ReportageKerst op de covid-afdeling

Geen Kerst op de covid-afdeling: ‘De buitenwereld ziet niet meer hoe het er bij ons aan toegaat’

Niets doet denken aan Kerst op de covid-afdeling van het Dijklander Ziekenhuis in Hoorn. Niets ook doet denken aan de warme dankbetuigingen die het zorgpersoneel ontving tijdens de eerste coronagolf. Behalve het aantal covid-patiënten dan, en de meer dan gigantische werkdruk. ‘We zijn bekaf.’

De covid-afdeling van het Dijklander Ziekenhuis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
De covid-afdeling van het Dijklander Ziekenhuis.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

In het Dijklander Ziekenhuis in Hoorn heeft de coronazorg de vorm van een harmonica aangenomen. Philip Vriend, teamleider spoedeisende hulp, wijst naar de houten dwarsbalken aan het systeemplafond: de dikke, plastic sluisgordijnen kunnen razendsnel worden verhangen zodra er extra isolatieruimte nodig is. En dat gebeurt vaak de laatste weken, zegt Vriend, de telefoon aan zijn oor voor continu overleg. Vorige week ging zijn afdeling vier keer een paar uur op slot vanwege te grote drukte, ambulances moesten uitwijken naar een ander ziekenhuis.

De kerstkransen aan de muur lijken misplaatst, het ziekenhuis gaat geen feestelijke tijd tegemoet. Vraag het op de intensive care, op de covid-afdeling, op de spoedeisende hulp en de artsen en verpleegkundigen zeggen allemaal hetzelfde: ze zien op tegen de feestdagen. Het aantal opnames stijgt rap, terwijl tegelijkertijd de personeelsproblemen toenemen. Die ochtend is er spoedberaad geweest. Want op de ic is het ziekteverzuim de afgelopen weken verdrievoudigd, op de covid-afdeling kon het eindejaarsrooster alleen nog maar rondkomen dankzij een aantal leerling-verpleegkundigen die wilden komen helpen, en op de spoedeisende hulp (SEH) worstelt hoofd Marieke Ramaker met een kerstnachtdienst die misschien moet worden overgenomen. Nergens meer een uitzendkracht te vinden. Het is dag 281 van de non-stop coronazorg en iedereen is bekaf, zegt zorgmanager acute zorg Arjan Lindeboom.

Acht maanden geleden

Wat een verschil met acht maanden geleden, toen datzelfde ziekenhuis in recordtijd werd omgebouwd om de stroom coronapatiënten op te vangen en toen medewerkers daar in de Volkskrant trots verslag van deden. Het was een tijd waarin ze struikelden over de taarten, de chocola, de bloemen en de kaarten, weken waarin applaus klonk en ze voorrang kregen in de supermarkt. Maar de beeldvorming is gekanteld, het virus is allang niet meer eng, het virus is hooguit hinderlijk, en daarmee lijkt de urgentie van hun werk verdwenen, merkt Ramaker. De lege straten van weleer hebben plaatsgemaakt voor volle snelwegen, op straat en in de supermarkt ziet ze de gemakzucht toeslaan. ‘En dat begint me te irriteren, want wij werken ons hier het schompes.’

Iedereen kent inmiddels wel iemand die corona heeft gehad en daar zonder veel problemen doorheen is gerold, zegt zorgmanager Lindeboom. ‘Die patiënten domineren nu het beeld, corona betekent snotteren en wat hoofdpijn, terwijl de situatie in het ziekenhuis niet is veranderd. De buitenwereld ziet niet meer hoe het er bij ons aan toe gaat.’

De patiënten komen nog net zo ziek binnen als begin dit jaar, zegt verpleegkundige Inge Bense, die rondleidt over een praktisch volle covid-afdeling, waar niets aan Kerst doet denken. De zaaldeuren staan open: in elke kamer liggen patiënten met zuurstofmaskers op. Van drie kamers is de deur dicht, daarachter gaat het niet goed. Ja, er is nu meer over het virus bekend, erkent arts-assistent Hidde Koot, er is zelfs een medicijn dat kan worden ingezet, maar dat maakt het werk op de covid-afdeling niet opeens eenvoudig.

Niet-pluisgevoel

‘De gevolgen van een corona-infectie kunnen nog net zo onvoorspelbaar zijn. Het komt voor dat patiënten die ’s morgens goed aanspreekbaar zijn en ’s avonds acuut verslechteren en naar de ic moeten.’ Waarom dat gebeurt, blijft ondanks alle kennis die inmiddels is opgedaan onduidelijk. ‘We missen bij deze ziekte nog altijd het niet-pluisgevoel’, zegt longverpleegkundige Lisette Schouten. ‘Dat maakt dat we ons een stuk onzekerder voelen en dat is niet fijn.’

‘Ik ben trots op het team, maar daarmee heb ik niet de drukte weggepoetst’, zegt ic-hoofd Annelies Zijlstra. Het dienstrooster op de intensive care is een constante puzzel, waarbij personeel noodgedwongen heen en weer wordt geschoven tussen twee locaties. Uitbreiding van de afdeling? Eén ic-bed erbij betekent drie diensten extra regelen en waar haalt ze dat extra personeel nog vandaan? ‘Ik moet iedere dag zo’n groot beroep op ze doen, al maandenlang, ik voel me echt bezwaard.’

Vanuit de spoedeisende hulp van het Dijklander Ziekenhuis wordt een covid-patiënt overgeplaatst naar een ander ziekenhuis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Vanuit de spoedeisende hulp van het Dijklander Ziekenhuis wordt een covid-patiënt overgeplaatst naar een ander ziekenhuis.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Op de spoedeisende hulp in Hoorn wordt de toestroom ’s middags zo groot dat het harmonicamodel het niet meer houdt: zeven patiënten moeten worden overgeplaatst, tot Hilversum en Groningen aan toe. Teamleider Philip Vriend laat in de hal het bord zien waarop het personeel met kleurige magneten per dienst kan aangeven hoe het staat met werkdruk en werkplezier. Op zijn computer toont hij dansende rode en blauwe lijnen die door de weken heen de slagkracht van zijn team weerspiegelen, allemaal bedoeld om overzicht te houden en elkaar te ondersteunen, zegt hij.

Gevolgen van kerst

‘We proberen met man en macht het personeel te stutten’, zegt zorgmanager Lindeboom, die net als zijn collega’s de komende dagen angstvallig de besmettingscijfers in de gaten zal houden. ‘Als iedereen met Kerst bij elkaar kruipt, ondervinden wij daarvan de gevolgen.’ Ondertussen houdt het Westfriese zorgpersoneel de moed erin. Op het kerstmenu staan hertensukade, rode kool met appelstroop en aardappel-knolselderijpuree, dat op de kamer van de patiënten zal worden geserveerd. Op de covid-afdeling zal verpleegkundige Inge Bense met haar collega’s de schilderijtjes uitdelen die basisschoolleerlingen hebben gemaakt voor ‘de zielige mensen in het ziekenhuis’.

Maar het spandoek dat maandenlang op de parkeerplaats van het ziekenhuis hing is onlangs weggehaald. ‘Goed bezig, jullie zijn top’: dat hadden dankbare omwonenden in maart nog op een groot wit laken geschreven. Na maanden klapperen in de wind was die boodschap verregend en verwaaid.

Voor veel mensen is 2020 een jaar geworden van rouw, verlies en verdriet.’ Zo vatte premier Mark Rutte het jaar samen in zijn tweede toespraak aan het Nederlandse volk. Het land ging op slot, wederom. Kerstmis vindt in lockdown plaats. De Volkskrant reconstrueert hoe het leven – ons normale leven –in twaalf maanden tijd op zijn kop werd gezet.

Meer over