Geen singsangsong en lalala meer

Waarom Denemarken en Engeland vanavond niet winnen, terwijl zij toch de beste bijdragen hebben, en waarom Cornald Maas het Eurovisie Songfestival nog steeds niet zat is, sterker: er vanavond ademloos vanaf de bank naar zit te kijken met een zak chips in de hand....

WINDSTILTE? Geen nieuws? Alleen maar omdat Nederland niet meedoet?

U vergist zich. Het Eurovisie Songfestival, dat vanavond in Talinn in Estland zijn 47ste editie beleeft, is populairder dan in jaren het geval is geweest. Op Eurovisie-internetsites wordt al maandenlang gespeculeerd. Over de kwaliteit van de liedjes uit de nationale voorronden, over de diskwalificatie van het lied dat Litouwen had willen inzenden, over de kleding van de presentatoren. (Voor de liefhebbers: 'The costumes shall be a combination of modem and classical clothes.')

En over de kansen van de 24 inzendingen, natuurlijk. Nederland is er niet bij, omdat Europa niet van blote voetjes hield en Michelle vorig jaar afstrafte. We scoorden uiteindelijk één punt te weinig om voor 2002 verzekerd te zijn van deelname.

Maar dat doet aan de Eurovisiejubel niets al. Ook Nederlandse Eurovisiefans speculeren er danig op los. Recente beslissingen van de EBU (European Broadcasting Union) maakten het tot voor kort noodlijdende festival – dat steeds minder kijkers trok en geen hits meer opleverde – weer spraakmakend. In de meeste landen oordeelt niet langer een vakjury maar de kijker, via televoting (behalve dan in een paar voormalige Oostbloklanden waar de telefooncentrales te krakkemikkig zijn); de taalkeuze werd vrijgesteld en dus zingen bijna alle landen in het Engels; er kwam – vanwege een te groot aantal belangstellenden – een nieuw degradatiesysteem.

En omdat sinds de invoering van televoting gemakkelijk in het gehoorliggende popdeuntjes het best scoren zet Europa in op catchy drieminuten-liedjes – doorsnee-top-40, redelijk modern en hitgevoelig, maar, volgens beproefd Eurovisieconcept, toch ook een beetje gedateerd. Want al te gisse voorhoedevechters worden, zo leert de ervaring, tijdens de puntentelling genadeloos afgestraft. Oostenrijk kopieerde voor het Songfestival van vanavond de jaren zeventig- klassieker All right now van The Free, Finland jatte een muzikaal leitmotiv uit Love hangover van Diana Ross, België zet een goedgemutste Tom Jones in die wordt gesteund door drie Nederlandse achtergrondzangeressen, Slovenië beleeft vanavond, in het kielzog van Dana International, zijn coming out met drie als stewardessen vermomde travestieten, en Zweden beleeft zijn coming out met drie zwarte zangeressen en een kansrijke retro-discostamper. (Maar ja, weet de Balkan deze revolutie wel op waarde te schatten?)

Waar zijn de chansons? En de singsangsong- en lalala-frasen die, in een brij van onverstaanbare woorden, voor de broodnodige Eurovisie- herkenbaarheid moesten zorgen? En waar zijn de belegen danspasjes en dito outfits van zangers en zangeressen die zo te horen nog geen kaas hadden gegeten van popmuziek?

Ze zijn nergens meer. Het Enrevisie Songfestival is een MTV-festival geworden met Soundmix-allure. Doe vanavond de ogen dicht, let eens op de latin beat van de op een na laatste bijdrage, en probeer te raden uit welk land die afkomstig is. Uit Letland? Griekenland? Malta? Of toch Spanje?

En dat terwijl de EBU er dit jaar zo stevig op aandrong dat landen duidelijker uit hun eigen muzikale tradities zouden putten. Het eind van het liedje is dat Litouwen leentjebuur speelt bij Depeche Mode en Rusland met zijn eigen Backstreet Boys komt. En voor Israël maakt zangeres Sarit Hadad van de nood een deugd. Zij zingt, tegen het decor van geweldsexplosies in eigen land, Light a candle, Light a candle with me. Tweede dichtregel: A thousand candles in the dark will open up our hearts.

Dus, toegegeven; niet alle folklore werd verbannen. Frankrijk en Zwitserland brengen bovendien Franstalige chansons, Turkije presenteert traditionele toeristenmuziek en Duitsland komt met een representant van het Eurovisiegenre dat door componist Ralph – Ein bisschen Frieden – Siegel zelf geschapen werd; mierzoet, vredelievend, toegankelijk, behoedzaam verwijzend naar internationale muziektrends. Corinna May zingt de discokraker I can't live without music en Corinna May is blind – haar hulpeloze danspasjes zullen televoters, zo hoopt in elk geval Siegel die nooit vies is van een gimmick, ontroeren. Zijn 16de Eurovisie-bijdrage is dan ook een van de grootste kanshebbers voor de zege.

May zal net als alle andere artiesten worden gesteund door geluidsbanden. Sinds het orkest in 1999 werd afgeschaft, is het Eurovisie Songfestival in muzikaal opzicht nog meer vervlakt dan al het geval was. Maar het verliest geen terrein, integendeel. Televoting vergrootte, zo blijkt, de betrokkenheid van het tv-kijkende Europese publiek. En dat geldschieters en platenmaatschappijen tijdens nationale voorronden een stevige vinger in de pap houden werpt eveneens zijn vruchten af. Een groter – en vooral jonger – publiek voelt opeens weer voor de soms uitzinnige acts die het eurovisiepodium betreden. In Duitsland zorgden carnavaleske punk en de wederopstanding van doodgewaande schlagerkoningen voor een hoop rumoer: in België en Zweden leverden een lange reeks televisievoorronden een hoop hits op: in Spanje werd het op Big Brother en Starmaker geïnspireerde Operación Triunfo een regelrechte hype.

Ook Nederland zal, naar alle waarschijnlijkheid, in 2003 een aantal televisievoorronden organiseren voor Loes Luca op 1 maart uiteindelijk de Nationale Finale presenteert. En verder moet alles de komende jaren vooral bij het oude blijven. De douze points, de toeristische inleidende filmpjes, de verkleedpartijen van de presentatoren, en de ergernis, tijdens de jurering, over parti-pris – ook dát is Eurovisiefolklore. Vanavond zal wederom blijken dat de beste bijdragen – die van Engeland en Denemarken – niet winnen en dat televoters zo mogelijk nog bevooroordeelder zijn dan vakjury's. Balkanlanden en Baltische staten zullen elkaar zoveel punten toespelen dat ze de steun van de rest van Europa niet eens nodig hebben om verzekerd te zijn van deelname komend jaar. Landen met weinig innig bevriende buren – Nederland, Zwitserland, het dit jaar ook afwezige Ierland – trekken intussen aan het kortste eind.

Europe's living a celebration, zingt de Spaanse Rosa vanavond. Niet voor gelegenheidskijkers die, nu Nederland geen acte de présence geeft, zullen afhaken. Maar diehards laten zich niet van de wijs brengen en kijken natuurlijk wel naar dit internationale gezelschapsspel, mét puntenlijstjes en scoreborden. Schrale troost voor zwartkijkers die daar de lol niet van inzien en ritueel schamperen over het gebrek aan kwaliteit: het Songfestival lokt – anders dan Eurovisievoetbal – tenminste geen veldslagen uit, en houdt de Eurovisiegedachte hoog. Hoe zou de doorsnee Europeaan anders op vredelievende wijze kennis nemen van Estland? Van Litouwen? Of Letland? 'I love latin songs', zegt de Letse zangeres Marija Naumova in een op internet gepubliceerd interview, 'I don't like national problems at all.'

Meer over