Gedreven buiger van recht dat krom is

Drie dode Bosnische moslims, de weduwen van Rawagede en verdwenen, gemartelde burgers onder Zorreguieta: advocate Liesbeth Zegveld komt voor ze op. Zo nodig met nieuw recht.

TEKST JAN TROMP FOTO GUUS DUBBELMAN

Je zag raadsheren op hun onderlip bijten.' Rieme-Jan Tjittes, cassatie-advocaat was erbij toen het hoogste Nederlandse rechtscollege zich boog over de vraag of Nederland ook in juridische zin verantwoordelijk is voor de doden van Srebrenica. Het was een grijze vrijdagochtend in januari. De jarentachtignieuwbouw van de Hoge Raad aan de Haagse Kazernestraat nodigde niet uit. Mistroostig waren de bronzen beelden van beroemde vaderlandse rechtsgeleerden. Maar binnen was het spannend.

Binnen sprak Alma Mustavic. Ze had als jong meisje erbij gestaan toen op 13 juli 1995 haar vader Rizo van de compound van Dutchbat werd gestuurd, als Bosnische moslim werd overgeleverd aan de Serviërs. Hij ging een wisse dood tegemoet en iedereen wist het.

Het komt maar zelden voor dat de Hoge Raad getuigen hoort. Zittingen beperken zich doorgaans tot uitwisseling van fijnzinnig juridische verhandelingen, vaak genoeg langs schriftelijke weg. Liesbeth Zegveld, advocaat namens nabestaanden van drie van de ongeveer 7 duizend vermoorde mannen, had om toestemming gevraagd en die was haar verleend.

De grote zittingszaal was goed gevuld; de staat had drie topadvocaten afgevaardigd, er waren vertegenwoordigers van het ministerie van Defensie, mensen van het IKV zaten op de publieke tribune. De staat begon; het was een technisch verhaal over immuniteit en toerekening van verantwoordelijkheid.

Zegveld zette er Alma tegenover. Ze is een elegante jonge vrouw nu, ze heeft iets meisjesachtigs. In perfect Nederlands met een licht accent vertelde ze dat haar vader elektriciën was op de compound, dat hij populair was onder de Dutchbatters, dat hij en zijn gezin zich veilig waanden op de Nederlandse VN-basis. Ze vertelde ook hoe bang ze was op die 13de juli. Af en toe brak haar stem. Ze vertelde hoe haar vader de poort werd uitgezet en dat ze hem zelfs geen knuffel meer kon geven, geen 'knoeffel'. Het was muisstil in de grote zittingszaal van de Hoge Raad der Nederlanden. Advocaat Tjittes zag hoe raadsheren op hun onderlip beten.

Zegveld lichtte toe. Ze is gedreven en rechtlijnig, ze heeft ogen die wijd open staan, ze praat snel. Wat dreigt is verbetenheid. Tjittes, die zelf een grote naam is in het civiel recht: 'Ze bracht haar verhaal zonder overdreven verontwaardiging en met een ingehouden kracht in haar stem. The woman can fill a room with her presence als ze aan het pleiten is.'

2011 was een topjaar voor Liesbeth Zegveld (43). Ze is verbonden aan het bekende Amsterdamse kantoor van Britta Böhler als advocaat in internationaal humanitair recht. Zelf spreekt Zegveld van oorlogsrecht; dan weten we tenminste meteen waarover we spreken.

In 2011 won ze de Srebrenicazaak voor het gerechtshof in Den Haag, nadat de rechtbank haar in het ongelijk had gesteld. (Even tussendoor: tegenwoordig relativeert ze het belang van winnen; wat telt is aandacht voor de slachtoffers van oorlogsgeweld. Dat ze niet per se hoeft te winnen, betekent nog niet dat ze tegen haar verlies kan. Dat is weer een heel ander verhaal).

Maar in juli 2011 sprak dus het Haagse hof uit dat de staat aansprakelijk is voor de moord op drie Bosnische moslims. Weliswaar trad Dutchbat op in een inmiddels beëindigde VN-operatie, maar met dat excuus kwam men niet weg, meende het gerechtshof. De staat kon alleen nog in cassatie. Die procedure loopt nu. De uitkomst is er niet voor volgend jaar.

Het was nieuw recht wat het gerechtshof creëerde. Het was ook groot nieuws, wereldnieuws. Op het kantoor van Böhler aan de Keizersgracht in Amsterdam knalden de kurken van de champagneflessen. Liesbeth Zegveld werd de ochtend na het vonnis wakker met een glimlach rond haar mond. 'Ik had een intens gevoel: het kan tóch.'

De gang van zaken in de Srebrenicazaak is zó kenmerkend voor haar werkwijze of misschien beter, voor de opdracht die ze zichzelf oplegt: weet dat het begin van een zaak altijd hopeloos is, maar dat dit geen argument is om er niet aan te beginnen. Laat je niet afleiden, wees sterk en slim, zoek nieuwe invalshoeken, worden die verworpen, zoek dan nieuwe invalshoeken. Als je verliest, blijf terugkomen, voor opgeven bestaat geen reden.

Britta Böhler kende haar niet toen ze dertien jaar geleden haar opwachting maakte. 'Het eerste wat je ziet is een buitengewoon slimme dame, enthousiast en gedreven. Dat is iets anders dan verbeten. Het is een dunne lijn, maar wel betekenisvol. Ze trapt op kantoor geen deuren in zoals voetballers schijnen te doen. Vergis je niet, ze heeft een vrolijke uitstraling.'

Hoe lang is ze al bezig met Srebrenica? Elf jaar. Hoe lang was ze bezig met Rawagede? Zes, zeven jaar. In 2011 werd het juridische pleit beslecht in het voordeel van de overgebleven negen weduwen van de paar honderd echtgenoten die in 1947, 64 jaar daarvoor, in het Indonesische dorp Rawagede zonder meer waren geëxecuteerd door Nederlandse militairen.

De Nederlandse staat verscheen voor de rechter met het verhaal dat de zaak was verjaard. Ze dacht: krijg nou wat! Waarom heeft niemand het over verjaring als het gaat over Joodse oorlogsslachtoffers? Die keuze is aan de staat, betoogde de landsadvocaat. Vlijmscherp is ze dan: 'De staat mag niet kiezen. Wij, de burgers mogen kiezen, niet de staat.'

Uiteindelijk erkende de Nederlandse staat schuld, bood excuses aan en een schadevergoeding. Een luizige 20 duizend euro per weduwe, maar om geld was het nooit begonnen.

Dat wat Zegveld wil, kan vaak niet binnen geldend recht. 'Ze weet het recht te buigen', zegt een collega-advocaat. Vaak genoeg krijgt ze het lid op de neus. Ze gaat gewoon door. Het vergt een enorme ausdauer. Ook gedrevenheid heb je in categorieën. Zij zit in de hoogste categorie.

Hoe lang is ze al bezig met Zorreguieta? Twaalf jaar. Vorige week deponeerde ze een nieuwe klacht bij het Openbaar Ministerie tegen Máxima's vader. Ze zegt te beschikken over nieuwe feiten. Voor Zegveld staat het als een paal boven water dat Jorge Zorreguieta, bewindsman ten tijde van de militaire dictatuur in Argentinië tussen 1976 en 1983, heeft geweten van de martelingen en verdwijningen. 'Ik ben ervan overtuigd dat deze zaak stinkt.'

Het geeft soms het ongemakkelijke gevoel van een persoonlijke jacht. Zou ze Zorreguieta ook achtervolgd hebben als zijn dochter niet de gemalin was van de koning?

Voor haar is zo'n vraag volkomen irrelevant. Wat telt zijn de regels die ook binnen oorlogsvoering gelden. Slachtoffers hebben ook rechten. Wie daar niet aan wil, kan maar beter meteen het oorlogsrecht afschaffen. Ze wil werken voor de underdog, voor het individu dat wordt vermalen door overheid en andere anonieme krachten. Ze doet het met de toewijding van een topsporter. 'Je kunt alleen maar een goed advocaat zijn', zei ze in een interview, 'als je de basale verontwaardiging voelt van 'dit klopt niet', 'dit kan niet.' Ze wil dat de wereld beter wordt. Zo idealistisch is ze wel, of zo men wil, zo naïef.

Haar strijdlust wordt in haar beroepsgroep met gemengde gevoelens bezien. Ze heeft zelf wel gesproken over 'zo'n groep wetenschappers die balen als je de gezellige sfeer bederft. Sommige van die mensen willen me niet meer kennen.' Ze heeft er last van, maar dan houdt ze zichzelf voor dat de advocatuur nu eenmaal een eenzaam beroep is.

Ze verlegt grenzen, ze laat zien dat het recht een levend ding is. Dat oogst bewondering. Maar ze is zo allejezus fel. Moet dat nou zo?, verzuchten juristen uit de praktijk en de wetenschap. Haar antwoord is dat in tal van opzichten het bestaande wordt beschermd in Nederland. 'Ik zie overal cirkels, cirkels, cirkels.'

Met alle conventies die gelden in de wereld van het recht is zij een Pim Fortuyn. Ze koesterde de man van Leefbaar Nederland. Ze hield van zijn vermogen onrust te stoken in systemen die in zichzelf zijn vastgelopen. 'Fortuyn kwam de politiek binnen en ging er tegenaan schoppen', merkte ze met instemming op in een vraaggesprek. 'Ik dacht: yes, we kunnen het weer ergens over hebben.'

De moeilijkste vraag is: waar komt het vandaan? Een bevredigend antwoord krijg je niet, althans niet als je op zoek bent naar iets uit de diepte van de ziel. Haar omgeving weet het niet. 'Het zal te maken hebben met haar opvoeding', veronderstelt Rieme-Jan Tjittes. Britta Böhler: 'Het zit gewoon in haar karakter, zou dat soms ook kunnen?'

Haar vader, een jurist, raadde haar aan belastingrecht te gaan studeren. Daarmee koop je zekerheid voor de toekomst, zei hij. En een saai bestaan, dacht zij. In Frankrijk ontmoette ze een Nederlands meisje dat Amerikaanse literatuur studeerde. Dat meisje kon spontaan, uit het hoofd, tal van gedichten voordragen. Het raakte haar. Kijk, dacht ze, die leeft ergens voor, die koestert de passie.

CV

Liesbeth Zegveld

1970geboren in Ridderkerk

1995rechtenstudie voltooid Universi-teit van Utrecht

2000promoveert cum laude op proefschrift over positie gewapende groepen in internationaal recht

2000advocaat mensenrechtenzaken bij Böhler advocaten in Amster-dam

2006hoogleraar internationaal hu-manitair recht Universiteit van Leiden

2011Clara Meijer-Wichmann Pen-ning voor haar inzet voor de ver-dediging van mensenrechten

Liesbeth Zegveld is getrouwd, heeft twee dochters en woont in Amsterdam.

undefined

Meer over