'Geen civiele taken voor soldaten'

Als er Nederlandse militairen worden gestationeerd in de Afghaanse provincie Uruzgan, moeten die zich volledig onthouden van ontwikkelingswerk. Het kabinetsplan om de militairen in te zetten voor 'civiel-militaire coöperatie' en het uitvoeren van kleine ontwikkelingsprojecten, moet daarom worden gewijzigd....

Dat zeggen woordvoerders van hulporganisaties die bereid zijn om dewederopbouw in Uruzgan te steunen, waaronder de organisaties Cordaid,Novib, Icco en Healthnet.

Het standpunt van de organisaties wijkt af van dat van Artsen zonderGrenzen (AzG) en het internationale Rode Kruis. Die hebben laten weten nietin Uruzgan te willen werken zolang één van de strijdende partijen henniet accepteert.

Caroline van der Veeken van Cordaid: 'Voorkomen moet worden dat onzehulpverleners op één hoop worden gegooid met de militairen.'

De kans daarop bestaat omdat de Nederlandse militairen worden ingezetvoor Civiel-Militaire Coöperatie; oftewel CIMIC-activiteiten. Militairenmoeten in de zuidelijke provincie contacten aanknopen met plaatselijkeniet-gouvernementele organisaties en kleinschalige hulpprojecten uitvoeren,staat in de brief van het kabinet. 'In eerste instantie worden dezeactiviteiten voornamelijk uitgevoerd door militair personeel'.

Volgens directeur Sylivia Borren van ontwikkelingsorganisatie Novib isdat geen goed idee. 'Schoenmaker blijf bij je leest, vinden wij. Onzelokale partners zeggen dat er wél militairen naar Uruzgan moeten gaan,maar alleen om te zorgen voor veiligheid. Verder moeten ze zoveel mogelijkin de kazerne blijven.'

Het ministerie van Defensie wil de Nederlandse troepen deels onderbrengen in een 'provinciaal reconstructie team' dat de activiteiten vanhulporganisaties gaan 'aanmoedigen en zo mogelijk faciliteren'.

In de provincie Uruzgan wekt een militair reconstructie team te veelverwarring, denkt Paul van den Berg van de interkerkelijke organisatieIcco. 'Het woord reconstructie suggereert dat je aan ontwikkelingswerkdoet, en dat is wel het laatste dat je aan soldaten moet overlaten. Het isbegrijpelijk dat men scholen en moskeeën willen opbouwen om het hart vande bevolking te veroveren. Maar het is gevaarlijk wanneer het verschiltussen ontwikkelingswerkers en militairen daardoor verdwijnt.'

'Juist in Uruzgan groeit het besef dat je deze taken niet door elkaarmoet halen', vindt Michel Hulsink van de organisatie Healthnet, diegezondheidsprojecten uitvoert.

Meer over