Gekkie

Maar laat ik het dan anders vragen: was jij gek? Of nee, laat ik het nog anders vragen: was jij knettergek? Je lacht. Hij lacht dames en heren. Deze gek hier naast mij zegt: ik ben gek. En gek was hij dames en heren. Laten we even kijken naar vanmiddag. (...) U hebt het gezien. Deze man is gek. En een Amsterdammer. Een rare maffe Amsterdammer. Een Amsterdammer met een, ja, wat is het? Met, en dat is misschien heel raar wat ik nu ga zeggen, een Amsterdammer met een hart. Met een joie de vivre waar je, ja wat word je er van? Blij? Is dat het woord? Hij zit hier nu naast me te lachen en knipoogt naar die andere gek bij mij aan tafel, Michael Boogerd. Michael, mag ik het jou vragen? Was hij gek? (...)


'Over wie hebben we het dames en heren? Over een man die met zijn blote poten midden in de klei is blijven staan. Over een mens hebben we het. Maar, let u op, een GEK mens. Want jij bent gek. Toch?'


Ongeveer zo kondigde Mart Smeets eergisteren, aan het begin van De Avondetappe, oud-wielrenner Michel Cornelisse aan. En dan weet je als geoefend kijker meteen wat er gaat gebeuren: zo'n man gaat de hele uitzending heel geforceerd gek zitten doen. Steeds als hij iets vertelde, werd er net iets te hard gelachen.


Het deed mij sterk denken aan een programma als Dit is uw leven. Daar gebeurde dat ook altijd. Zat er een stokoude televisieheld of een vergeten volkszanger en dan riep Mies Bouwman of Astrid Joosten heel hard in zijn oor: 'We hoorden van iedereen dat u altijd zo grappig was. Dat u iedereen in de maling nam! Klopt dat?' En dan ging zo'n man heel moeizaam op één hand staan en trok een raar gezicht. 'Nou, dit deed ik dan en dan kon je ze opvegen.'


Een van de andere gasten aan tafel was Michael Boogerd. Die zat er wat stuurs bij. Hij wil voorlopig nog geen gek zijn. Je voelt aan alles dat Michael het moeilijk heeft in zijn nieuwe rol. Die stopt in Frankrijk - de macht der gewoonte - nog elke ochtend per ongeluk een natte zeem in zijn spijkerbroek. Ik vind dat heel lief. Je proeft bij Michael in ieder woord het diepe verlangen naar vroeger. Aan tafel spreken ze er schande van, de meedravende dronken toeschouwers, maar hij zou er een moord voor doen, als iemand weer eens drie meter met hem meeholde.


De andere gast, oud-wielrenner en journalist Thijs Zonneveld, zat maandagavond nog driftig over spiermassa, windtunnels en infusen te oreren, maar liet zich nu door Mart verleiden tot gekkigheid. Hij vertelde, na een enorme inleiding, een verhaal dat als een doodziek paard in elkaar stortte. Wiggins had een bierkelder maar die was steeds leeg omdat hij alles opdronk.


Er werd wel gelachen, maar met de dood in de kaken. Het was meteen duidelijk: Thijs Zonneveld is nog lang niet zo'n fijn gekkie als die rare, gekke, malle Michel Cornelisse.


Meer over