Geachte redactie

Tegengeluid

In het artikel over beperking van de AWBZ (Ten eerste, 13 juli) wijst Marco

Meerdink (bestuurder van een zorgmonopolistische gigant in het noorden van het land) op de enorme belangenlobby die de langdurige zorg in de AWBZ in stand wenst te houden: 'De langdurige zorg is verschrikkelijk verwend, haal de onzin eruit.' Die onzin blijkt te bestaan uit luiers, rollators en andere hulpstukken, of de thuiszorg.

Ik heb me nog nooit een lid gevoeld van de 'enorme belangenlobby' als kwaliteitsfunctionaris in de langdurige geestelijke gezondheidszorg. Maar behoefte aan nuancering heb ik wel na dit artikel.

Over luiers gesproken: als gevolg van bezuinigingen in de verpleeghuiszorg worden op veel plaatsen ouderen die gewoon met hulp naar het toilet kunnen, gedwongen 's nachts luiers te dragen omdat de verzorgsters geen tijd hebben voor toiletrondes. Hoe durft deze grootverdiener luiers als 'verwenzorg' te bestempelen.

En thuiszorg. Niet bedoeld als AWBZ-zorg zegt Meerdink. Welnu, het overgrote deel van de thuiszorg wordt niet door de AWBZ vergoed, maar is een verstrekking waar de gemeenten over gaan in de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO): de huishoudelijke hulp.

Dan haalt Meerdink het convenant aan dat minister Schippers heeft gesloten met de GGZ waarbij 30 procent van de plaatsen wordt afgebouwd. Het gaat hier echter voor een groot deel over zorg die valt onder de Zorgverzekeringswet en niet onder de AWBZ. Appels worden met peren vergeleken.

Meerdink vertelt er niet bij dat het recht op woonzorg voor mensen met een ernstig psychiatrische aandoening (EPA) voor ruim de helft komt te vervallen met ingang van 2013. En dit is wél AWBZ-zorg waarop wordt bezuinigd.

Voor deze mensen valt de beschutting weg en de psychiatrische thuiszorg die dit moet vervangen, wordt overgeheveld naar de WMO die door de gemeenten wordt uitgevoerd. Daar gaat nog een korting van 5 procent bovenop bij het overdragen van het geld uit de AWBZ naar het gemeentefonds.

Tegelijk vervalt het 'recht op zorg' voor deze mensen dat in de AWBZ is verwoord. De gemeenten zijn niet verplicht dit geld ook aan deze psychiatrische patiënten te besteden. Het is niet geoormerkt. Als de gemeentepolitiek besluit dat er meer gedaan moet worden aan verbetering van de verlichting van de openbare ruimte, kan een gedeelte van dit geld ook zomaar daar naartoe gaan.

Met het geld dat zo bezuinigd wordt, verdwijnt voor deze groep ook het staatstoezicht op de zorg door de inspectie. Ook daar wordt niet bij stilgestaan.

In feite beslaat de langdurige GGZ maar zo'n 7 procent van de AWBZ-uitgaven. Maar er wordt onbetamelijk in gesnoeid. Dat is de heren blijkbaar ontgaan.

Minister Schippers is al lang uit het AWBZ-peloton gedemarreerd, maar de meeste eliterenners hebben dat nog niet opgemerkt.

Het zou de Volkskrant hebben gesierd als er ook wat tegengeluid aan de rondetafel was uitgenodigd.

André Daamen , Boxmeer, kwaliteitsfunctionaris in de langdurige GGZ

Adhd

Zaterdag 7 juli haalde de enorme groei van het aantal volwassen patiënten, gediagnosticeerd met ADHD, de voorpagina van deze krant. Inderdaad een zorgwekkende ontwikkeling.

In onze hectische maatschappij, die hoge eisen stelt aan het vermogen om goed te kunnen plannen, organiseren en je te concentreren onder drukke en prikkelrijke omstandigheden, neemt het aantal mensen dat dit niet lukt zorgwekkend toe. Deels heeft dat met de veranderende cultuur te maken. Vroeger konden mensen die vastliepen zich goed handhaven onder rustiger en duidelijker omstandigheden.

Maar de diagnose wordt ook vaker gesteld omdat er meer kennis is over de al langer bekende wetenschappelijk gefundeerde en internationaal erkende diagnose ADHD, ook bij volwassenen. Voorheen kregen deze mensen allerlei andere diagnoses en werden vaak inadequaat behandeld, zodat zij ongelukkig bleven en niet konden werken.

Ten derde is de toename mogelijk ook toe te schrijven aan de farmaceutische industrie, die belang heeft bij het vermarkten van pillen, die bij een groot aantal patiënten effectief zijn.

Wij erkennen het probleem, maar betreuren deze berichtgeving, die erg tendentieus de nadruk op de invloed van de farmacie legt. Wij achten dit stigmatiserend voor patiënten, die er onder lijden niet maatschappelijk volwaardig mee te kunnen draaien. En die nu in een hoek worden gezet, waarbij de suggestie is dat zij niets mankeren maar het slachtoffer zijn van dokters, psychologen en vooral farmaceuten.

Rutger Jan van der Gaag, voorzitter, namens het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

undefined

Meer over