Vijf vragen

Frankrijk trekt zijn troepen terug uit Mali, maar daarmee is de strijd tegen terreur niet voorbij

Na negen jaar vergeefse strijd tegen islamitische terreur geloofde in Mali niemand meer in een militaire oplossing. Nu Frankrijk zich terugtrekt is de weg vrij voor Mali om met de jihadisten te onderhandelen, iets wat voor de Fransen onbespreekbaar was.

Carlijne Vos
Een Franse luitenant in gesprek met Malinezen. Beeld ANP / Abaca Press
Een Franse luitenant in gesprek met Malinezen.Beeld ANP / Abaca Press

Waarom trekt Frankrijk zich nu terug uit Mali?

De Franse aanwezigheid in Mali was om meerdere redenen niet langer houdbaar. De weerstand tegen de oud-kolonisator nam in Mali sterk toe en in Frankrijk zelf was het vertrouwen in het nut van de missie op een dieptepunt beland. In de negen jaar dat Frankrijk in Mali en buurlanden aanwezig was met zijn momenteel 4.300 koppige missie Barkhane, zijn 53 Franse militairen gesneuveld en is de islamitische terreur niet verminderd maar zelfs verergerd en uitgewaaierd naar buurlanden. Met het oog op de naderende verkiezingen in Frankrijk besloot president Emmanuel Macron vorig jaar al dat het tijd was om terug te trekken.

In de afgelopen weken verslechterde de relatie ineens rap met de regering van kolonel Assimi Goïta, die twee jaar geleden aan de macht kwam met een dubbele staatsgreep. De spanning begon op te lopen toen Mali huurlingen van de Russische Wagner-groep toegang bleek te hebben gegeven tot het land. Vervolgens stelde Goïta de geplande verkiezingen voor deze maand ineens uit met drie tot vijf jaar. Tenslotte zette Goïta de Franse ambassadeur uit, toen deze kritiek gaf op de gang van zaken.

Was de Franse militaire missie in Mali dan eigenlijk vergeefs?

Van een mislukte missie wil Macron niet horen. ‘Wat zou er gebeurd zijn als wij er in 2013 niet voor hadden gekozen om Mali te hulp te schieten? Dan was het land volledig uit elkaar gevallen’, zei hij donderdagochtend bij de officiële aankondiging van het vertrek. Zijn verklaring luidt: ‘We kunnen niet langer militair betrokken blijven bij Malinese autoriteiten wier strategie en doel we niet delen.’

De terugtrekking geldt ook voor de Takuba-taskforce. Die werd twee jaar geleden opgericht om de Franse militaire missie te vervangen door een Europese, in een vergeefse poging van Frankrijk om wat minder nadrukkelijk aanwezig te zijn. Hoewel veertien Europese lidstaten meedoen, bleef het toch vooral een door Franse commando's gedomineerd initiatief.

Wat betekent dit voor de strijd tegen terreur in de rest van de Sahel?

Voor aanvang van de EU-Afrikatop die dezer dagen plaatsvindt in Brussel, besprak Macron woensdagavond de impasse rond Mali met Afrikaanse leiders in het presidentieel paleis in Parijs. De militaire machthebbers van Mali en Burkina Faso, waar vorige maand ook een staatsgreep heeft plaatsgevonden, waren niet uitgenodigd. Buurland Niger zou bereid zijn om de westerse militairen een thuisbasis te geven. Ook andere West-Afrikaanse landen hebben aangegeven door te willen gaan met de gezamenlijke strijd tegen terreur. President Alassane Ouattara van Ivoorkust waarschuwde dat de Franse terugtrekking een last legt op regionale overheden. ‘We zijn nu gedwongen onze defensie op te schalen zodat we onze grenzen beter kunnen beschermen.’

De Senegalese president Macky Sall, tevens voorzitter van de Afrikaanse Unie, zei dat hij het besluit van Frankrijk om zich terug te trekken, begreep en dat hij verheugd was over ‘de consensus dat de strijd tegen terreur niet alleen een zaak is voor Afrikaanse landen’. De betrokken landen van de Takuba-taskforce hebben de Afrikaanse leiders woensdag beloofd dat er in juni – als de Franse militaire terugtrekking uit Mali is afgerond – een plan ligt over de manier waarop de internationale strijd tegen terreur in de Sahelregio kan worden voortgezet.

Wat betekent de Franse terugtrekking voor de VN-Vredesmissie Minusma?

Op dit moment is er nog geen sprake van dat deze missie, waaraan Nederland ook lang heeft deelgenomen, wordt stopgezet. Wel zijn er flinke zorgen over de bescherming van de 14 duizend blauwhelmen als de Fransen geen militaire steun meer kunnen geven. Dezelfde zorgen worden geuit over de Europese trainingsmissies EUTM en EUCAP. De Duitse minister van Defensie Christine Lambrecht zei donderdag dat het zonder de Franse luchtsteun wel heel erg moeilijk wordt missies in Mali veilig voort te zetten. Nederland ondersteunt Minusma sinds eind vorig jaar weer met een transportvliegtuig en ongeveer 90 militairen. De vraag is of hiervoor politieke steun blijft, nu Mali tegen de wens van de Tweede Kamer in zee is gegaan met Russische huurlingen en de Malinese militaire machthebbers hun eigen koers blijken te varen.

Hoe gaat Mali de islamitische terreur nu bestrijden?

De Malinese machthebbers geven al langer aan dat zij niet meer geloven in een militaire oplossing maar met de jihadisten willen onderhandelen. Voor Frankrijk was onderhandelen met terroristen echter onacceptabel. De leiders van JNIM (Jama’at Nusratul Islam wal Muslimin), een aan Al Qaida gelieerde parapluorganisatie van islamitische terreurgroepen, staan open voor dialoog. Maar ze eisten eerst het vertrek van alle buitenlandse strijdkrachten uit Mali.

Nu Frankrijk vertrekt staat de weg voor onderhandeling open en daar zijn veel Malinezen blij mee. Volgens analisten zijn alle betrokkenen moe van de strijd en vinden er achter de schermen al gesprekken plaats met de belangrijkste JNIM-leiders Amadou Koufa en Iyad Ag Ghali. In Mauritanië zou vorige week een topoverleg hebben plaatsgevonden, waarbij naast enkele Malinese ministers ook de zeer invloedrijke salafistische imam Mahmoud Dicko aanwezig was. Hij hekelt de ‘contraproductieve’ en ‘agressieve’ aanpak van Frankrijk en pleit al langer voor overleg en het betrekken van burgernetwerken om vrede te bewerkstelligen.