GEACHTE REDACTIE: Sportwereld heeft rel rond IOC aan zichzelf te wijten

Nederland heeft het weer voor elkaar. Ook op het toneel van de internationale sportwereld maakt het er een potje van bij de invulling van een belangrijke functie....

De kandidaatstelling voor het IOC-lidmaatschap had zich op NOCNSF-niveau moeten afspelen, zodat deze organisatie zelf met één (of meer) kandidaten naar buiten had kunnen treden.

De boze Huibregtsen, die in een vertrouwelijk onderonsje met Hans van Wissen heeft verklaard dat er zeven judassen zijn, slaat de plank mis. De enige die je deze titel zou kunnen toedichten is Willem-Alexander, die op nogal achterbakse wijze het spel van Samaranch (en waarschijnlijk Geesink) heeft meegespeeld.

De overige vijf kandidaten kun je moeilijk betichten van achterbaks optreden. Zij hebben gebruik gemaakt van de ruimte die het NOCNSF laat: geen afspraken over de Nederlandse kandidaatstelling.

Het NOCNSF moet derhalve zo snel mogelijk duidelijkheid creëren in zijn eigen organisatie. Het IOC mag dan voor coöptatie kiezen, het NOCNSF hoeft in deze ondemocratische werkwijze niet mee te gaan. Het moet zijn eigen verkiezingsprocedure vastleggen: de aangesloten bonden brengen kandidaten naar voren en kiezen onder hen de beste(n) uit.

Bij meerdere kandidaten wordt het IOC het laatste woord gegeven om te kiezen voor die kandidaat die het beste voldoet aan de gestelde profielschets. Maar het resultaat blijft te allen tijde een officiële afgevaardigde van de Nederlandse sportwereld, voorgedragen door de enige juiste instelling: het NOCNSF.

Het IOC zal dan ook duidelijk gemaakt moeten worden dat het als zeer onwenselijk wordt beschouwd als het deze voordracht passeert. Daarnaast kun je je afvragen of het IOC nog kandidaten kan vinden buiten het NOCNSF om, als deze organisatie een duidelijke verkiezingsprocedure vaststelt. Je moet toch een ontzettende ijdeltuit zijn om te denken dat je de Nederlandse sportwereld kan vertegenwoordigen zonder dat je door een achterban naar voren bent geschoven.

KATWIJKNico Dofferhoff

Privé-oorlog

Huibregtsen heeft in het verleden veel gedaan voor de sport en het NOCNSF, maar hij zet zich nu wel erg te kijk.

Ik word niet gauw kwaad, maar dit vind ik dus even niet kunnen! Achter de rug om van de deelnemende sporters vecht meneer zijn eigen privé-oorlog uit omdat hij zich, heel begrijpelijk, door Samaranch gedumpt voelt, en niet voor zijn vele werk wordt beloond met een lidmaatschap van het IOC.

Ik vind dit een vorm van spelbederf omdat het onze sporters uit hun concentratie haalt en daardoor hun prestaties negatief kan beïnvloeden. Ik voel er sterk voor om Huibregtsen, mede omdat hij nu de vermoorde onschuld speelt en daardoor zijn fout niet inziet, naar huis te sturen voor hij verdere schade aan zijn eigen imago en dat van onze sporters aanbrengt.

ASSENW. N. Harder

Slechte zaak

Het moet me van het hart dat ik de opening van de krant van afgelopen dinsdag een slechte zaak vind. Misschien treft de prins enig verwijt en waarschijnlijk heeft Huibregtsen zijn mond voorbij gepraat, maar de echte blaam treft Van Wissen.

Het is zonder twijfel een van de taken van de krant onrechtmatigheden begaan door mensen die verantwoordelijkheid dragen aan het licht te brengen, maar het is niet de taak van de krant mensen te beschadigen zonder dat dit een ander doel dient dan het veroorzaken van een publieke rel.

Mijn gevoel komt in hoge mate in opstand tegen het gebeurde; dit soort journalistiek is naar mijn overtuiging de Volkskrant onwaardig.

Als het waar is, zoals uw hoofdredacteur voor de tv verklaarde, dat Wissen en Huibregtsen elkaar al langere tijd kenden, dan moet je erop kunnen rekenen dat de journalist je voor onvoorzichtige en ondoordachte uitspraken behoedt, als er geen echte belangen aan de orde zijn.

U heeft nu niet alleen schade aangericht, maar ook bereikt dat de uitspraak 'Vertrouw nooit een journalist' andermaal wordt bevestigd.

SOESTdrs. F. E. Pels Rijcken

Afkeer

Het feit dát u het artikel van Hans van Wissen met de uitspraken van Huibregtsen heeft geplaatst, vind ik stijlloos en vervult mij met afkeer.

Ik laat hierbij in het midden of de inhoud waar is of niet. U laat zich mijns inziens in deze kwestie teveel voorstaan op journalistieke normen dat dé waarheid altijd boven water moet komen en dat 'nieuws' altijd vermeld moet worden! Soms zijn andere normen belangrijker; bovendien beschadigt u velen, ook uzelf trouwens.

ZEISTJ. W. M. Hopster

Compliment

Gaarne wil ik u een compliment maken voor het plaatsen van het interview met Huibregtsen. Vorige week heeft Ard Schenk zich al boos gemaakt over het feit dat Willem-Alexander als een soort 'dief in de nacht' zes IOC-kandidaten heeft gepasseerd. De boosheid van Huibregtsen kan ik zeer goed begrijpen en het is prima dat dit ook is opgeschreven.

En in het algemeen, de braafheid van de meeste journalisten over de aanstaande benoeming van Willem-Alexander heeft mij de afgelopen dagen zeer geërgerd. Als wij er 'onder elkaar' over praten, dan delen nogal wat collega's deze kritiek, maar dan hoor je ook dat het nu eenmaal 'niet zo verstandig' is om ook maar iets tegen de Oranjes te zeggen of te schrijven omdat je dan tegen het volksgevoel zou ingaan.

Het zijn misschien grote woorden, maar uit democratisch oogpunt is dit een zorgelijke ontwikkeling en het is goed dat de Volkskrant daar een andere toonzetting tegenover plaatst.

BAARNTed van der Meer

sportjournalist

Jagers

Redacteur Arnold Koper vraagt zich op 7 februari in uw krant af of het IOC-lidmaatschap van prins Willem-Alexander verenigbaar is met de persoon en de verantwoordelijkheden van onze kroonprins. Hij memoreert daarin het feit dat onze kroonprins zich heeft laten kennen als sportfanaat en legt verband met het feit dat de prins bovendien plezierjager is.

Of dat al of niet met elkaar verenigbaar is, laat Koper in het midden. Maar als sportman behoor je hoog in het vaandel te hebben staan dat het uitgangspunt altijd dient te zijn dat twee spelers of ploegen tegen elkaar strijden mits er sprake is van een ongeveer gelijkwaardig niveau en gelijke omstandigheden.

Een jager plaatst zich tegenover een dier als zijn bij voorbaat kansloze rivaal. Een dergelijke ongelijkwaardigheid druist in tegen alle regels en normen die voor sport gelden, en moet daarom als maximale onsportiviteit aangemerkt worden.

Hoezeer ik onze kroonprins op vele punten ook waardeer, ik heb er toch behoorlijk wat moeite mee als hij deze tak van 'sport' blijft bedrijven en daarnaast plaatsneemt in een organisatie die maximale sportiviteit propageert.

NIJBROEKBob Hagen

Bobo's

Het is ze weer gelukt, de bobo's domineren het nieuws op de voorpagina's en de atleten vertonen hun kunsten ver weggestopt in de katernen. Het dagelijkse sportjournaal opent ermee en de sport zelf is verworden tot bijzaak.

Hoe stoppen we toch deze bobo's aller bonden? Misschien moeten we maar eens limieten gaan stellen aan de deelname van deze blazers.

AMSTERDAM Jaap J.Q. Lampe

Meer over