Frietje met een ziel

Mooi zijn de Belgische frietkoten niet. Krakkemikkige hutjes zijn het, knullig in elkaar getimmerd, troosteloos en afgeleefd. Toch bezitten ze een bepaalde charme, vindt de jonge fotograaf Jesse Willems, die het Belgische patatpatrimonium samenbracht in zijn boek Barak Friture.

'In nieuwe frituren is alles proper', zegt hij, 'maar het gevoel lijkt soms vergeten. Vergelijk het met een mp3: de muziek klinkt perfect, zonder ruis. Maar dezelfde muziek op een elpee met krassen heeft meer charme. Die oude frietkotjes zitten wel in vieze barakken, maar ze hebben tenminste een ziel.'

Willems (1984, Antwerpen) reisde het afgelopen jaar heel België door, op zoek naar echte frietkoten. Geen ingebouwde snackbars, maar losstaande constructies van hout en plastic, de zogenaamde 'koudevoetenrestaurants'. Hij zocht langs rijkswegen, dorpspleinen en grensovergangen na een vakantie in het buitenland wil de Belg maar één ding, en dat is friet.

Het was geen makkelijke zoektocht, want echte frietkoten vind je in België steeds minder. Soms zag hij op Google Street View een mooi exemplaar, bleek het in werkelijkheid al verdwenen. 'Rijd je 150 kilometer de Walen in, om te merken dat het er niet meer staat', zegt hij. 'Dat was wel pijnlijk.'

Tegelijk werd dat zijn missie als fotograaf: vast te leggen wat aan het verdwijnen is. 'De Patat' in Weelde, 'Casa Patata' in Gijzegem, 't Barakske' in Willebroek morgen zijn ze er misschien niet meer.

'Op zich begrijp ik het wel', zegt Willems. 'De mensen willen iets dat meer aangepast is aan de 21ste eeuw: proper, hygiënisch, in een huis en niet langs de kant van de weg. Toch is het jammer. Die frietkotjes maken deel uit van onze cultuur.'

In feite zijn de frietkoten een verlengstuk van het beruchte Belgische gebrek aan ruimtelijke planning. Chaotisch, eclectisch en schijnbaar lukraak in elkaar gezet. Willems: 'Ze zijn een stuk van onze identiteit.'

Maar dit stuk van de Belgische identiteit is niet langer gewenst. Van de frietkoten in Willems' boek zijn er nu al vijf of zes verdwenen. De oude rijkswegen worden minder gebruikt, het cliëntèle blijft weg. En in de dorpen worden de morsige frietkotjes uit het straatbeeld geweerd.

Het pijnlijkste, vindt Willems, is dat er niets in de plaats komt van de frietkotjes, die toch een sociale functie hebben. 'Het past niet meer in het straatbeeld, maar er wordt niets tegenovergesteld. Wat overblijft is een vettige plek op de grond.'

Door: Leen Vervaeke

Barak Friture van Jesse Willems verschijnt op 3 oktober bij uitgeverij Luster. lusterweb.com, ISBN 978 94 6058 1359, 131 pagina's, 21,50 euro.

Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems
Jesse Willems