Geen revolutie

NU over twee slepende kwesties, de WAO en het zorgstelsel, toch nog vrij snel overeenstemming is bereikt, staat weinig meer de vorming van een kabinet van CDA, VVD en LPF in de weg....

Na de vorming van het eerste Paarse kabinet, beschouwd als een doorbraak in de naoorlogse politieke verhoudingen, liet premier Wim Kok niet na te benadrukken dat het een 'normaal' kabinet was. Als bij de huidige formatiebesprekingen één ding in het oog springt, is het dat we opnieuw een normaal kabinet lijken te krijgen. De LPF blijkt zich in recordtijd te hebben getransformeerd van een revolutionaire voorhoede tot een partij die zich in de onderhandelingen nauwelijks onderscheidde van de door haar veel bekritiseerde 'gevestigde' partijen.

LPF-leider Mat Herben beriep zich er de afgelopen weken regelmatig op een brugfunctie te vervullen tussen CDA en VVD. Die functie is niet zo vreemd, gezien het conservatief-liberale karakter van zijn partij, maar maakt ook duidelijk dat het de LPF moeilijk zal vallen zich tussen beide andere partijen te profileren. Beroofd van haar populaire leider zal de LPF, net als eerder D66, ervaren hoe moeilijk het is weerstand te bieden aan de krachten van een systeem dat iedere partij welhaast dwingt zich aan te passen.

De smalle marges van de Nederlandse politiek zijn er de oorzaak van dat het regeerakkoord bij voorbaat van zijn scherpste kantjes is ontdaan. Dat de politieke balans naar rechts is verschoven, staat buiten kijf. Dit komt het duidelijkst tot uiting in het asielbeleid en in kwesties als het milieu en ruimtelijke ordening. Maar op sociaal gebied lijkt het CDA met succes aan de rem te hebben getrokken.

Het akkoord over een nieuw zorgstelsel heeft alle kenmerken van een compromis volgens de beste Nederlandse tradities. Nieuw is hier trouwens betrekkelijk: het idee een einde te maken aan het onderscheid tussen ziekenfonds en particuliere verzekering is allerminst nieuw. Pogingen in deze richting liepen eerder stuk op het verzet tegen een systeem dat marktwerking boven solidariteit plaatste. Het meest opmerkelijke aan het huidige akkoord is dan ook dat deze patstelling lijkt te zijn doorbroken. Of het nu bereikte compromis het goede van beide werelden in zich verenigt, moet bij de uitwerking blijken.

Dat de LPF zich heeft neergelegd bij een systeem dat vanwege alle compensatieregelingen bij voorbaat nieuwe bureaucratie creëert, is een andere aanwijzing dat de verhoudingen zich snel hebben genormaliseerd.

Meer over