ANALYSE

Erdogan wil dat VS de Syrische Koerden laten vallen

Met de arrestatie van ruim zevenhonderd Koerdische activisten en partijbestuurders laat de Turkse president Erdogan zien dat het hem menens is. De executie vorige week van dertien Turkse ‘burgers’ (in feite politie- en legermensen) in een grot in Noord-Irak, door Koerdische PKK-strijders, kan volgens hem niet zonder gevolgen blijven. Niet voor de Koerdisch-gezinde Turkse partij HDP, en niet voor de Amerikaanse steun aan de Koerden in Noord-Syrië.

Een Syrische jongen bij een konvooi van Amerikaanse voertuigen in Noord-Irak, bij de grens met Turkije, eind 2019.   Beeld AFP
Een Syrische jongen bij een konvooi van Amerikaanse voertuigen in Noord-Irak, bij de grens met Turkije, eind 2019.Beeld AFP

De Syrisch-Koerdische militie YPG, de gewapende verzetsbeweging PKK en de oppositiepartij HDP, met 56 zetels vertegenwoordigd in het Turkse parlement: één pot nat, volgens Ankara. Presidentieel woordvoerder Fahrettin Altun tweette het zondag stelliger dan ooit: ‘De HDP en de PKK zijn één en dezelfde.’

Daarom moet het Westen nu echt eens kiezen, vindt de Turkse regering. Ook in Europa en in de VS staat de PKK op de lijst van verboden terroristische organisaties. Hoe kan het dan, dat met name de Amerikaanse regering militair blijft samenwerken met de YPG? In de ogen van Ankara is dat – en bepaald niet zonder grond – de Syrische tak van de PKK.

Donald Trump hield met het oog op de strijd tegen IS vast aan de samenwerking met de YPG. Maar de Turken hopen diens opvolger Joe Biden ertoe te bewegen de steun te staken. Dinsdag nog meldde de Turkse pers dat tientallen Amerikaanse militaire voertuigen vol wapens in Noord-Syrië waren gearriveerd.

Belachelijk

Erdogan en diens minister van Buitenlandse Zaken Mevlüt Çavusoglu haalden maandag dan ook fel uit naar de ‘dubbele standaarden’ en ‘selectieve aanpak’ van Europa en de VS: de PKK terroristisch noemen, maar de YPG de hand boven het hoofd houden.

De president noemde de Amerikaanse condoleance na de dertien executies in Noord-Irak zelfs ‘belachelijk’. De Amerikanen ‘beweren dat ze de PKK niet steunen, maar dat doen ze wel degelijk’, zei Erdogan. De VS hadden hun afschuw uitgesproken over de executies, zeiden pal naast Navo-bondgenoot Turkije te staan en betuigden hun medeleven met de nabestaanden. Wat was er dan mis? In de verklaring stond dat de PKK werd veroordeeld, ‘indien blijkt dat die achter de moorden zat’.

Zulk genuanceerd voorbehoud is in de ogen van Erdogan ongepast. De PKK (inclusief YPG) vormt voor zijn regering de grootste uitdaging in zowel het binnenlands als het buitenlands beleid. Turkije voelt zich door het Koerdisch nationalisme nog altijd in zijn bestaan bedreigd. Als Amerika een ware bondgenoot wil zijn, moet het daar begrip voor hebben.

Arrestaties

Eenzelfde onverzoenlijkheid spreiden Erdogan en zijn AK-partij in eigen huis tentoon. De HDP vangt de klappen op van het nationale afgrijzen dat de executies hebben veroorzaakt. De 718 arrestaties maandag, door het hele land, betroffen voor een deel voorzitters en bestuurders van HDP-partijafdelingen.

Het is uiteraard niet voor het eerst – met name sinds 2015 – dat de partij wordt aangepakt. Meer dan tien HDP-parlementariërs zitten gevangen, onder wie sinds ruim vier jaar partijleider Selahattin Demirtas. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft aangedrongen op zijn vrijlating. Honderden activisten zaten ook vóór deze week al vast. Bijna alle 65 HDP-burgemeesters zijn afgezet en vervangen door zetbazen van de regering.

In Erdogans coalitie gaan steeds meer stemmen op voor een totaalverbod van de linkse, Koerdisch-gezinde partij. Ook wordt geprobeerd de HDP en oppositiepartij CHP uit elkaar te spelen. Die vormen weliswaar formeel geen verbond, maar als het erop aan komt kan de CHP bij verkiezingen rekenen op de stilzwijgende steun van de HDP. Wellicht zal de nieuwe grondwet, die Erdogan de komende drie jaar wil opstellen, bepalingen bevatten die zo’n verbod eenvoudiger maken.

Meer over