Gerenommeerde advocatenfirma in VS gekapseisd

Het bankroet van het ooit schatrijke kantoor doet concurrenten vrezen voor een kettingreactie.

VAN ONZE CORRESPONDENT DIEDERIK VAN HOOGSTRATEN

NEW YORK - Als in een juridische thriller van de schrijver John Grisham gaat het gerenommeerde advocatenkantoor Dewey & LeBoeuf uit New York ten onder. De ooit schatrijke, internationale firma heeft een faillissementsprocedure in gang gezet, nadat de meeste topadvocaten er de afgelopen maanden zijn vertrokken - met hun cliënten.

Nooit eerder is een Amerikaans kantoor van deze omvang en invloed gekapseisd. Het abrupte einde heeft deze week een schok in de juridische branche veroorzaakt. 'Als Dewey ten onder gaat, kan dat ons dan ook overkomen?' zei de juridische consultant Kent Zimmerman over de vrees bij de concurrenten. In de financiële wereld veroorzaakte de val van Lehman Brothers in 2007 een kettingreactie, met de crisis en recessie als gevolg.

De zorg is reëel, zegt de Nederlandse advocaat Olav Haazen, werkzaam bij de grote firma Boies, Schiller & Flexner uit New York. Hij spreekt van een trieste ontwikkeling en onderstreept dat Dewey een sterke reputatie had. 'Met name in lobbywerk, verzekeringen, internationale arbitrage en, ironisch genoeg, faillissementen.'

De onderneming ontstond in 2007, net toen de financiële crisis begon, door de fusie van Dewey Ballantine met LeBoeuf, Lamb, Greene & MacRae. Het oorspronkelijke Dewey werd in 1909 opgericht. In de hoogtijdagen waren er veertienhonderd advocaten in dienst, op 26 locaties. Nu worden de kantoren in de VS, Londen, Parijs, Dubai, Hongkong en andere landen ontmanteld.

De juristen van Dewey zaten op de eerste rij, toen Wall Street-firma's zoals Bear Stearns en Lehman instortten. Maar de ondergang van het kantoor komt voort uit eenzelfde mix van schulden, risico's en onrealistische financiële beloften, gebaseerd op winstprojecties. Een schoolvoorbeeld van mismanagement, oordelen experts; terwijl Dewey torenhoge schulden op zich nam, waren de activa op de korte termijn gericht.

De New Yorkse advocatenfirma's zijn door de populaire schrijver Grisham beschreven als luxeuze slangenkuilen in de glazen wolkenkrabbers van Manhattan. Er wordt zeer hard gewerkt voor zeer veel geld. En collega's ondermijnen elkaar slinks als dat zo uitkomt, wat in Grishams boeken leidt tot intrige en geweld.

Dat loyaliteit niet zwaar weegt bij de firma's bleek uit het massale vertrek van de juristen toen zij begin dit jaar onraad roken. Van de driehonderd 'partners', de juristen in de top van de firma, is meer dan de helft vertrokken naar de concurrentie. Door de exodus daalde het vertrouwen in de overlevingskansen van Dewey snel.

Een van de vragen tijdens het faillissementsproces is aan wie de inkomsten toebehoren die de ex-partners vergaren bij concurrerende firma's. Veel lopende zaken werden in gang gezet bij Dewey; ze gingen mee naar nieuwe werkgevers. In een vergelijkbaar proces, rond de sluiting van de firma Coudert, besloot de rechter onlangs dat inkomsten naar het faillissementsbeheer van Coudert dienden te gaan, indien een zaak daar was begonnen. Consultant Brad Hilderbandt zei dat te verwachten in de zaak-Dewey: 'De schuldeisers moeten vechten over wat er over is. Het is onvermijdelijk dat de partners zullen bijdragen.'

undefined

Meer over