Evangelist Blair predikt Europa misschien wel te laat

Het is tijd voor Groot-Brittannië om 'zich sterk te maken voor Europa.'..

Peter de Waard

De woorden die Tony Blair gisteren op een persconferentie gebruikte, klinken bijna vertrouwd. Winston Churchill zou het gezegd kunnen hebben en anders wel Edward Heath, Harold Wilson en John Major. Misschien zou Margaret Thatcher het zelfs niet meteen uit haar speech hebben geschrapt. En Tony Blair heeft het zelf al in 1997, 1999 en 2001 geroepen.

Het klinkt afgezaagd. Maar bijna vijftig jaar na de oprichting van de EEG, wil de Britse premier in eigen land nu echt het Europese evangelie gaan prediken. Hij gaf gisteren het startsein voor een campagne die de Britten ertoe moet bewegen hun traditionele xenofobe houding ten opzichte van het continent te laten varen.

Naast hem zat broederlijk zijn minister van Financiën en kroonprins Gordon Brown die beloofde zijn steentje bij te dragen. Maar of het hem menens is, bleef onduidelijk. Veelbetekenend was dat zijn gezicht de hele persconferentie op onweer stond.

Zo lang het bij woorden blijft, zal Brown niet dwarsliggen. Maandag produceerde zijn ministerie liefst 1,3 miljoen woorden – welk ander euroland heeft ooit zeventien ton papier aan euro-onderzoek besteed? – aan economische analyses, waarin hoog werd opgegeven van de potentie van de euro en de grote voordelen die de munt zou kunnen hebben. Maar de uiteindelijke conclusie was 'nog niet'. Het land is volgens Brown slechts voor een van de vijf economische tests geslaagd – geen geweldig resultaat zes jaar nadat de deelname van de euro afhankelijk werd gesteld van deze tests.

Om niet als euroscepticus te worden afgeschilderd, zei Brown dat hij over negen maanden opnieuw een oordeel wil uitspreken. Maar het lijkt volstrekt onmogelijk dat dan wel aan de voorwaarden zal zijn voldaan. Niet alleen zouden de Europese arbeidsmarkten moeten zijn geliberaliseerd en de Europese Centrale Bank zijn hervormd – zaken die de Britten niet in eigen hand hebben – ook moeten de Britse vakbonden zijn overgehaald akkoord te gaan met regionale cao's, de Britse huizenbezitters zijn bewogen hun hypotheekrente jarenlang vast te zetten. Als Brown de euro niet wil hebben, dan kan hij zich over negen maanden moeiteloos opnieuw achter zijn economische tests verschuilen.

Blair kan weinig doen tegen het veto van zijn minister. Maar zo lang hij nog een andere barrière moet slechten, zal hij geen conflict met zijn minister van Financiën riskeren. Blair moet eerst een meerderheid van de bevolking voor de euro zien te winnen. In de komende tijd zal de minister 'de patriottische zaak voor Europa' bepleiten en er de nadruk op leggen dat een stem voor Europa niet automatisch een stem tegen Groot-Brittannië is.

Of Blairs roadshow kans op succes heeft, valt te betwijfelen. De premier heeft sinds het begin van het Irak-conflict veel van zijn geloofwaardigheid verloren. Mogelijk heeft hij zijn beste kans al voorbij laten gaan. Twee of drie jaar geleden zou zijn 'euroevangelie' meer overtuigingskracht hebben gehad.

De hoop op een zakelijke uitwisseling van argumenten kan Blair meteen al vergeten. De tegenstanders hebben hun messen al geslepen. Zij beschouwen het opgeven van 'het geliefde pond' als een eerste stap naar de vorming van een Europese superstaat en het verlies van de Britse soevereiniteit. De Britse tabloids lieten er gisteren geen misverstand over bestaan hoe zij over de euro denken. 'Een stap die miljoenen zal rui ¿ neren', schreef The Sun . De Daily Mail roemt Gordon Brown als de man die het pond heeft gered. 'En mocht de euro ooit voor de vijf tests slagen, dan verzint hij wel een paar nieuwe.'

De voorstanders zijn overigens weinig genuanceerder. Blair zelf beschuldigde de Conservatieve tegenstanders er maandag van de EU helemaal te willen verlaten. Labour-europarlementariër Glenys Kinnock deed er gisteren nog een schepje bovenop en suggereerde dat het enige alternatief voor Europese samenwerking een hernieuwde oorlog – tegen Duitsland? – zou zijn.

Blair moet het zorgen baren dat in schreeuwcampagnes de stem van de tegenstanders tot nu toe altijd luider heeft geklonken. En zelfs als Blair het onmogelijke mogelijk zou maken – het winnen van een referendum – dan moet hij ook nog zijn minister over de streep trekken.

Blair predikt echter niet alleen voor eigen parochie. Maandagavond legde hij telefonisch aan negen wereldleiders uit dat de Britse besluiteloosheid geen bevestiging is van de historische ambivalentie van het land tegenover Europa, maar juist van het vaste voornemen in het hart van Europa te staan. Ze hebben dat vast eerder gehoord.

Meer over