Geniet in stilte

Wie eenmaal gewonnen is voor de zwijgende film, moet beslist deze klassiekers ook zien.

KEVIN TOMA

Sunrise (F.W. Murnau, 1927) 1

De Duitse regisseur Murnau (Nosferatu, 1922) gold als de grootste cineast ter wereld toen studiobaas William Fox hem naar Hollywood haalde. Hij kreeg van Fox volledig carte blanche om zijn ultieme film te realiseren, en dat werd Sunrise; inderdaad de mooiste zwijgende film ooit en een van de beste films aller tijden. Het verhaal heeft met de driehoeksverhouding tussen een boerenechtpaar en een vampachtige stadsvrouw weinig om het lijf. Maar Murnau tilt het naar ongekende hoogten met zijn vloeiende camerawerk, de schitterende belichting en het opmerkelijk 'echte' acteerwerk.

Lucky Star (Frank Borzage, 1929) 2

Een kassucces werd Sunrise niet, maar Fox liet de film niettemin als voorbeeld aan zijn andere regisseurs zien. De invloed van Murnau is misschien wel het sterkst terug te vinden in de subtiel-sentimentele drama's van Frank Borzage, zoals het pastorale Lucky Star. Een amper volwassen plattelandsmeisje vindt haar levensgeluk in elektricien Tim, maar ziet hem uit haar armen glippen wanneer hij naar het Europese oorlogsfront moet. Gehavend keert hij terug, maar ook in deze bij vlagen hartverscheurende romance blijkt de liefde tot kleine wonderen in staat.

Flesh and the Devil 3 (Clarence Brown, 1926)

John Gilbert en Greta Garbo waren nog geen vlammend liefdespaar toen ze in Flesh and the Devil voor het eerst het doek deelden, maar de vonken spatten er niettemin vanaf. Garbo is de femme fatale die met haar even zwoele als kille aantrekkingskracht een wig drijft tussen twee boezemvrienden; precies het basismateriaal waarmee de licht- en schaduw-kunstenaars van de zwijgende cinema als geen ander raad wisten. Alleen al de scène waarin Garbo Gilbert verleidt door haar sigaret in zijn mond te steken, is goud waard.

The Crowd (King Vidor, 1928) 4

Hollywood hield altijd al van mensen die zich murw vechtentegen het systeem, maar zelden werd die strijd zo barok en grimmig verfilmd als in The Crowd. Kantoorslaaf John probeert er met geliefde Mary het beste van te maken, wanneer hun levens stuklopen op een verschrikkelijke tragedie. En zelfs wanneer alles nog enigszins goed komt, zijn er die machtige shots waarin de personages letterlijk kopje onder gaan: van een eindeloos groot kantoor, tot de verpletterende slotscène waarin John met zijn gezin naar een theatershow gaat en ze door een achterwaartse camerabeweging in de mensenmassa verdwijnen.

The Wind (Victor Sjöström, 1928) 5

De goddelijk mooie, maar toch ook zo menselijke Lilian Gish speelt een meisje dat haar verstand dreigt ter verliezen wanneer ze na allerlei omzwervingen in een rammelend huis op de prairie strandt, ingeklemd tussen haar aanstootgevende echtgenoot en een veel te handtastelijke aanbidder. De uit Zweden overgewaaide Sjöström draaide onder barre omstandigheden in de Mojavewoestijn, de alsmaar voortrazende wind wekkend met acht vliegtuigpropellors. De scène waarin Letty naast haar dode minnaar knielt, terwijl het zand van zijn lijk wordt geblazen en de storm de gedaante van een reusachtig wit paard aanneemt, blijft overrompelend hallucinant.

undefined

Meer over