Galfione zweeft na subtiele handbeweging over zes meter

Maradona werd in 1986 dankzij de hand van God wereldkampioen, polsstokhoogspringer Jean Galfione beleefde zaterdag in Maebashi iets soortgelijks. De olympisch kampioen zweefde bij de WK indoor zo nipt over een hoogte van zes meter dat de lat dreigde te vallen....

Als de Fransman de lat niet beroerd had, was het obstakel waarschijnlijk gevallen. Nu viel de atleet eenzaam naar beneden, de lat boven achterlatend. De zes meter die hij overbrugde was goed voor de gouden medaille, al duurde het veertig minuten voordat de jury zijn sprong goedkeurde.

Vooral de Amerikanen waren woedend over de handbeweging van Galfione, een handeling die ook wel 'Volzing' wordt genoemd, naar de Amerikaanse springer Dave Volz, die in de jaren tachtig een meester was in 'het terugleggen van de lat'. Volgens IAAF-regel 172.6 is dat strikt verboden.

Jeff Hartwig (zijn 5,95 meter was nu goed voor zilver) liep tierend door de Green Dome. Zijn vierletterige vloek, beginnend met een 'F', was tot in alle uithoeken van het ditmaal goed gevulde stadion te horen. Galfione speelde de onschuld zelve. 'Ik heb de lat echt niet teruggelegd, alleen maar even aangeraakt', verklaarde de 28-jarige hoogvlieger.

Galfione trad met zijn sprong toe tot het illustere gezelschap van Sergej Boebka en Rodion Gataullin, tot zaterdag het enige tweetal dat de magische grens van zes meter in een hal wist te slechten.

Geen goud voor Hartwig, er was zaterdag op de 200 meter wel een plak van die kleur voor Frankie Fredericks. Eindelijk, want de Namibiër, een van de grootste sprinters uit de geschiedenis, grossierde voorheen vooral in zilverwerk. Liefst acht keer won hij dat eremetaal tijdens Olympische Spelen en WK's.

Het was een grootste finale, misschien wel de laatste 200 meter-eindstrijd indoor op dit mondiale nivea, nu de IAAF deze discipline, waarbij de baanindeling allesbepalend is, wil schrappen. De 31-jarige sprinter won zijn race in 20,10. De tweede tijd ooit, alleen Fredericks zelf was indoor met 19,92 sneller.

'Ik heb nu waarvoor ik kwam', sprak hij na afloop. Lopend in de buitenste baan liet hij Donovan Bailey's trainingsmaatje Obadele Thompson (zilver, 20,26, derde tijd ooit) van Barbados en de Amerikaanse titelverdediger Kevin Little (brons, 20,48) achter zich.

Op de korte sprintafstand over 60 meter was zondag Maurice Greene de snelste (6,42). De Amerikaan moest hard lopen voor zijn gouden medaille, zijn landgenoot Tim Harden finishte 1/100ste van een seconde achter hem. Bij de vrouwen verraste de Griekse Ekaterina Thanou meervoudig wereld- en olympisch kampioene Gail Devers. De Griekse atlete bleef als enige binnen de zeven tellen (6,96).

Er waren zondag nog meer verrassingen. Wilson Kipketer miste in de laatste meters van de 800 meter het vereiste sprintvermogen om de Zuid-Afrikaan Johan Botha van het goud af te houden (1.45,47 om 1.45,49). Kipketer, die een jaar geleden malaria opliep, verkeert nog niet in de grootse vorm van 1997.

Dat kan niet gezegd worden van Maria Mutola, die zich echter in de laatste meters van haar 800 meter liet aftroeven door de Tsjechische Ludmila Formanova. De Mozambikaanse, drievoudig wereldkampioen in de zaal, verloor haar eerste indoor-wedstrijd sinds 1992.

De mooiste strijd van dit zevende WK-indoor, waar op de 4 x 400 bij zowel de mannen als de vrouwen een wereldrecord werd gelopen, was het afgelopen weekeinde te zien bij het ver- en hoogspringen en bij de zevenkamp. Bij het laatste onderdeel ging de topdrie met slechts enkele punten verschil de afsluitende 1000 meter in. De Pool Sebastian Chmara liet zich echter niet verrassen door de Est Erki Nool (6386 respectievelijk 6374 punten). De Tsjech Roman Sebrle werd derde.

Bij het verspringen werd favoriet Ivan Pedroso in een indrukwekkend tweegevecht bijna geklopt door de Spanjaard Yago Lamela, die 8,56 sprong, een nieuw Europees record. In een laatste poging kwam Ivan Pedroso, meervoudig wereld- en olympisch kampioen uit Cuba, tot 8,62.

Zijn landgenoot Javier Sotomayer moest eveneens hard werken voor diens vierde hoogspring-titel. De Rus Voronin zweefde over dezelfde hoogte, 2,36 meter, maar had meer beurten nodig.

Koning en koningin van Maebashi werden Haile Gebreselassie en Gabriele Szabo. Beiden sloegen tweemaal toe, op de 1500 en 3000 meter. De atleten uit de stal van Jos Hermens gingen elk met honderdduizend dollar naar huis. De Roemeense kwam op de 3000 meter met haar 8.36,49 overigens niet in de buurt van het exact tien jaar oude wereldrecord van Elly van Hulst (8.33,82).

Eerder, in 1987, was het slechts Heike Drechsler gelukt bij een WK-indoor de dubbel binnen te halen. Gebreselassie bleef nuchter: 'Eén titel is gewoontjes, een tweede is bijzonder', sprak de man die inmiddels meer afstanden beheerst dan de legendarische Fin Paavo Nuurmi. En het bereik van de kleine Ethiopiër kan nog wel eens groter worden dan dat tussen de 1500 en 10.000 meter. In het nieuwe millenium wil Gebreselassie zich ook aan de marathon wagen.

Meer over