'Foute' dieren krijgen goede plek

Dierentuin GaiaZOO in Kerkrade opent vandaag een nieuwe volière vol 'vreemde vogels': exotische dieren die door toedoen van de mens in onze natuur zijn ingeburgerd.

KERKRADE - Wat is de overeenkomst tussen een halsbandparkiet, een mandarijneend, een Noord-Koreaanse bosfazant, een heilige ibis, een wasbeer en een gestreept stinkdier? Het zijn allemaal 'foute' dieren in de Nederlandse natuur. Het zijn exoten die van heinde en ver hier naartoe zijn gehaald, als siervogel, huis- of pelsdier. Ze zijn ontsnapt of door de eigenaar op straat gezet en sindsdien lopen of vliegen ze rond in dit kikkerland.

'De meeste exoten overleven onze winter niet', zegt Tjerk ter Meulen, zoölogisch manager van dierentuin GaiaZOO in Kerkrade. Slechts eentiende van de binnenkomende buitenlandse soorten vindt hier vaste voet aan de grond, of in de boom. Welke Amsterdammer kent niet die kwetterende halsbandparkieten in het Vondelpark?

De dierentuin in Kerkrade opent vandaag een nieuwe volière vol 'vreemde vogels', om het publiek bewust te maken van de aanwezigheid van exoten in de Nederlandse natuur. De een vindt het een verrijking, de ander gruwt van deze faunavervalsing. Feit is wel dat ze inheemse soorten kunnen verdringen of wegjagen, al lijkt dat nog amper het geval te zijn.

De halsbandparkiet heeft zich in ieder geval al behoorlijk genesteld in Nederland. Eind jaren zestig zijn al de eerste 'halsbandjes' ergens ontsnapt of uitgezet. Nu vliegen er circa 11 duizend rond in stadsparken in de Randstad - waar ze het makkelijkst aan voedsel komen - en sinds kort ook in landelijk gebied. Ze broeden in boomholtes waar ook de grote bonte specht en boomklever gebruik van willen maken. Volgens Ter Meulen wordt nu onderzocht of de specht echt hinder ondervindt van zijn uit Azië afkomstige concurrent. Fruittelers klagen ook over schade aan de vruchtbomen. 'Het is makkelijker om vreemde vogels de schuld te geven dan onze eigen merel', zegt hij lachend.

undefined

Heilige ibissen

De afgelopen dagen zijn de exoten aangevoerd uit andere dierentuinen. Vrijdagmiddag staan de heilige ibissen keurig in het gelid in de boomtoppen. De Afrikaanse vogels komen voor in Nederland sinds ze begin vorige eeuw ontsnapten uit vogelparken. Hun aantal is beperkt - sommige exemplaren werden weer gevangen.

De mandarijneend, afkomstig uit Siberië en China, leeft al een paar eeuwen in Nederland. De carolina-eend uit Noord-Amerika is er sinds de jaren tachtig, in kleine aantallen bij Arnhem en in Brabant. Van een heel ander kaliber is de Noord-Koreaanse bosfazant, ooit gehouden als siervogel en uitgezet voor de jacht. Wie beseft nog dat de fazant een uitheemse Aziatische vogel is? Hun aantal wordt geschat op 80- tot 100 duizend.

De roodwangschildpad, oorspronkelijk uit Noord-Amerika, laat zich nog even niet zien. 'Maar vrijdagmorgen lag die nog te zonnen op die stenen daar', gebaart Ter Meulen. Al meer dan een halve eeuw komen ze in Nederland voor. 'Ze werden aangeschaft als huisdier, maar groeiden soms letterlijk uit de vissenkom. Kom, dachten mensen dan, we geven hem de ruimte in de vijver in het park.'

Buiten de 'voute voliëre', zoals de werknaam van het nieuwe dierenverblijf luidde, komen in een ander verblijf nog twee 'foute' dieren voor: de wasbeer en het gestreepte stinkdier. De wasbeer deed circa 1970 zijn intrede in de Nederlandse natuur, ontsnapt als pelsdier of losgelaten voor de jacht. De populatie wordt geschat op enkele tientallen. Ook naar schatting dertig gestreepte stinkdieren leven in het wild, met name in Zuidoost-Friesland.

'Moeten we blij of juist niet blij zijn met deze exoten?', herhaalt Ter Meulen peinzend de vraag. 'Ach, het gebeurt', antwoordt hij. 'Mensen halen ze uit andere delen van de wereld en opeens blijken ze zich ook hier te kunnen handhaven. Zolang ze niemand - mens of dier - kwaad doen, heb ik er geen probleem mee.'

De aanwezigheid van exoten is het gevolg van menselijk handelen. Maar door de mens kunnen ook inheemse soorten verdwijnen en later weer opduiken. Zoals de grijze wolf, die ooit talrijk in onze bossen voorkwam, verdween en mogelijk deze maand weer verscheen net over de grens in de omgeving van Ootmarsum.

Ter Meulen, lopend langs de nieuwe wolvenvallei in het park: 'Wij mensen maken veel stuk, maar doen het ook weleens goed. Twee weken geleden heeft een wolf waarschijnlijk 48 uur vertoefd in Nederland. De Europese oehoe, bijna verdwenen uit Nederland, had dit jaar een recordaantal van veertien broedparen in Limburg. En de raaf heeft dit jaar voor het eerst sinds 1870 weer in Limburg gebroed, in nationaal park de Maasduinen.

undefined

Meer over