Festivaldirecteur Field legt zijn troef op tafel

Geen Jackie Chang of een andere vrolijke vechtersbaas uit Hong Kong, zoals vorig jaar, maar keurig buigende Japanse actrices in kimono's versierden woensdagavond de opening van het 27ste International Film Festival Rotterdam....

Van onze verslaggever

Peter van Bueren

ROTTERDAM

Dit tweede festival onder zijn leiding is pas goed zíín festival en met meer zelfvertrouwen dan vorig jaar legde Field zijn eerste troef op tafel: een Nederlandse film. Ooit was er een tijd dat de Nederlandse film en Rotterdam elkaar met enige wrevel bejegenden. Niet dat er ooit een festivaldirecteur is geweest die principieel de Nederlandse film afwees, maar zelden was er zo'n kwantitatief aandeel van Nederlandse films in het hoofdprogramma als nu.

Het kan zijn, omdat Simon Field als onwetende Engelsman van meet af aan verrast was door wat er hier wordt gemaakt, of dat er toevallig net deze keer een stapel aardige werkjes klaar zijn.

Maar het is evengoed mogelijk dat Nederlandse filmers die verder kijken dan de vaderlandse grenzen en niet uit zijn op een klein instant succesje op het interne festijn van het Nederlands Filmfestival in Utrecht, hun première afstemmen op Rotterdam. De belangstelling daarvoor groeit ook uit het buitenland alsmaar door en de kans op internationale aandacht wordt steeds groter.

Een van die nieuwe films, Felice. . . Felice. . . van Peter Delpeut, bleek goed genoeg voor de opening, dus iedereen blij op een festival dat nog steeds de wind in de zeilen heeft. Het aantal vooruit bestelde kaartjes was nog vóor de opening opgelopen tot 80 duizend, hoewel de angst dat alles al vol zit ongegrond is.

De enige tegenvaller is de afzegging van twee belangrijke gasten: de befaamde Franse scenarioschrijver Jean-Claude Carrière, die een lezing zou even, is ziek. En door nare familieomstandigheden heeft ook Michael Haneke afgezegd, de regisseur van Funny Games, sleutelfilm in het themaprogramma The Cruel Machine.

Felice. . .Felice. . . bleek inderdaad een waardige opening. Een geheel in Nederland gemaakte Japanse film, op Johan Leysen na bevolkt door Japanse acteurs en actrices, Japans gesproken en in de stijl van een echte Japanse film verteld. Echt dan in de ogen van regisseur Peter Delpeut, nauwelijks van vals te onderscheiden.

Het gegeven is simpel: een Nederlandse fotograaf (de weer voortreffelijke Johan Leysen) die ooit in Japan werkte en daar de liefde van zijn leven ontmoette, vertrok met achterlating van die vrouw en keert, in het jaar 1895, terug om haar weer te vinden. Wat hij meemaakt schrijft hij op in een brief aan zijn broer, 'omdat een brief hopelijk de waarheid beter weergeeft dan foto's'.

Een eerste hint dat foto's (kunst?) bedrog zijn. Letterlijk bij Delpeut, want deze heeft een aantal prachtige ingekleurde glasplaatjes verzameld die in zijn film worden gebruikt als de herinneringen van Felice aan zijn vroegere tijd in Japan en tegelijk als weerspiegeling van de zoektocht die hij onderneemt naar zijn verloren liefde.

Wanneer hij zijn vroegere huis binnenkomt, houdt Felice zijn schoenen aan en overtreedt meteen een belangrijk Japans gebruik. De dienster probeert hem nog tot de orde te roepen en zegt bovendien dat zij haar eerst thee moet schenken. Kleine grapjes voor wie iets weet van Japan of de Japanse film.

De hele film zit vol van dergelijke lucide momenten en is een delicatesse voor fijnproevers, eindigend met een paar mooie grappen over fotografie en film - niet voor niets precies op 28 december 1895, de dag dat Felice's Japanse leerling verzucht dat de fotografie 'levend' zou moeten zijn. Het is de dag dat de gebroeders Lumière hun eerste openbare filmvertoning gaven in Parijs. Leuke, secure en intelligente film.

Vandaag begint het festival in alle zalen en met een zeer divers programma. Neem de hilarische vervolgserie van Lars von Trier Riget II, een reeks nieuwe krankzinnigheden in het spookziekenhuis in Kopenhagen. Wie dat wil zien, is al meteen 298 minuten netto kwijt.

Twee sterke films voor een groot publiek zijn Rien ne va plus, de vijftigste film van Claude Chabrol met Michel Serrault en Isabelle Huppert als stel oplichters en de nieuwe Woody Allen Deconstructing Harry.

Je hoort tegenwoordig steeds meer dat Woody Allen-fans het inmiddels wel gezien hebben met de neurotische komiek. Die zullen spijt krijgen wanneer zij Deconstructing Harry laten lopen. Allen speelt een schrijver met de naam Harry Block, wiens naam zijn situatie al verraadt, want de man lijdt zwaar onder een 'writer's block'. De reeks verwarrende psychologische ontwikkelingen lijken, niet ongewoon in een film van Woody Allen, op een therapeutische zitting waarin fantasie en werkelijkheid onnavolgbaar door elkaar dwarrelen. Zijn de romanfiguren van Harry Block getekend naar de werkelijkheid of zijn de mensen die hem omringen door hem bedachte romanfiguren?

De film stikt van bekende sterren die even langs komen, van Kristie Alley, Demi Moore, Richard Benjamin en Billy Crystal tot Robin Williams. Iedereen als zichzelf en toch weer niet. Anderhalf uur veel plezier van een man wiens energie onvoorstelbaar blijft en die de ene flauwe mop na de andere ijzersterke grap uit zijn mouw strooit. Een van de gruwelijkste: 'Natuurlijk weet ik dat er in de oorlog zes miljoen joden vermoord zijn. Maar ik weet ook dat iemand dat record zal breken.' Theo van Gogh en Paul de Leeuw kunnen dat niet maken, Woody Allen mag het zeggen.

Ook vandaag de eerste twee films die meedoen in de competitie voor de Tiger Awards, het zorgvuldig geselecteerde lijstje films van jonge regisseurs die Simon Field voorlegt met de suggestie dat dit wel eens de talenten van de toekomst kunnen zijn. Twee merkwaardige films: Die Siebtelbauern van de Oostenrijker Stefan Ruzowitzky en Knoflígari van de Tsjech Petr Zelenka ('en vrienden' staat er bij de titels).

Die Siebtelbauern speelt zich af vlak na de Eerste Wereldoorlog in een traditioneel boerendorp. Een boer sterft en laat zijn bezit na aan zijn zeven mannelijke en vrouwelijke knechten. Dat kan helemaal niet in die gemeenschap en de nieuwe eigenaren krijgen het zwaar te verduren in een originele, prachtig gefotografeerde geschiedenis vol knoestige mensen en zwijgende koppen. Een omgekeerde Heimatfilm, over tradities, opstand, klassenstrijd, hypocrisie, liefde en geweld.

Het is een film over het boerenland zoals Theu Boermans die zou kunnen maken.

De ondertitel van de Tsjechische Knoflíkari luidt 'een zwarte komedie over vergiffenis'. Vergeven wordt de Amerikaanse piloot die op 6 augustus 1945 de eerste atoombom op Japan liet vallen. Hij komt door een spirituele seance van kinderen vijftig jaar later in Praag terecht, vindt de aftandse taxi's daar wel heel modern en krijgt vergiffenis van een geflipte psychiater.

De film is een hoogst ongewone aaneenschakeling van absurde scènes die niets met elkaar te maken lijken te hebben, maar toch uiteindelijk aan elkaar passen en een maatschappij tekenen vol geschifte mensen, die aantonen dat de wereld na die atoombom alleen maar uit idioten bestaat. Onder leiding van een oorspronkelijke, krankzinnige filmregisseur.

Meer over