InterviewValdis Dombrovskis

Eurocommissaris: ‘Hoe sneller de miljarden in de economie worden gepompt, hoe beter’

In de haven van Izmir in Turkije liggen cruiseschepen klaar om gesloopt te worden. De cruisesector is zwaar getroffen door de coronapandemie.Beeld Getty

Door de tweede coronagolf zullen de toch al sombere ramingen voor de Europese economie nog somberder uitpakken, weet Europees commissaris Valdis Dombrovskis. Moet er een tweede herstelfonds komen?

De toch al weinig florissante economische voorspellingen die de Europese Commissie in juli presenteerde – 8,7 procent krimp dit jaar (grootste recessie sinds Tweede Wereldoorlog) maar 6,1 procent groei in 2021 – kunnen in de vuilnisbak. De combinatie van een tweede coronagolf en de nieuwe lockdown laat zelfs het kleinste sprankje hoop op groei voorlopig achter de horizon verdwijnen. ‘Het is niet overal kommer en kwel, maar wat we nu zien zal effect hebben op onze nieuwe ramingen’, erkent Europees commissaris Valdis Dombrovskis.

Deed zijn officiële titel de wenkbrauwen al fronsen – Dombrovskis (49) is commissaris voor ‘Een economie die werkt voor mensen’, inmiddels is echt alle glans eraf. ‘Helaas wordt ons scenario van deze zomer niet bewaarheid’, concludeert Dombrovskis, wat ook in zijn thuisland (Letland) als een understatement geldt.

Over de vraag hoeveel langer de krimp aanhoudt, wil Dombrovskis niet speculeren in een video-interview met zeven Europese kranten, waaronder de Volkskrant. Daarvoor wacht hij op de najaarsramingen. Maar zijn gezicht verraadt dat de presentatie daarvan geen feestje wordt.

Het economische herstelfonds van 750 miljard euro, waarmee de regeringsleiders in juli instemden, was gebaseerd op uw raming. Nu die cijfers achterhaald zijn, is dat fonds nog wel voldoende?

‘De economische analyse waarop het herstelplan stoelde, was van meet af aan omgeven met onzekerheden. Onzekerheid over het verloop van de pandemie, over de economische situatie. Daarom hebben we het plan al eerder aangepast: 70 procent van het geld wordt verdeeld over de EU-landen op basis van de huidige ramingen, over de overige 30 procent beslissen we in 2022 als we beter zicht hebben op welke landen het zwaarst geraakt zijn door de pandemie. Nu is van belang dat het geld daadwerkelijk - vóór de lente - bij de bedrijven en burgers terechtkomt. Ik roep de lidstaten en het Europees Parlement op snel het akkoord van de leiders over het herstelfonds af te zegenen. De tijd dringt. Hoe sneller de miljarden in de economie worden gepompt, hoe beter.’

Maar de vraag was: moet er niet meer geld komen?

‘Ik zou zeggen: laten we eerst met het huidige bedrag beginnen. En vergeet niet: naast het herstelfonds is er ook de nieuwe meerjarenbegroting, bij elkaar opgeteld gaat het om 1.800 miljard euro. Natuurlijk houden we de economische situatie nauwgezet in de gaten. De Commissie zal nieuwe voorstellen doen als de omstandigheden daarom vragen.’

De begrotingsregels in het stabiliteitspact (maxima voor tekort en schuld) zijn ‘tijdelijk’ buiten werking gezet. Hoelang is ‘tijdelijk’?

‘De recessie leidt onvermijdelijk tot hogere staatsschulden. De Commissie heeft de lidstaten laten weten dat de uitzonderingsclausule in het stabiliteitspact ook volgend jaar nog van kracht blijft. We roepen de regeringen op hun stimuleringsplannen zeker niet te vroeg af te bouwen. In het voorjaar van 2021 bezien we of de vrijstelling van de begrotingsregels ook voor 2022 moet gelden. Om onhoudbare schulden te voorkomen, moeten de steunmaatregelen van landen doelgericht en tijdelijk zijn. Het is balanceren tussen houdbare overheidsfinanciën en crisisbestrijding.’

Landen als Frankrijk willen dat het stabiliteitspact buiten werking blijft tot er overeenstemming is over een nieuw pact met soepeler regels. Bent u het daarmee eens?

‘Zolang er geen nieuwe regels zijn, blijven de oude van kracht. Het pact bevat duidelijke criteria om de regels tijdelijk on hold te zetten, zoals nu. Er zit voldoende flexibiliteit in het pact.’

Bent u de laatste liberaal die het stabiliteitspact verdedigt?

‘Het besluit om de regels uit het pact te herzien is door de voltallige Commissie genomen. Er komen allerlei suggesties, het is werk in uitvoering.’

De Commissie heeft om de economie te redden in een paar maanden tijd ruim 3.000 miljard euro aan staatssteun van lidstaten aan hun bedrijven goedgekeurd. Ruim de helft is voor Duitse ondernemingen: is dat de economische eenwording in de eurozone waarvan u droomde?

‘Het is duidelijk dat niet alle lidstaten evenveel kunnen doen om hun bedrijven te helpen. Landen met hoge schulden en lage groei zijn in het nadeel. De tijdelijke versoepeling van de staatssteunregels creëert ongelijkheid tussen lidstaten, tussen bedrijven. Het is niet anders: als we onze bedrijven nu niet steunen, gaat de hele Europese economie onderuit en duurt het herstel nog veel langer. Dit is gewoon noodzakelijk. Juist daarom is er ook het herstelfonds, dat geeft vooral steun aan de lidstaten die geen financiële armslag voor hun bedrijven hebben. Dat brengt de zaak weer wat in evenwicht.’

Ondertussen groeit de kloof tussen Noord en Zuid/Oost.

‘Nogmaals, daarom profiteren vooral de zuidelijke en oostelijke lidstaten van het herstelfonds.’

Italië, een land met een torenhoge schuld, ontvangt naast giften 120 miljard euro aan leningen uit het herstelfonds. Vreest u geen bankroet voor Italië?

‘We hebben bij de opzet van het fonds terdege rekening gehouden met de benarde situatie van landen met een hoge staatsschuld. Daarom bestaat het grootste deel van het herstelfonds uit EU-subsidies. Daarnaast zijn er leningen, voor sommige landen is lenen van Brussel goedkoper dan zelf lenen op de geldmarkt. Dat scheelt in de rente en aflossing.’

Valdis Dombrovskis in Brussel.Beeld Reuters

Sinds kort heeft Dombrovskis ook handel in zijn portefeuille. Een even prestigieuze als complexe taak: vrijhandelsverdragen stuiten op steeds meer weerstand. Linkse partijen en ngo’s hekelen het gebrek aan groene afspraken en transparantie; China misbruikt de verdragen voor oneigenlijke steun aan Chinese bedrijven; en Trump kiest voor het protectionistische Make America Great Again.

Vorige week gaf wereldhandelsorganisatie WTO de EU het recht om – in de slepende subsidieoorlog tussen Airbus en Boeing – de Amerikaanse export te treffen met ruim 4 miljard euro aan strafheffingen. Het antwoord van Washington kwam per kerende dreigmail: waag het niet die sancties op te leggen, laat Airbus alle verkregen subsidies terugbetalen! Dombrovskis blijft er stoïcijns onder: ‘Wat de VS vragen gaat veel verder dan waartoe de regels van de WTO ons verplichten. Dus dat doen we niet.’

Verwacht u na de Amerikaanse presidentsverkiezingen een betere relatie met Washington?

‘De EU en de VS zijn strategische en gelijkgezinde partners. Onze handels- en investeringsbetrekkingen zijn de grootste en belangrijkste van de wereld. Als we samenwerken, kunnen we voor de hele wereld veel bereiken. Dat gezegd zijnde hebben we natuurlijk wel wat akkefietjes met Trump vanwege diens protectionistische handelspolitiek. Laat duidelijk zijn: als de VS eenzijdige maatregelen tegen de EU nemen, worden die gepast beantwoord. We willen geen escalatie, maar we verdedigen wel onze belangen. Ongeacht de uitslag van de presidentsverkiezingen.’

Obama keek meer naar Azië dan naar de EU. Trump vecht vooral met China. Wordt Europa straks niet vermalen in de clash tussen de VS en China?

‘Trumps protectionisme heeft tot problemen voor iedereen geleid. We zijn het overigens deels eens met Trumps kritiek op het Chinese economische model, de Chinese staatssteun, de manier waarop China omgaat met westerse technologie, patenten en copyrights. Wij hebben dezelfde zorgen, maar zeggen dat je die geschillen moet oplossen via de WTO en niet met eenzijdig opgelegde sancties.’

De WTO functioneert slecht bij handelsgeschillen, dat schrikt China niet af.

‘De WTO moet zeker veranderen. Het Airbus-Boeing-geschil loopt al zestien jaar, een klemmend voorbeeld dat de procedures bij de WTO sneller moeten. Ondertussen proberen we een betere relatie met China op te bouwen. De huidige handel tussen de EU en China is niet evenwichtig. Chinese bedrijven hebben veel meer toegang tot de Europese markt dan andersom. Dat moet worden rechtgetrokken nu we onderhandelen over een investeringsakkoord. De EU moet er sowieso meer werk van maken dat handelspartners hun beloften nakomen.’

Het handelsakkoord met de Mercosurlanden (Argentinië, Brazilië, Paraguay, Uruguay) werd vorig jaar door u bejubeld. Nu sneuvelt het in het Europees Parlement en in de nationale parlementen. U voelt de tijdgeest niet aan.

‘Ik vind het nog steeds een goed handelsakkoord. Het eerste ooit met een apart hoofdstuk over duurzame ontwikkeling. Tegelijk zijn er zorgen, vooral over de ontbossing in de Amazone en in welke mate de Mercosurlanden het klimaatakkoord van Parijs respecteren. Daarom is de Commissie in overleg, vooral met Brazilië, om te zien welke toezeggingen er mogelijk zijn. Want eerlijk is eerlijk: anders is de kans nihil dat dit akkoord wordt geratificeerd. En dat zou jammer zijn. We hebben twintig jaar over dit akkoord onderhandeld. Als we nu weglopen, welke geloofwaardigheid en invloed hebben we dan nog over?’

Een handelsakkoord met het Verenigd Koninkrijk ligt straks ook op uw bord. Gelooft u er nog in?

‘De EU wil een vergaand handelsakkoord met het Verenigd Koninkrijk en ik denk nog steeds dat dit mogelijk is. Een no-deal leidt tot grote economische schade, voor de EU maar meer nog voor het Verenigd Koninkrijk.’

Weet u wat het Verenigd Koninkrijk wil?

‘Ik kan u wel zeggen wat de EU wil.’

De Britse premier Johnson schermt met het Australië-model als eindresultaat.

‘Tja, de onderhandelingen tussen de EU en Australië over een handelsakkoord lopen nog, dus het is wat voorbarig om dat als voorbeeld te gebruiken. Daarnaast zijn de economische betrekkingen onvergelijkbaar. Het Verenigd Koninkrijk ligt op 30 kilometer afstand van de EU, heeft een grote economie die sterk is verweven met die van Europa. Australië ligt op 10 duizend kilometer hiervandaan en de handel met de EU is niets vergeleken met die tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. Dus ja, Australië is niet direct het meest voor de hand liggende voorbeeld.’

Meer over