EU-lidstaten tegen afspraken over scheppen van werk

De meeste lidstaten van de Europese Unie voelen weinig voor het voorstel van de Europese Commissie om harde streefcijfers te formuleren voor de bestrijding van de werkloosheid....

Van onze correspondent

Peter de Graaf

LUXEMBURG

De Europese Commissie wil harde doelstellingen vastleggen voor verlaging van de werkloosheid. In het voorstel moet de werkloosheid in de EU binnen vijf jaar omlaag van 11 naar 7 procent. Vertaald naar de arbeidsmarkt betekent dat het scheppen van twaalf miljoen banen.

'Die cijfers bevallen ons niet', concludeerde de Luxemburgse premier en minister van Sociale Zaken Juncker, voorzitter van de EU, na afloop van beraad met zijn EU-collega's. Volgens hem leidt dat slechts tot verwarring en valse verwachtingen. Minister Melkert vindt het 'prematuur om met cijfers en percentages te komen' en noemt het 'een riskante benadering'.

Maar de Commissie wil juist eens af van alle plechtige verklaringen dat de werkloosheidsbestrijding prioriteit krijgt in de EU.

De Commissie hoopt de lidstaten met concrete streefcijfers te bewegen tot dadendrang. Elk jaar moet worden bekeken of de lidstaten resultaten boeken. Bij tegenvallende prestaties kan de Commissie dan per lidstaat 'aanbevelingen' doen voor een actiever werkgelegenheidsbeleid.

Vooral landen met een hoge werkloosheid, met name Duitsland en Spanje, voelen er weinig voor om op die manier de les te worden gelezen. Maar ook een redelijk presterend land als Groot-Brittannië is sceptisch. Melkert wil zich evenmin vastleggen op harde streefcijfers. Nederland scoort weliswaar goed wat betreft de totale werkloosheid, maar op deelterreinen is er ook op het Nederlandse beleid nogal wat aan te merken. Zo ligt het percentage langdurig werklozen boven het EU-gemiddelde. Ook de participatiegraad van Nederland is niet bijster hoog.

EU-voorzitter Juncker, aanvankelijk voorstander van harde streefcijfers, mikt nu op concretisering van de algemene richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid. Hij sluit zich aan bij het voorstel van de Commissie om vast te leggen dat jonge werklozen niet langer dan zes maanden en langdurig werklozen niet langer dan twaalf maanden zonder baan, stageplaats of scholingsprogramma mogen zitten. Ook is hij voorstander van radicale vermindering van het overwerk in de EU. Op dit moment werken negen miljoen mensen structureel over. Het Europees Parlement streeft naar halvering van het overwerk.

'Wij geven de voorkeur aan drie à vier kwantificeerbare richtsnoeren', aldus de Luxemburgse premier, die in november gastheer is van een speciale EU-top over werkgelegenheid. Maar ook met dat afgezwakte voorstel van Juncker kon Melkert niet instemmen. Hij denkt voorlopig slechts aan het aangeven van 'instrumenten' die de werkgelenheidssituatie 'in de goede richting' kunnen buigen. Volgens een functionaris van de Commissie komt dat neer op een herhaling van de plechtige woorden uit het verleden.

Het Nederlandse kabinet moet overigens nog een standpunt innemen over zijn bijdrage aan de komende EU-top over werkgelegenheid. Melkert maakt zich wel sterk voor de toepassing van het lage btw-tarief op arbeidsintensieve diensten. Ook het Europees Parlement is voor.

Meer over