Freakshow op 9 kilometer hoogte

Files op weg naar de top, espresso in het basiskamp. Het wordt steeds gekker op de Everest. Moeten er geen grenzen komen aan het aantal klimmers op de hoogste berg?

AMSTERDAM - Zestig jaar na de eerste geslaagde beklimming van Mount Everest is de hoogste berg ter wereld het decor geworden van een freakshow. Bejaarden, kinderen, blinden, eenbenigen en nu ook de eerste tweeling - klimmers doen er hun best een nieuw record te vestigen.

Het lijkt erop dat een deel van de duizend alpinisten die dit jaar een poging wagen dat niet meer doen om de Everest (8.848 m) te overwinnen, maar vooral zichzelf. Op de spaarzame dagen dat de top beklommen kan worden is het intussen zo druk in de 'zone des doods', dat er verkeersopstoppingen ontstaan. Files van klimmers die soms twee uur rillend moeten wachten bij de kritieke passages, op plekken ver boven de achtduizend meter, waar zo weinig zuurstof in de lucht zit dat ademen alleen al een krachtmeting is.

National Geographic Magazine stuurde schrijver en avonturier Mark Jenkins naar boven. In het juninummer van het blad komt hij - verhalend over ingevroren lijken, achtergelaten rotzooi en concurrerende klimmers die elkaar geen centimeter ruimte gunnen - tot de volgende conclusie: 'De berg is een icoon geworden voor alles wat er mis is met het bergbeklimmen.'

Frits Vrijlandt, de eerste Nederlander die, in 2000, de Everest via de noordkant beklom, noemt het verhaal 'een beetje overdreven', maar maakt zich net als anderen zorgen over het alpiene circus dat telkens losbreekt in mei, de maand met de meeste kans op succes. 'Van mij mag iedereen die de mogelijkheid heeft omhoog. Maar het is geen gelukzoekersberg. Je moet er ervaring voor hebben. Het moet niet op een lijstje staan, als: ik wil het Kanaal over zwemmen, van Noord- naar Zuid-Amerika fietsen en de Everest op.'

Vrijlandt is voorzitter van de internationale bergsportfederatie UIAA - een unicum, voor een laaglander - en onderweg naar Nepal om woensdag de eerstbeklimming van de Everest door Tenzing en Hillary (in 1953) te vieren. Hij vindt dat een klimmer in staat moet zijn op eigen kracht de top te halen. 'Maar je ziet ook steeds meer mensen waar iets mee is. Blinden, gehandicapten, mensen die geholpen worden door begeleiders. Ook mensen met te weinig geld. Dat geeft problemen.'

Een triest lot voor Sagarmatha, de Godin van de Lucht, zoals de Nepalezen hun berg noemen, of Chomolungma, Moedergodin van de Aarde, haar Tibetaanse naam. Het beklimmen van de top is de laatste tijd eenvoudiger geworden door beter materiaal en betere gidsen en vooral betere logistiek. Voordat de alpinisten omhoog gaan, maken tientallen sherpa's de berg klaar door vaste touwen aan te leggen. Klimmen langs die 'fixed ropes' is min of meer verplicht. Bedrijven bieden 'full service'-expedities aan, inclusief espressomachine in het basiskamp. Dat trekt ook mensen met minder ervaring.

'Het is vreselijk wat de berg wordt aangedaan', zegt Katja Staartjes (eerste Nederlandse vrouw op de top, 1999). 'Het heeft nog maar weinig te maken met het echte klimmen of met het gevoel voor de bergen. Je eigen weg zoeken, afwegingen maken, het stille, het maagdelijke - het is een commercieel avontuur geworden. Dat is trouwens op de Mont Blanc niet anders.'

In 1990 was het succespercentage op de Everest 18 procent (72 mensen op de top, vier doden), vorig jaar was dat 56 procent (547 mensen op de top, tien doden). In de tijd van Tenzing en Hillary was Nepal een beperkt toegankelijk koninkrijk, en kon de Everest alleen veroverd worden met een bijna militaire belegering. Tot in de jaren tachtig werden slechts een paar expedities per seizoen toegelaten. Nu is er geen quotum en kopen klimmers voor tienduizenden euro's een kans op de top bij een van de commerciële 'outfitters', die vaak zeer professioneel zijn, soms niet.

'Ik moet er niet aan denken er nu heen te gaan', zegt Katja Staartjes. 'Wat beweegt mensen dat je in zo'n drukte en gekte wil klimmen? De Japanner van 80 die deze week op de top stond, is drie keer op de Everest geweest. Hij was de eerste die eraf skiede, in de jaren zeventig. Wat wil hij nog bewijzen?'

Klimmers hebben vaak sponsors nodig en die willen media-aandacht. Ze zoeken iets bijzonders. Deze maand was er al succes voor de oudste man (80 jaar, met hartklachten), de jongste Arabier (25), de eerste tweeling die samen klom, de eerste Pakistaanse vrouw, het eerste U.S. Airforce-team, de eerste vrouw met één been (het andere verloor ze bij een treinongeval), de eerste die twee keer op de top stond in hetzelfde seizoen. Noviteit was ook de stunt van Daniel Hughes, die als eerste met een videotelefoon belde vanaf de top, zodat zijn prestatie live werd uitgezonden op de BBC.

Mount Everest, wat nu?

Stemmen gaan op om het aantal vergunningen te beperken, ervaring te eisen en gidsbureaus te certificeren. Vrijlandt en Staartjes zien alleen heil in het eerste, want wie gaat de regels controleren? Minder klimmers gaat ten koste van de sherpa's en van het arme Nepal, dat veel verdient aan de Everest. 'Toch moeten we naar maximering kijken', zegt Vrijlandt. Staartjes: 'Het wrange is dat vaak een drama nodig is, een plotselinge storm boven op de berg, om zoiets voor elkaar te krijgen.'

Kader: Neefjes bereikt de top

Als enige Nederlandse klimmer in 2013, bereikte Marlies Neefjes donderdag de top van de Mount Everest. Vorig jaar moest ze nog afhaken vanwege een bevroren vinger. De tocht duurde door de wind langer dan gebruikelijk. Neefjes is de derde Nederlandse vrouwelijke klimmer op de top, en de eerste die dit via de noordkant lukte. Haar 15-koppige team is georganiseerd door het bedrijf Summit Climb, dat voor een 'full service-beklimming' ruim 20 duizend euro per persoon rekent.

undefined

Meer over