Exil-graficus

Als 'mangelhaft' omschreef de leraar op het gymnasium in Berlin-Charlottenburg het handschrift van zijn leerling Henri Friedlaender. In de marge van het overgangsrapport van 1917 voegde hij nog toe: 'Er muss auf die Schrift mehr Sorgfalt verwenden.'..

HUB. HUBBEN

Over bijvoorbeeld de fameuze avondcursus 'Typografie en letterschrijven' die Friedlaender zelf dertig jaar later, in de winter van 1948/1949, aan de Amsterdamse Grafische School gaf, raken zijn intussen bejaarde en veelal bekend geworden leerlingen nog immer niet uitgepraat, zoals bleek uit de pagina's die Kurt Löb vulde met hun herinneringen aan Friedlaender in zijn dissertatie Exil-Gestalten - Deutsche Buchgestalter in den Niederlanden 1932-1950 (Gouda Quint, 1995).

In dit boek belicht Löb leven en werk van Henri Friedlaender (1904-1996) en Paul Urban (1901-1937), twee Duitse ontwerpers die, op de vlucht voor de nazi's, in Nederland verzeild raakten en hier een groot aantal boeken verzorgden voor de Exil-uitgeverijen Allert de Lange en Querido. De meeste aandacht gaat uit naar Friedlaender omdat hij tot 1950 in Nederland verbleef, terwijl Paul Urban, naast ontwerper ook werkzaam als geheim agent van de Russische geheime dienst GPOe, in 1937 spoorloos verdween in Rusland.

Met Löbs boek als basis is in de onlangs danig opgeknapte expositiezaal van de Amsterdamse universiteitsbibliotheek de tentoonstelling 'Grafici in ballingschap' ingericht (tot en met 16 mei; catalogus ¿ 12,50), waarvoor Löb het materiaal aandroeg: boeken, ontwerpen, portretten, brieven, Friedlaenders publicaties over typografie, proefzetsel in zeldzame lettertypen. Toegevoegd zijn uitgaven, ontworpen door eveneens naar Nederland uitgeweken Duitse vormgevers als Helmut Salden, Susanne Heynemann en Otto Treumann - ontwerpers die tevens hun stempel hebben gedrukt op de naoorlogse boekproductie .

Friedlaender kon in 1932 op voorspraak van S.H. de Roos bij de Haagse drukkerij Mouton & Co. aan de slag als vormgever en artistiek adviseur. Hij herzag het gebruiksdrukwerk dat bij deze kwaliteitsdrukkerij van de pers rolde. Zijn typografie was zakelijk, ordenend en doelmatig, wars van de versieringsdrift die alom aanwijsbaar is in drukwerk uit die jaren.

Vriendschap met de chique Haagse uitgever en boekhandelaar L. Boucher leidde tot het vormgeven van een reeks bibliofiele uitgaven die Friedlaenders voormalige leerling en latere Querido-directeur Reinold Kuipers eens kenschetste als 'het boekvormelijk eigenste' dat Boucher, uitgever van zo'n zeshonderd titels, op de markt bracht.

De 222 boeken die de Duitse afdelingen van Allert de Lange en Querido tussen 1933 en 1940 uitbrachten, golden in nazi-Duitsland als verboden lectuur; de stofomslagen en boekbanden van de 118 boeken die Friedlaender en Urban ontwierpen - bizar genoeg hebben zij elkaar nooit ontmoet - zijn dan ook niet of slinks gesigneerd.

De tentoonstelling toont aan hoe verschillend de beide ontwerpers het werk van auteurs als Max Brod, Heinrich Mann, Stefan Zweig, Hermann Kesten en Joseph Roth behandelden. Waar Paul Urban, tevens illustrator, nogal eens fotomontages en tekeningen in zijn omslagen verwerkte, beperkte Friedlaender zich vrijwel altijd tot krachtige letterbeelden en een uitgewogen, maar daarom niet minder sprekende kleurstelling. Hij schreef of tekende de belettering en/of maakte gebruik van klassieke lettertypen. Het resultaat is expressief en helder; de kalligrafie losser en minder streng dan bij Helmut Salden, die andere spraakmakende boekverzorger en lettertekenaar van Duitse komaf.

Hoe nauwkeurig Friedlaender niettemin te werk ging, bewijst onder meer de proefdruk van een ex-libris met correctie-aanwijzingen van de ontwerper, dermate precies en minutieus dat gesproken mag worden van 'typografische fijnmechanica'. Tientallen jaar werkte hij aan het ontwerp van de Haddasah, een Hebreeuwse drukletter die eind jaren vijftig door de Lettergieterij Amsterdam in productie werd genomen.

In de laatste drie oorlogsjaren moest de joodse Friedlaender onderduiken. Na de oorlog verzorgde hij opnieuw boeken voor Boucher, maar eveneens voor J.J. Romen en Zonen, Elsevier, A.A.M. Stols, Querido, J.M. Meulenhoff en De Arbeiderspers. Aangezocht als directeur van de Haddasah Apprentice School of Printing in Jeruzalem, vertrok hij in 1950 naar Israël.

Hub. Hubben

Meer over