GEACHTE REDACTIE

Wonderbaarlijk toch, zoals het lezen van de krant kan leiden tot een lichte identiteitscrisis. Ik doel op het stukje in Dag in Dag uit (de Volkskrant, 7 februari)....

AutoRai

Had ik inderdaad een bierbuik en een halskettinkje? Dat moest haast wel, want een ding wist ik wel zeker: ik was geen in mijzelf gekeerde, verdrietige jongen met een zilverkleurige oorring en een baseballpetje, noch graai ik op de beschreven wijze in een volle airbag. De spiegel bracht uitkomst. Ik heb geen bierbuik (ondanks een voorliefde voor die drank) en ik gruw van halskettinkjes.

Wat deed ik dan als vreemde eend in de bijt op de AutoRai en dan nog wel zonder een snipperdag op te nemen? Ik snap er echt nog steeds niets van; als hoger opgeleide man, Volkskrantlezer en liefhebber van schrijvers als W. F. Hermans hoor ik tenslotte eigenlijk in het theater te zitten bij een voorstelling van theater de Appel. Of, beter nog, ik had in Rotterdam moeten zijn om een van de filmische hoogstandjes van het filmfestival te zien.

SCHEVENINGENW. Dijkhuizen

Vergrijzing

Van Dalen relativeert in zijn stelling (Economie, 8 februari) het schrikbeeld van kostenstijging van de gezondheidszorg onder invloed van de vergrijzing. Zijn analyse behoeft kanttekeningen en een correctie.

Van Dalen wijst erop dat de hogere zorgkosten optreden in de laatste levensfase en dus bij een stijgende levensverwachting slechts verplaatst worden naar een latere fase in het bestaan van het individu. Daarbij gaat hij eraan voorbij dat het ouder worden op zich gepaard gaat met lichaamsveranderingen, die niet fataal hoeven zijn, wel ongemak en afhankelijkheid met zich mee kunnen brengen, en - tegenwoordig - eenvoudig behandelbaar zijn zoals staar, ouderdomsslechthorendheid, gewrichtsslijtage.

Bovendien is de stijging van de gemiddelde levensverwachting slechts één determinant van de vergrijzing; de zorgconsequenties van de vergrijzing danken hun gewicht veel meer aan demografische veranderingen, met name de toename van het aandeel hoogbejaarden.

Waar hij met OESO-berekeningen de optimistische verwachting uitspreekt dat een verdere stijging van de levensverwachting gepaard zal gaan met een nog grotere stijging van de gezonde levensverwachting, laten Nederlandse onderzoeken hem hierin in de steek. In het rapport 'Volksgezondheid Toekomst Verkenning', gedateerd 1993, wordt voor vrouwen eerder expansie dan compressie van morbiditeit berekend, met andere woorden: verlenging van de periode met ongezondheid.

Zijn beschouwing over medisch technologische ontwikkelingen en het achterwege blijven van productiviteitsstijging kan ik wel delen, al wordt de keuze-ruimte van de arts in de toepassing van technologie te zeer in een maatschappelijk vacuüm gesitueerd. Onvoldoende wordt daarmee erkend dat de bejaarde, geïnformeerd door eigen opleiding en door de media, en geholpen door zijn/haar verwanten, steeds meer een mondige consument wordt, die de bestaande mogelijkheden niet alleen opeist om zijn leven te verlengen, maar ook om de kwaliteit van zijn bestaan te verhogen.

GEMERTG.C.H.M. van der Aa

geriater

Overlevingskans

Harry van Daalen stelt (de Volkskrant, 8 februari) dat een baby die tweeëneenhalve maand te vroeg wordt geboren een overlevingskans heeft van 10 procent.

Onderzoek naar te vroeg geboren en te lichte kinderen noemt een overlevingskans van 90 procent. Het artikel van Harry van Daalen is niet alleen discutabel, maar ook onbetrouwbaar. Van Daalen is verbonden aan Het Nederlands Demografisch Instituut.

BUSSUMMargriet Mahieu

Moeilijk

Uit ingezonden brieven blijkt een aantal lezers zich te storen aan de door de Volkskrant gemaakte taal- en stijlfouten. Kan gebeuren natuurlijk. Nederlands is en blijft een moeilijke taal. Zelfs vooraanstaande schrijvers heb ik op stijlfouten zoals 'een aantal zijn' of 'zoals bijvoorbeeld' kunnen betrappen.

Storend? Helemaal niet. Het zal 99 van de 100 lezers niet eens opvallen. En is het uiteindelijk niet zo dat wij de taal maken, verarmen, verrijken?

UTRECHTJoost Schrieken

Meer over