Geen baan? Het buitenland lonkt

Bezoekers van de Emigratiebeurs spraken vroeger primair over hun liefde voor een ander land, nu zien ze elders vooral betere arbeidskansen. 'Mijn vrouw komt in Nederland niet aan de bak.' Tekst:

JONATHAN WITTEMAN

Jaarlijks vestigen meer dan honderdduizend Nederlanders zich in het buitenland. In 2012 waren er bijna 145 duizend emigranten, het jaar ervoor 133 duizend, tegenover respectievelijk 158 en 162 duizend immigranten. Onder geboren Nederlanders zijn België en Duitsland van oudsher het populairst, gevolgd door Frankrijk, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Canada, Australië en Nieuw-Zeeland zijn eveneens populair in tijden van hoge werkloosheid in Nederland, bleek ook afgelopen weekeinde weer tijdens de jaarlijkse Emigratiebeurs in Houten, waar ruim 12 duizend potentiële emigranten op afkwamen.

Vroeger waren de liefde voor een ander land of de zoektocht naar rust en ruimte de belangrijkste motieven voor emigratie, zegt Emigratiebeurs-directeur Tom Bey. 'Tegenwoordig is werk de belangrijkste drijfveer, naast de irritatie over toenemende criminaliteit, files en een verslechterende mentaliteit in Nederland.'

Solita Boon (23) is een van de potentiële arbeidsemigranten. De Deventer studente psychomotorische therapie vreest dat zij niet aan de bak komt in Nederland als ze begin volgend jaar klaar is met haar studie. 'In Nederland zijn er heel weinig banen op mijn terrein, dus blijven is bijna geen optie meer.' Ze zit te denken over de Antillen. Ze zou er graag werken met verstandelijk gehandicapten. 'In Nederland is de zorg vaak al heel goed, terwijl op Bonaire alles nog erg in opbouw is. Ook op Curaçao liggen veel kansen in de gezondheidszorg.' Haar vriend ziet meer in Australië. 'We zijn ons nog aan het oriënteren.'

'IN DE CARIBEN IS DE CULTUUR VEEL RELAXTER'

Dirk Jan Falize (51) en zijn vrouw Mariëlla Boeddha (46) woonden bijna vier jaar op Bonaire tot ze afgelopen juni terugkeerden in Nederland. De thuiskomst bevalt matig. Het zou goed kunnen dat hun terugkeer in Nederland bij een kort intermezzo blijft. 'Het valt heel erg tegen', zegt Falize, rijksambtenaar. 'Alles is duurder in Nederland. En er is zo veel veranderd in Nederland. Mijn vrouw komt hier niet meer aan de bak.' 'Ik kan geen werk vinden', beaamt Boeddha, verpleegkundige. 'Er zijn nauwelijks vacatures in de zorg, de functie-eisen zijn heel hoog en de cao's zijn uitgekleed. Ik moet bewijzen dat ik de afgelopen vier jaar heb gewerkt op Bonaire, anders verlies ik mijn BIG-registratie. Dat is op zich geen probleem, maar het brengt een hoop rompslomp met zich mee.'

Falize en Boeddha overwegen zich definitief in het Caribisch gebied te vestigen. Over de precieze locatie dubben ze nog. 'Het maakt ons niet zo veel uit of het op Bonaire is of op een ander eiland', zegt Falize. 'Ook Suriname of elders in Zuid-Amerika zou een optie kunnen zijn.'

Boeddha: 'Als je maar werk hebt en een bestaan kunt opbouwen.'

Falize: 'Het is toch prettiger leven daar. Kijk naar buiten - daar word je toch chagrijnig van, van al die regen?'

Boeddha: 'De cultuur is veel meer ontspannen in de Cariben.'

Falize: 'En al die regeltjes in Nederland, álles moet vastgelegd worden. Ongelooflijk, het houdt niet op.'

'HET CATALAANSE KLIMAAT IS VEEL BETER VOOR MIJN MS'

René de Jager is pas 34, maar nu al voor 100 procent afgekeurd. Hij heeft multipele sclerose (MS). De slopende ziekte valt af te lezen aan zijn wankele tred tussen de drommen emigranten in spe, die kuieren langs kraampjes met in ijshockeyshirts gestoken Canadezen of chansons bulderende Fransmannen. 'Het lopen gaat nu een stuk beter dan een paar jaar terug', zegt de voormalige ict-consultant van onder meer Nuon. De Jager heeft inmiddels meer revalidatiecentra van binnen gezien dan hem lief is. Negen jaar geleden openbaarde de aandoening zich voor het eerst. Op een ochtend kon hij zijn tenen niet meer optillen. De artsen dachten aan een hernia. Een operatie werd op het laatste moment afgeblazen; het leek beter te gaan. 'Ik dacht dat ik er vanaf was, maar in de zomer van 2008 kreeg ik plotseling last van dubbelzicht. Dan zat ik op de fiets en zag ik tegenliggers opeens in tweevoud op me afkomen.' Dubbel zien is dikwijls een van de eerste symptomen van MS, legt De Jager uit. 'Veel MS-patiënten hebben ook last van vermoeidheid, dat heb ik gelukkig niet.' Zijn kortetermijngeheugen is wel aangetast.

Wat brengt hem op de emigratiebeurs? De Jager overweegt naar Barcelona te verhuizen. Sommige mensen zijn francofiel of anglofiel, De Jager is Catalanofiel. Zijn ex-vriendin is een Catalaanse. De relatie ging uit, maar de liefde voor de regio bleef. Het Catalaanse klimaat is bovendien veel beter voor zijn MS dan het Nederlandse - hoe meer zonlicht, hoe beter, zegt hij. 'Het aantal MS-patiënten neemt af naarmate je dichter bij de evenaar komt. Er is een verband tussen gebrek aan zonlicht en vitamine D en het ontstaan van multiple sclerose.' De Jager wil vrijwilligerswerk doen in Catalonië. Druiven plukken bijvoorbeeld, of om het even wat, als hij zich maar nuttig kan maken.

'HET ZWEEDSE PLATTELAND IS ECHT EEN VERADEMING'

Dik (70) en Lucie van Eeden (69) zijn eigenlijk al geëmigreerd. Althans, ze zijn deeltijdemigranten: sinds zeven jaar wonen ze ruwweg de helft van het jaar in Zweden, de andere helft in Nederland. Waar sommige 65-plussers overwinteren aan de Costa Blanca, overwinteren de Van Eedens juist in eigen land, in Winterswijk om precies te zijn. De gepensioneerden ontvluchten zo de ultrakorte Scandinavische winterdagen. In december komt de zon pas tegen negen uur op en gaat ie voor drieën alweer onder, zegt Dik van Eeden over hun Zweedse zomerverblijf nabij Stockholm.

De Van Eedens - hij was vroeger verkoper binnendienst bij een kartonfabriek, zij administratief medewerker van een liftbedrijf - komen graag op de emigratiebeurs, ook al zijn ze in feite al geëmigreerd. 'We vinden het gezellig en komen vaak oude bekenden tegen', zegt Dik van Eeden.

Al vanaf midden jaren zeventig brachten hij en Lucie bijna elk jaar de vakantie door in Scandinavië. 'Het ene jaar Noorwegen, het andere jaar Denemarken of Zweden.' Voordat ze naar Zweden verhuisden, woonde het echtpaar in Voorburg. 'Het Zweedse platteland is dan echt een verademing. Er wonen 500 mensen in ons dorp.' De Van Eedens overwinteren elk jaar vier tot zes maanden in Winterswijk. 'We kijken altijd erg uit naar de zomer. Het is warmer in Zweden in de zomer en bovendien is het er veel langer licht. En er is veel meer ruimte.' Helemaal emigreren zullen ze nooit, zeggen de Van Eedens. 'De korte dagen in de winter vormen een te grote barrière. In de winter heb je ook minder contacten met mensen. Je buren gaan in het donker weg en komen in het donker terug. Mensen sluiten zich meer op in huis, dat doen wij ook. In de zomer heb je veel meer aanspraak.'

undefined

Meer over