Frisse neuzen

Het Grasse Institute of Perfumery heet ook wel de Neuzenschool. Twaalf uitverkorenen worden er jaarlijks parfumeur.

'Iets van groen fruit.' 'Sandelhout.' 'Een beetje vanille, zou dat kunnen?' 'Citrus, en ook jasmijn denk ik.'

'Heel goed', zegt Patricia Rebado in haar charmante Frans-Engels. Dan gaan we nu de basis ruiken.' Weer dompelt ze een waaier geurstaafjes in een flesje en geeft ze door aan de leerlingen. Tien neuzen buigen zich over een staafje. Het wordt langs de neus getrokken, tegen de neusgaten gehouden, er wordt mee gewapperd, gesnoven, geklepperd. Neuzen krullen, neusgaten gaan open, op de voorhoofden komt een frons.

Wat ze ruiken is First, een parfum uit 1976 van Van Cleef & Arpels. Dat is een firma die eigenlijk sieraden maakte, vertelt Rabado, en daarom zijn parfum in flesjes stopt die de vorm van oorbellen hebben. Ze laat foto's uit oude reclamecampagnes rondgaan. 'Je ziet: ze benadrukken de luxe van het merk en het geheimzinnige. Iedere vrouw verdient het First te zijn.'

De leerlingen van het GIP, Grasse Institute of Perfumery in het Zuid-Franse Grasse, maken aantekeningen, sommigen in een werkboek, anderen op de laptop. 'Ik vind dit helemaal niet zo'n ronde, zachte geur', zegt een Italiaanse. 'Wacht maar tot je de echte eau de toilette ruikt', antwoordt Rabado. 'Misschien denk je er dan anders over.'

Op de lange tafel staan veel kleine flesjes en ook wat grotere, met mysterieuze etiketten. Daartussen liggen handenvol reukstaafjes. Aan de muur hangen schema's met overzichten van mannelijke en vrouwelijke geuren. Tegen de wand staat een kast met vier deuren. Op één ervan staat Naturals: A - Z, op de drie andere Synthetics. Allemaal basisingrediënten voor de geurindustrie.

Het tiental rond de tafel komt uit alle windstreken: Frankrijk, Italië, Zweden, India, Taiwan, Japan, Macedonië, Verenigde Staten, Rusland. Ze zijn naar Grasse in Zuid-Frankrijk gekomen om het vak van parfumeur te leren. Zij zijn de neuzen van de toekomst. Als alles goed gaat, maken zij over tien jaar een nieuwe geur voor Dior, Chanel, L'Oréal of Estee Lauder.

De kleine campus aan de rand van de stad leunt aan tegen de Villa Margherite, zenuwcentrum van de landelijke organisatie van parfumfabrikanten. In de kelder houdt schooldirecteur Alain Ferro kantoor. 'We hebben een oud-leerling die iets voor Guèrlain doet, een ander heeft een geur voor Sonia Rykiel ontwikkeld. Maar dat zijn uitzonderingen. Wereldwijd zijn er hooguit veertig echte neuzen. Parfums ontwikkelen is maar voor een kleine elite weggelegd. Veel leerlingen komen eerder bij de wasmiddelen, de kaarsen of de shampoos. Vergeet niet: alles krijgt een geur, zelfs dieselolie. Ook het afdekken van nare geuren is een vak. Al hangt er minder glamour omheen.'

De school in Grasse is enig in zijn soort. De drempel ligt hoog: twaalf leerlingen per jaar, niet meer dan twee per land.De cursus van negen maanden kost 12.000 euro. Er is een andere opleiding tot parfumeur, het Isipca in Versailles. Maar daarvoor is een natuurkundige vooropleiding nodig en een aanstelling bij een bedrijf. Het Grasse Institute of Perfumery let louter op geschiktheid en motivatie.

Han-Paul Bodifée, Nederlander van geboorte, maar al een halve eeuw weg uit het vaderland, is sinds 1994 voorzitter van de Franse reukstoffenorganisatie. Hij stond tien jaar geleden aan de wieg van de Neuzenschool. 'Je kunt dit zien als een gilde', zegt hij. 'Alle docenten werken in de geur- en smaakindustrie hier in de omgeving. Ze dragen hun kennis over als een meester aan een leerling.'

Motivatie is het belangrijkste criterium, vindt hij. 'Of ze talent hebben, zie je pas later. Het is als met schilderen. Ze moeten eerst de techniek leren, weten hoe een palet te gebruiken, hoe geuren te mengen. Als ze hier weggaan, moeten ze alles nog leren. Het kost zeker tien jaar om een goede neus te worden.' Veel leerlingen bevalt het zo goed dat ze in Frankrijk willen gaan werken. Maar daar is de school niet voor bedoeld. 'We willen graag dat ze teruggaan naar Japan, Rusland of India. En dan klant blijven bij de bedrijven in Grasse.'

'Dit is als modeontwerpen', zegt Pulkit Malhotra (24), die tussen het ruiken door een sigaretje rookt op de parkeerplaats voor de deur. 'Het is een droom; iedereen wil wel parfumeur worden.' Hij kreeg de geuren van huis uit mee, zijn vader is parfumeur in New Delhi. 'Die gebruikt alleen natuurlijke geurstoffen. Hij stuurde me naar Grasse om de synthetische ingrediënten te leren kennen.'

'Ze maken je hier kostenbewust', zegt Malhotra. 'Ze geven je een parfum van 100 euro en zeggen dan; nu wil ik een goed parfum voor 50 euro. Welk ingrediënt laat ik weg?' Hij maakt zich nu al zorgen om de eindejaarsopdracht, als de leerlingen een geur moeten ontwerpen voor een lokale firma.

Ook marketing en geurherkenning horen bij de basisvaardigheden. Daarom worden in de loop van de ochtend andere parfumklassiekers behandeld. Calèche van Hermès (1961) komt langs. 'Een mannelijke geur, leerachtig, cipres, amber', vindt de klas. Al haalt iemand er ook 'iets van babypoeder' uit en ruikt een ander lelietjes-van-dalen.

Dan wordt Madame Rochas van Rochas (1960) besnuffeld, door de klas als een prettige zomergeur betiteld. Minder in de smaak valt Calandre van Paco Rabane (1969). 'Vreselijk, dit ruikt naar openbare toiletten', is het vernietigende oordeel. Ook lerares Rebado stelt 'een lichte overdosis' vast. De rust keert weer bij Rive Gauche van Yves Saint-Laurent (1970). Rebado: 'Saint-Laurent noemde dit avant-garde: bedoeld voor de vrijgevochten vrouw die een broek draagt en openlijk flirt.'

De klas zucht instemmend. 'Dit zou ik zo kunnen dragen.'

Composities van Grasse

Grasse is al eeuwenlang de parfumhoofdstad van de wereld. Lees er Het Parfum, de succesroman van Patrick Süskind, maar op na. Ooit werden de parfums hier daadwerkelijk gemaakt - de viooltjes, lavendel en rozemarijn groeien er om de hoek -, nu is het vooral de stad van de reukstoffen. In Grasse stellen de parfumhuizen hun geurcomposities samen. De geurindustrie heeft van handwerk een hoofdarbeid gecreeërd en geeft er werk aan ongeveer drieduizend mensen. Kleinere merken als Fragonard, Galimard en Molinard worden er nog gemaakt, hun fabrieken en bloemenvelden kunnen worden bezocht. In Grasse is ook het Musée International de la Parfumerie gevestigd.

museesdegrasse.com

undefined

Meer over