GEACHTE REDACTIE

Na lezing van de analyse over de moord op 1500 weerloze Moslims uit Srebrenica (de Volkskrant, 11 maart) rest mij slechts een ding:..

Onwaardig

Ik eis dat het onderzoek naar de gebeurtenissen rondom Srebrenica wordt heropend naar aanleiding van de recente bekentenissen van de Kroaat Drazen Erdemovic, die in dienst van het Bosnisch Servische leger deelnam aan de executie van deze Moslims. Minstens (nog) een kop moet rollen: die van minister Voorhoeve en/of van Karremans.

Wat hier is gebeurd is de Nederlandse samenleving absoluut onwaardig.

EINDHOVEN Robbert-Jan Beun

Verschoningsrecht

In een ingezonden brief stelt R. Fechner, naar aanleiding van de 'balpenmoord'-rechtszaak, dat het verschoningsrecht niet voor therapeuten zou gelden (de Volkskrant, 6 maart). Dat is niet juist.

De wet kent het verschoningsrecht toe aan hen 'die uit hoofde van hun stand, hun beroep of hun ambt tot geheimhouding verplicht zijn', maar noemt geen specifieke beroepen. De rechter besluit of bovenstaande omschrijving van toepassing is als een beroepsbeoefenaar een beroep doet op het verschoningsrecht. Het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) is van mening dat de beroepsgroep van psychologen behoort tot de in de wet omschreven personen.

De vertrouwelijkheid is een van de basisvoorwaarden voor de therapeutische relatie. In de Beroepscode voor psychologen legt het NIP zijn leden dan ook de verplichting op om in de uitoefening van hun beroep de geheimhouding te bewaren. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan van deze eis worden afgeweken.

Daarbij verplicht het NIP zijn leden om zich voor de rechter altijd te beroepen op het verschoningsrecht. Gezien het grote belang dat de vertrouwelijkheid heeft voor een onbelemmerde uitoefening van het beroep, zal de rechter dat recht vrijwel altijd aan de psycholoog toekennen.

AMSTERDAM J.J. Bravenboer

Ned. Instituut van Psychologen

Scènes

'Steeds meer mensen raken beschadigd door hun tv-optreden. En de programmamakers lijkt dat weinig te interesseren', aldus Cees Grimbergen, eindredacteur en presentator van het IKON-programma Vesuvius (de Volkskrant, 4 januari). Hij zou ook heel tevreden zijn als tv-journalisten eens wat meer nadachten over de gevolgen van hun werk. Wij kunnen dit slechts beamen.

Zo'n twee jaar geleden werden we door een programmamaker gebeld. We kregen de complimenten voor onze kort daarvoor uitgezonden documentaire Karspel 2. Een voor velen nogal schokkende documentaire over jongeren in een tehuis die, na een opeenstapeling van problemen, hun begeleiders het huis uitzetten en dit vervolgens 'kraakten'.

Vanwege de sterk persoonlijke ontboezemingen en hoog oplopende emoties in de film hadden wij nadrukkelijk gesteld dat zonder onze toestemming geen beelden van de film 'los' vertoond mochten worden. We hadden niet voor niets geprobeerd een zo zorgvuldig mogelijk beeld te schetsen.

De programmamaker in kwestie was bezig met een uitzending rond het thema 'tuig', ofwel crimineler wordende jongeren. Enkele scènes van onze film zouden uitstekend passen in het thema. We konden er niet mee instemmen.

Natuurlijk probeerde hij ons te overtuigen van zijn goede bedoelingen, maar we bleven bij ons standpunt. Te meer omdat we wel konden vermoeden welke scènes uit onze film gekozen zouden worden: de meest conflictueuze en daarmee de meest sensationele.

De programmamaker reduceerde alles ten slotte tot een juridisch steekspel: ik laat de fragmenten niet langer dan één minuut duren, dan valt het onder het zogeheten citaatrecht. En dus zond hij de fragmenten toch uit, waarbij hij ons wantrouwen niet beschaamde: het waren de sensationele fragmenten die we al voorzien hadden.

Voor de volledigheid: de programmamaker was Cees Grimbergen, het programma heette Vesuvius.

AMSTERDAM Ton Guiking

Steef Meyknecht

Meer over