NIEUWS

Genocide ontkennen wordt strafbaar in Bosnië- Herzegovina

Het ontkennen van de genocide van Srebrenica, waar in juli 1995 ruim achtduizend islamitische Bosniërs werden vermoord, kan in Bosnië-Herzegovina binnenkort worden bestraft met een gevangenisstraf tot vijf jaar.

Bosnische vrouwen op de begraafplaats waar de slachtoffers van de genocide in Srebrenica begraven liggen. Beeld AFP
Bosnische vrouwen op de begraafplaats waar de slachtoffers van de genocide in Srebrenica begraven liggen.Beeld AFP

Ook het bagatelliseren of goedpraten van misdaden die zijn gepleegd tijdens de Bosnische oorlog wordt strafbaar, net als het verheerlijken van oorlogsmisdadigers, bijvoorbeeld door straten of publieke gebouwen naar ze te vernoemen.

Dat maakte de vertrekkend Hoge Vertegenwoordiger van de Verenigde Naties (VN), de Oostenrijker Valentin Inzko, vrijdag bekend. De post van Hoge Vertegenwoordiger werd gecreëerd na het einde van de oorlog, en deze heeft nog altijd relatief veel macht in het verder diep verdeelde Bosnië-Herzegovina. Het land is een lappendeken van etnische groepen waarvan de drie belangrijkste – Kroaten, Serviërs en Bosnische moslims (Bosniakken) – sinds de oorlog allemaal hun eigen federaties of deelrepublieken besturen. Inzko, die de positie van Hoge Vertegenwoordiger 12 jaar lang vervulde en volgende week wordt opgevolgd, besloot als een van zijn laatste daden het strafrecht aan te passen.

Dat deed hij omdat hij ‘zeer bezorgd [is] dat prominente personen en overheidsinstanties in Bosnië-Herzegovina blijven ontkennen dat tijdens het gewapende conflict genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden zijn gepleegd’.

Genocide

De strafbaarstelling komt ruim 26 jaar nadat rond de moslimenclave Srebrenica ruim achtduizend mannen en jongens afgeslacht werden door Bosnische Serviërs. Het is de enige massamoord in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog die door de VN als genocide wordt bestempeld. De Bosnische Serviërs hebben die classificatie altijd ontkend, net als overigens buurland Servië, dat de Bosnische Serviërs ook tijdens de oorlog steunde. Beide noemen de massaslachting een misdaad, maar weigeren te spreken van genocide.

De beslissing om het erkennen van genocide voortaan strafbaar te maken, leidde in Servische kringen dan ook tot een golf van verontwaardiging. Vooral de Bosnisch-Servische leider Milorad Dodik, president van de deelrepubliek Republika Srpska en een nationalistische hardliner, haalde bijzonder hard uit naar de nieuwe wet, die hij ‘onacceptabel’, noemde.

Republika Srpska

Tijdens een persconferentie zei hij dat de strafbaarstelling ‘de laatste nagel aan de doodskist van Bosnië-Herzegovina’ is, waarna hij dreigde ‘het proces van ontbinding in gang te zetten’. Dodik dreigt al jaren met een formele afscheiding van de Servische delen binnen Bosnië. Het is zijn vaak uitgesproken droom ooit een onafhankelijk Srpska te besturen, zonder inmenging van islamitische Bosniakken of rooms-katholieke Kroaten vanuit de hoofdstad Sarajevo. Buiten de Republika Srpska is eigenlijk iedereen faliekant tegen dat voornemen, omdat afscheiding van een Bosnische deelstaat de opmaat kan zijn naar weer een nieuwe oorlog waarin etnische groepen recht tegenover elkaar komen te staan.

Overigens kan de nieuwe wet van Inzko politici als Dodik ook persoonlijk treffen. Zij maken zich immers geregeld schuldig aan genocide-ontkenning. Vrijdag nog zei president Dodik in de microfoon van Klix News: ‘Deze genocide heeft niet plaatsgevonden. Serven moeten dit nooit accepteren.’

Veel inwoners in zijn Republika Srpska zijn dat roerend met hem eens. In Bosnisch-Servische steden als Banja Luka wordt Ratko Mladic doorgaans gezien als beschermer van het Servische volk, in plaats van als de oorlogsmisdadiger die hij volgens de rechter is. Ook in de stad Pale, tot 1998 de hoofdstad van de Republika Srpska en de plek waarvandaan de Bosnische Serviërs halverwege de jaren negentig hun aanvallen uitvoerden, staat nog altijd een studentencomplex dat naar Radovan Karadžic is vernoemd. Karadžic en Mladic zijn beiden door het Joegoslavië-tribunaal schuldig bevonden aan genocide.

Meer over