Overzicht

Geiten, blusvliegtuigen en militairen kunnen het vele vuur niet aan

Portugal lijkt na twee inferno’s zijn les te hebben geleerd: het zette zelfs geiten in tegen de branden. Italië en Griekenland waren eveneens voorbereid. Maar niets was bestand tegen de enorme overmacht waarmee het vuur tekeer is gegaan.

Ook in Frankrijk woeden branden, zoals hier bij het dorp Fabrezan. Beeld AFP
Ook in Frankrijk woeden branden, zoals hier bij het dorp Fabrezan.Beeld AFP

Portugal

De bosbranden van 2017 staan bij de Portugezen in het collectieve geheugen gegrift. In totaal kwamen 114 mensen om bij twee inferno’s in juni en oktober. Grote stukken bos in het midden en noorden van het land gingen in vlammen op, tientallen bewoners stierven op hun vlucht in auto’s. Het waren de ergste branden in de moderne geschiedenis van Portugal.

Ook in alle jaren nadien werd het land getroffen door zomerse branden, al waren de gevolgen minder groot. Dat Portugal zo makkelijk ten prooi valt aan het vuur, komt door meerdere factoren: de droogte en de uitgestrekte natuur, uiteraard, maar ook de ontvolking van het binnenland. Branden verspreiden zich snel over de grote verlaten gebieden. Ook de landbouw speelt een rol. Boeren planten enorme hectares eucalyptusbos, maar de olie die zij uit deze bomen winnen is uiterst ontvlambaar.

null Beeld

Sinds 2017 nam Portugal een reeks maatregelen om het vuur af te remmen. Voorkomen is het mantra. Grondbezitters moeten tien meter aan grond langs wegen vrijhouden, zodat branden minder snel overspringen. Wie niet luistert, kan een boete en een bezoek van de nieuwe rurale brandweer verwachten, die desnoods zelf de kettingzaag pakt. Ook het preventief verbranden van landbouwgrond in de winter moet verspreiding tegengaan.

De Portugezen grepen bovendien terug na een oude bondgenoot: de geit. De overheid geeft geitenherders een klein bedrag per dag om hun dieren te laten grazen in de gebieden die het grootste risico lopen. De geiten moeten de lage begroeiing weggrazen die anders brandstof is voor het vuur. (Dion Mebius)

Brandweerlieden monitoren een bosbrand in centraal-Portugal. Beeld AFP
Brandweerlieden monitoren een bosbrand in centraal-Portugal.Beeld AFP

Italië

Wat in 2020 het grote probleem was in de ziekenhuizen van Noord-Italië, lijkt een jaar later het probleem in de brandweerkazernes van het zuiden: er is onvoldoende mankracht om iedereen te helpen.

Dat komt niet omdat Italië zo slecht is voorbereid op de branden die het zuiden van het land momenteel teisteren. Het land beschikt, naast een reeks andere blusvliegtuigen, bijvoorbeeld over 15 zogenoemde canadair, een speciaal watervliegtuig dat puur is ontwikkeld voor het bestrijden van grote branden. Ter vergelijking: Spanje heeft 7 van dat soort canadairs en het veel grotere Turkije moet het doen met slechts drie blusvliegtuigen.

null Beeld

Het grote probleem is alleen: er is momenteel veel te veel vuur. Eind juli waren er bij de Protezione Civile, de Italiaanse overheidsdienst die rampen bestrijdt, al 558 regionale verzoeken ingediend om die 15 vliegtuigen te gebruiken en ook qua kleine brandjes loopt het alle spuigaten uit. Tussen 15 juni en 9 augustus moest de Italiaanse brandweer al 44.442 keer uitrukken vanwege natuurbranden, tegenover ongeveer 26 duizend keer de hele vorige zomer.

‘We zouden ons niet alleen moeten concentreren op het blussen van branden, maar ook op het voorkomen ervan’, probeerde Fabrizio Curcio van de Protezione Civile deze week over de horizon heen te kijken. Het bleek alleen een horizon die trilt van de hitte want vanaf woensdag worden in Zuid-Italië temperaturen verwacht van wel 48 graden – een hitte die vrijwel ieder bos dezelfde brandbaarheid geeft als een doosje lucifers en waardoor in zeker acht grote Zuid-Italiaanse steden – waaronder Bari, Palermo en Rome – woensdag een code rood zal worden afgekondigd. (Jarl van der Ploeg)

Vrijwilligers aan het werk bij Palermo in Sicilië. Beeld AP
Vrijwilligers aan het werk bij Palermo in Sicilië.Beeld AP

Griekenland

Na de afgelopen tien jaar al te zijn overrompeld door een financiële crisis, een migratiecrisis en een covidcrisis, klopt inmiddels ook het vierde grote probleem van deze tijd op de poorten van Griekenland: de klimaatcrisis. Omdat de grond, dankzij de langste en heftigste hittegolf sinds 1987, momenteel kurkdroog is, konden in een paar dagen tijd ruim 90 duizend hectare Griekse grond in vlammen opgaan.

Hoewel Griekenland relatief veel investeert in de bestrijding van natuurbranden - het aantal Griekse brandweerlieden en -blusvliegtuigen neemt al jaar na jaar toe - bood premier Kyriakos Mitsotakis deze week toch zijn excuses aan ‘voor iedere zwakheid’ die hij tentoon had gespreid in de pogingen het vuur te temmen.

Reden: de kritiek die vooral vanaf Evia klonk. Dat is een eiland dat met 50 duizend verbande hectares bovengemiddeld hard werd getroffen, maar waar volgens het regiobestuur desalniettemin te weinig hulptroepen werden ingezet, omdat de meeste brandweerlieden actief waren in Athene. Mitsotakis was dat deels met ze eens, getuige de 500 miljoen euro die hij beschikbaar stelde om de slachtoffers op Evia te compenseren.

null Beeld

Het probleem van Griekenland is ook niet het gebrek aan politieke wil om de branden te bestrijden. Het probleem is dit jaar vooral de hoeveelheid vuur. Want ondanks de inzet van het leger en ondanks extra hulptroepen uit meer dan twintig landen, moesten er alsnog keuzes worden gemaakt over welke branden voorrang kregen.

‘Het is duidelijk dat de klimaatcrisis de hele planeet treft’, zei Mitsotakis in een nationale televisietoespraak. ‘Dat is de verklaring, maar het is geen excuus of alibi. Want we hebben misschien wel alles gedaan wat menselijk mogelijk was, maar we moeten ook toegeven dat dat, in de ongelijke strijd die we momenteel voeren met de natuur, niet genoeg was .’ (Jarl van der Ploeg)

Brandweer en vrijwilligers in touw op het Griekse eiland Evia. Beeld AFP
Brandweer en vrijwilligers in touw op het Griekse eiland Evia.Beeld AFP