GEACHTE REDACTIE

Moet de lezer zoiets nou serieus nemen, die door Paul Depondt aangehaalde voordracht van Jankarel Gevers over 'de deugd der luiheid' (de Volkskrant, 14 mei)?...

Luiheid

Jankarel is bestuursvoorzitter van de Universiteit van Amsterdam. Die wil hij opstoten in de vaart der volkeren. Dus wordt wetenschapsbeoefenaars door zijn bestuurs- en financieringsmodellen het vuur zo na aan de schenen gelegd, dat ze het zich van de weeromstuit uit de (derde geldstroom)sloffen gaan lopen.

Of zulks altijd tot hoogstaande wetenschap leidt, is een vraag die de laatste tijd gelukkig steeds vaker wordt gesteld.

Waarschijnlijk vergt het dus een heuse 'kritiek der cynische rede' (Peter Sloterdijk) om Jankarels positie, zijn ijveren en zijn recente voordracht met elkaar te verzoenen. Of denkt hij met zijn ('rooie'-) universiteitsprofessors Van Os en Langendijk al ruimschoots te hebben voldaan aan het door de schoonzoon van Karl Marx, Paul Lafargue reeds in 1883 ten algemene bepleitte 'droît à la paresse'?

Het is dat hedentendage in het universitaire bedrijf vooral de geciteerde artikelen tellen, maar ook dáárvoor geldt natuurlijk dat, zoals Lafargue vond van 'dikke slaapverwekkende boeken', zij - volstrekt verwerpelijk - 'de vrije tijd in beslag nemen van de zetters en drukkers' (naar de Nederlandse vertaling door A.L. Constandse, uitgegeven bij de Arbeiderspers in 1974, blz. 73); ook die van de Amsterdam University Press.

RIJSWIJKJ.P.J. Uitermark

Zegswijze

De eerste zin van de intro bij 'Lofzang op de luiheid'luidt: 'De wereld gaat aan vlijt ten onder, luidt de zegswijze'. Hier is (vooralsnog) geen sprake van een zegswijze volgens de uitleg van Van Dale. 'De wereld gaat aan vlijt ten onder' is de titel van de debuutroman (1954) van Max Dendermonde. Zijn meest succesvolle boek tot nu toe. Mogelijk daarom is de titel een eigen leven gaan leiden. Maar om het nu een zegswijze te noemen doet - ondanks het daarin vervatte compliment - geen recht aan Max Dendermonde.

AMSTERDAMRolf Boost

Lik

Het artikel onder de kop: 'Lik niet aan een golfbal' (de Volkskrant, 15 mei) vraagt om enig commentaar. De aandoening die de onfortuinlijke, aan zijn golfbal likkende golfer opliep is zeker geen hepatitis geweest zoals deze bekend is: een ernstige virusinfectie van de lever.

In het beschreven geval gaat het duidelijk om een reversibele chemische leverbeschadiging. Dat deze reversibel was, toonde de golfer zelf aan door na genezing nogmaals aan zijn golfbal te likken, waarna de aandoening terugkwam en kennelijk opnieuw vlot genas. Dit zou hij wel uit zijn hoofd hebben gelaten bij een virale hepatitis.

Overigens lijkt me het een evident geval van masochisme, onder golfers niet onbekend.

DOORWERTH Ernst Blackstone

Illegaal wonen

In Amsterdam wordt 8 tot 10 procent van de woningen illegaal bewoond, soms in combinatie met uitkeringsfraude (de Volkskrant, 10 mei). In mijn werk voor renovatie van particuliere woningen komt deze situatie regelmatig voor. De onderhuurder is de gevangene van de hoofdbewoner. Zodra een instantie wordt ingelicht, zal de gemeente proberen de woning te ontruimen.

Gemeentelijke onderzoekers wijzen er al sinds 1993 op dat de zaken ernstig zijn ontspoord. Al vier jaar wordt er dus onderzoek verricht zonder dat er een oplossing dichterbij is gekomen, terwijl de oorzaken toch heel eenvoudig zijn terug te leiden tot de Amsterdamse regelgeving en de wijze waarop deze wordt uitgevoerd. Bij het invoeren van regelgeving moet altijd bedacht worden dat de gebruikers ervan geen enkele sluiproute onbenut zullen laten, zeker zolang de uitvoerders geen direct belang hebben bij een consequente controle en uitvoering van de regels.

Als iemand in Amsterdam gaat samenwonen en als gevolg daarvan zijn of haar woning opgeeft, moet bij eventuele calamiteiten weer zo ongeveer achterin de rij van woningzoekenden worden aangesloten. Dat is geen vrolijk makend perspectief. Zou het ook niet mede daarom zijn dat Amsterdam de grootste hoeveelheid eenpersoonshuishoudens kent en dit aantal alsmaar toeneemt?

Stel nu eens dat diezelfde twee mensen juist een heel hoge urgentie zouden krijgen voor een woning met tenminste één kamer meer dan de grootste van de twee woningen die ze nu bewonen en weer een heel hoge urgentie krijgen voor twee kleinere woningen zodra er iets mis gaat in de relatie. Een eenmalige actie waarin alle onderhuurders gelegaliseerd worden, of op zijn minst een hoge urgentie krijgen voor een andere woning zou ook beslist doeltreffend zijn.

Maar wie heeft er in Amsterdam werkelijk belang bij een beter gebruik van de huidige woningvoorraad? Bouwers, ambtenaren voor handhaving, nieuwbouw, programmering . . ? Nee, misschien een enkele politicus!

AMSTERDAMWijnand Luttikholt

Meer over