennen en hun angsten in hun werk begraven' (

Amadeus, sc 4), liever dan dat ze hun tengels aan de Gran Partita zouden branden. Zelfs wanneer ze daar door het NBE toe worden uitgedaagd, zoals ditmaal Klaas de Vries.

Een kwarteeuw geleden werd zoiets geprobeerd met Tristan Keuris. Hij schreef een Capriccio, voor 'Gran Partitabezetting'. Het nieuwe stuk van De Vries is een vijfluik, getiteld Versus. Ook hier was een 'tegenhanger' de bedoeling. Maar De Vries, die grote voorgangers graag in de houdgreep neemt (hij schreef z'n ensemblestuk Eclips als vervolg op Skrjabins Vers la flamme) trok zich ditmaal terug in aloud modernisme.

Het blazersspectrum van de Gran Partita, met haar hobo's, hoorns, fagotten, klarinetten en lage klarinetten, heeft De Vries doorkruist met trompetten en een tuba. Slagwerkbatterijen en een Hammond bannen elk vermoeden van rococo uit. 'Mozartiaans' blijkt alleen een bepaald soort denken in heldere kleurvlakken. Welluidende akkoorden in het derde deel markeren het. Maar De Vries laat dat zelf uitlopen op, wat hij noemt, een 'dramatische mislukking'.

Misschien vindt de symmetrie die De Vries heeft aangebracht een beetje haar oorsprong bij Mozart, die zichzelf gaarne voorstelde als Trazom. In diens Gran Partita zitten twee menuetten, met elk twee tussenspelen, wat bij de terugkeer van de menuetthema's een gevoel geeft van achterstevoren-blijft-het-eender. De Vries leest Trazom in dat opzicht de les: met een centraal deel waarvan de tweede helft een spiegelbeeld is van de eerste, en een slotdeel dat hetzelfde is als het openingsdeel, maar dan achterstevoren.

Dat lijkt saaier dan het is: statisch en opzettelijk melodie-arm gehouden, levert het vijfluik bij elke wending een fraai akoestisch vergezicht op. Mislukt is Versus al helemaal niet, al hebben jazzy elementen hier en daar de swing van een spijkerbroek met geperste vouw.

Meer over