Fraai gortdroog tuinboek

Je hoeft geen knalgroene vingers te hebben om toch soms met plezier door een tuinboek te bladeren. Hoewel, het wordt snel wat al te knus in die boeken, met een doorkijkje naar een marmeren cherubijntje hier, een leuke antieke tuinbank daar, enzovoort....

Het kan ook anders, zo blijkt met Noguchi in Paris, echt een juweel van een gortdroog tuinboek, met een fraaie kaft die net de juiste fifties-schwung heeft zonder te retro te zijn. Professor Marc Treib uit Berkeley, Californieschrijft de geschiedenis van een prachtige tuin in Parijs, in de schaduw van Marcel Breuers al even mooie kantoorgebouw voor de Unesco. De Amerikaans-Japanse beeldhouwer Isamu Noguchi ontwierp een tuin die hij zelf 'a somewhat Japanese garden' noemde. Dat ging in het Europa van de jaren vijftig niet zonder slag of stoot. Immers: De Jappen vochten tien jaar eerder nog aan de kant van de moffen. Was de culturele, onder de VN opererende Unesco bovendien al niet per definitie geldverspilling? En moest er dan ook nog een rare artistieke tuin worden aangelegd? Noguchi ontwierp iets dat zowel streng en strak als bubblegummerig en vrolijk was. Bij oplevering zag het er wat kaal uit, maar na bijna een halve eeuw is de Unesco-tuin een weldadige oase van moderne natuur en steen.

Minstens zo fascinerend als het onderwerp is het boekje zelf: zo absurd gedetailleerd dat het bijna onleesbaar is, maar het oogt prachtig op een van Noguchi's beroemdste ontwerpen: de salontafel van twee L-vormige, schar nie rende houten poten met een afgeronde driehoekige glasplaat erop.

Meer over