Forten

Michaël Zeeman reist langs Europa's nieuwe grens. Vandaag: Narva..

Michaël Zeeman

In het stadje Narva, in het uiterste noordoosten van Estland, verbindt een lange, smalle brug beide oevers van de rivier de Narva met elkaar. De rivier maakt er een lome bocht en in het midden heeft zich een zandbank gevormd. Sinds mensenheugenis moet hier gezocht zijn naar mogelijkheden door de rivier te waden of haar te overbruggen.

Bezuiden de stad gaat het niet.

Daar ligt een breed meer, waarvan de oevers moerassig zijn. Nog verder naar het zuiden is de rivier veel te breed. En vijftien kilometer noordelijker mondt de Narva uit in de Oostzee. Als er een plek is om de natuurlijke begrenzing tussen de twee werelden aan weerszijden van het water over te steken, dan is het hier.

Op de kop van de brug staat aan de Estlandse kant een oud kasteel. Een donjon, een versterkte uitkijktoren met een borstwering ervoor, meer is het eigenlijk niet. Het ligt op een vernuftig geconstrueerd bolwerk, hoog boven het water. Nog geen honderd meter verder, aan de overkant, waar het Ivangorod heet, staat een Russisch fort: een brede, blinde muur, met aan iedere kant een wachttoren. Al eeuwenlang staan ze hier tegenover elkaar en vrijwel al die tijd hebben op beide oevers soldaten wacht gelopen om elkaar in de gaten te houden. De rivier en de forten, ze markeren een harde grens, een botsing tussen culturen misschien.

Het fort aan Estlandse kant is van Deense origine. In de strijd om de Baltische gebieden, die mettertijd door Denen, Zweden, Duitsers en Russen gevoerd is, waren de Denen hier de aanvankelijke winnaars. Hier verschansten ze zich tegen de Russen, zoals de Russen dat aan de overkant tegen hen deden.

Vanaf volgend jaar begint hier een nieuwe grens, die tussen de Europese Unie en de rest, dat is: Oost-Europa. Net na de Tweede Wereldoorlog kondigde Winston Churchill in een beroemde rede aan, dat er een IJzeren Gordijn over Europa zou neerdalen, 'from Stettin in the Baltic, to Trieste in the Adriatic'. Stettin zou even later Rostock worden, maar dat gordijn hing er – en ruim veertig jaar lang bleef het hangen, de nauwelijks doordringbare scheidlijn tussen Oost en West in Europa. Al die tijd zag het er niet naar uit dat het ooit verdwijnen zou.

Toen kwam er een revolutie, de zachtmoedigste die dit werelddeel ooit gezien had, een revolutie zonder bloedvergieten, een Fluwelen Revolutie. Het IJzeren Gordijn zeeg in het najaar van 1989 met een zucht ineen. Waar de grens tussen Oost en West vanaf dat moment liep, was moeilijk te zeggen.

Dat zal vanaf begin volgend jaar, als alle referenda gunstig verlopen, anders zijn. Tien nieuwe lidstaten treden dan toe tot de Europese Unie. Als we even afzien van Griekenland en de twee eilanden in de verte, Cyprus en Malta, zal Europa een nieuwe oostgrens kennen, zal een nieuw gordijn oost en west scheiden: van Narva in het Balticum, tot Triëst aan de Adriatische Zee.

Meer over