Examenmaker Cito leert moeizaam van eigen ervaringen

Het eindexamen economie voor de havo was dit jaar in vorm en inhoud radicaal anders dan het vwo-examen voor datzelfde vak. Terwijl beide examens uit hetzelfde Citogebouw komen. Dat is wonderlijk.

Ferry Haan

Het Cito heeft zich deze week herpakt met een prima economie-examen voor de havo. Een verzamelde groep docenten was zo enthousiast over een prachtig ontworpen havo-examen, dat zij hun eigen functioneren ter discussie stellen. Een eindexamen als inspiratie voor het onderwijs. Hoger kan het Cito niet stijgen. Dit nadat het Cito het vorige week nog lelijk liet afweten bij het vwo-examen voor het vernieuwde economieprogramma.

Voor de cynici, de docenten zijn niet tevreden omdat de leerlingen hoog scoren. Ik mag (nog) niets zeggen over de prestaties van de leerlingen, maar ik verklap niet veel als ik meld dat dit examen niet goed is gemaakt. De economiedocenten zijn toch tevreden omdat het een interessant, actueel, uitdagend, speels en herkenbaar examen was. Mijn collega’s en ik zien dat het examen tekortkomingen in onze lessen blootlegt. Wanneer veel leerlingen foute antwoorden geven op goede vragen, dan heeft de docent zijn werk niet goed gedaan.

Het verschil tussen de kwaliteit van het havo- en het vwo-examen van een week eerder, is onbegrijpelijk groot. Ik begrijp inmiddels dat ik niet over het Cito als één instituut mag praten. De examens worden gemaakt door groepjes docenten die afzonderlijk werken aan hun product. Er is een groep docenten verantwoordelijk voor het vwo-examen en er is een groep verantwoordelijk voor het havo-examen.

Om het verhaal nog ingewikkelder te maken, moet ik ook de rol van het College voor Examens (CvE) melden. Dit college is de eindverantwoordelijke voor de examens. Het CvE geeft de opdracht aan het Cito om een examen te ontwerpen. Het CvE blijft gaan over de normering en de punten.

Puik
Formeel zou je kunnen zeggen dat niet het Cito, maar het CvE vorige week heeft gefaald bij het vwo-examen voor het vernieuwde economieprogramma. Dit is ook in grote lijnen de verdedigingslijn van Ed Kremers, hoofd examens havo/vwo van het Cito in reactie op mijn vorige (boze) column over het functioneren van dit examenorgaan. Wanneer dat waar is, dan moeten natuurlijk ook credits voor het puike havo-examen naar het CvE.

In mijn stuk van vorige week was ik te stellig over het Cito. Ik had natuurlijk niet moeten zeggen dat bij het Cito docenten werken die lesgeven niet leuk vinden. Dat was onder de gordel. Hiervoor bied ik graag mijn verontschuldigingen aan. Mijn vragen over het functioneren van het Cito blijven echter staan.

Sterker, mijn vragen zijn door het prima examen voor de havo alleen maar toegenomen. Hoe kan het dat de ene club docenten precies begrijpt wat de bedoeling is van het vernieuwde programma, terwijl de andere club docenten er mijlenver naast zit? Hangt de opstelling van een examen soms van mensen af? De vraag stellen is hem vermoedelijk beantwoorden.

Actueel
Dit is niet de plek om de examens vraag voor vraag door te lopen. Maar wanneer het havo-examen actueel (Griekenland), leuk (doping in de wielersport) en dicht bij de leerling (jeugdwerkeloosheid) kan zijn, waarom moeten vwo-leerlingen zich dan door tijdloze, abstracte, ver-van-mijn-bed-vragen worstelen? Natuurlijk, een vwo-leerling kan abstracte vragen beter aan dan een havoleerling, maar dat ontslaat de examenmaker niet van het ontwerpen van vragen die ergens over gaan.

Het doel van de vernieuwing van het economieprogramma, is economie dichter bij de leerling brengen. Leerlingen moeten problemen door een economische bril leren bezien. Daarvoor is de actualiteit een geweldig hulpmiddel. Veel macro-economie is prima, maar koppel het dan ook aan de kredietcrisis die al twee jaar aan de gang is.

De coördinatie tussen de afzonderlijke Citocellen lijkt gebrekkig. De ene tak leert niet van de ervaringen van de andere tak. Heeft er iemand bij het Cito het overzicht over de werkzaamheden van beide groepen? De al genoemde Ed Kremers, verantwoordelijk voor alle havo/vwo-examens, zou zich dit gebrek aan moeten trekken. De examens lijken zelfs in het ontwerp niet op elkaar. Bij het havo-examen is een apart bronnenboekje opgenomen, zoals dat ook bij vakken als geschiedenis en aardrijkskunde vaak het geval is. Bij het vwo-examen was niet één bron opgenomen. Het is wonderlijk dat beide examens uit hetzelfde Citogebouw komen.

Er is afgelopen week snel gehandeld om de schade te herstellen die was toegebracht door het vwo-examen. Het CvE heeft binnen drie dagen vier ingrepen gepubliceerd in het correctiemodel. Een collega met meer dan 25 jaar onderwijservaring, meldt dat hij een dergelijke ingreep niet eerder meemaakte. Het CvE verdient lof voor dit krachtige optreden. Toch had het CvE natuurlijk veel eerder in actie moeten komen. Dan was een hoop schade voorkomen aan het vernieuwde economievak.

Paaseieren
Vorige week beschuldigde een collega het Cito van het ‘verstoppen van paaseieren’ in het eindexamen. Leerlingen konden niet vermoeden waar de antwoorden zich zouden bevinden. Opvallend is dat het havo-eindexamen nauwelijks een paasei bevat. Het was een moeilijk examen en ook hier verwacht ik een flinke correctieterm, maar de leerlingen zagen een verband tussen wat ze de afgelopen jaren geleerd hadden, en het eindexamen dat over deze stof ging. Ze snappen na hun middelbare school de economische buitenwereld beter. Veel meer kan een economiedocent niet verlangen.

Meer over