EU-leiders kiezen voor openheid

De EU-leiders hebben vrijdag besloten voortaan een groot deel van hun vergaderingen in het openbaar te houden. De maatregel maakt deel uit van een reeks concrete plannen die de komende jaren de kloof met de burgers zal overbruggen, zo hopen de regeringsleiders....

Van onze correspondenten Bart Dirks en Bert Lanting

Verder is afgesproken dat Duitsland medio 2007 voorstellen zal doen om uit de impasse te komen rond de Europese Grondwet.

Vooral Nederland en de Scandinavische landen waren erg voor het besluit de vergaderingen over EU-wetten open te stellen, zodat burgers en parlementariërs kunnen zien wat hun bewindslieden in Brussel doen. Voorlopig zal dat voor zes maanden gebeuren, omdat sommige landen, Groot-Brittannië voorop, bedenkingen hadden. Daarna wordt bekeken of het experiment wordt voorgezet.

Het was aanvankelijk de bedoeling dat de EU-leiders op de top zouden besluiten hoe het verder moet met de Grondwet, die vorig jaar door Frankrijk en Nederland is afgewezen. Maar de verdeeldheid daarover is zo groot dat de leiders die kwestie voorlopig laten rusten. Uiterlijk eind 2008 moet er een plan op tafel liggen hoe het verder moet.

In de tussentijd zal de EU zich volgens premier Balkenende concentreren op ‘concrete resultaten’, zoals veiligheid, economische groei, terrorismebestrijding en energie. ‘We moeten leren van het “nee” en werken aan een nieuw perspectief. We moeten ervoor zorgen dat de meerwaarde van Europa wordt beleefd.’

Balkenende was tevreden dat het woord Grondwet in de slotverklaring van de EU-top nauwelijks voorkomt. ‘Dat woord moet je niet gebruiken en het staat er niet meer in. Wij wilden een formulering waarmee we thuis konden komen.’

Toch hebben de EU-landen nog niet formeel de hoop opgegeven de Grondwet, die door 15 landen is geratificeerd, erdoor te krijgen. In hun verklaring zeiden de EU-leiders te hopen dat landen het document alsnog kunnen aannemen.

Het is wel duidelijk dat de Nederlandse regering de voorkeur heeft voor een oplossing waarvoor geen tweede referendum nodig is. Staatssecretaris Nicolaï van Europese Zaken suggereerde dat de lidstaten het eens zouden kunnen worden over een pakket wijzigingen, dat daarna aan de Tweede Kamer wordt voorgelegd.

De Oostenrijkse bondskanselier Schüssel, momenteel voorzitter van de EU, probeerde tijdens de top gedaan te krijgen dat de toelatingscriteria voor nieuwe lidstaten worden aangescherpt. Maar de meeste landen voelden er niet voor het ‘opnamevermogen’ van de EU als nieuw criterium op te nemen. Vooral de nieuwe lidstaten, Zweden en Groot-Brittannië vreesden dat daarmee in de praktijk de deur gesloten zou worden voor andere kandidaten.

Maar de EU-leiders zeiden wel dat voortaan meer rekening moet worden gehouden met de ‘perceptie van de uitbreiding door de burgers’.

Meer over