Er zou een geluidswal komen

Je komt er geregeld langs en vraagt je af: wat gebeurt hier? Om daarna door te rijden. Intermezzo gaat wkijken, langs de route Vlissingen-Amsterdam....

Door Caspar Janssen ; Foto's Harry Cock

Gerard en Christa Geluk hebben een grote, idyllische tuin bij hun vrijstaande huis in Standdaarbuiten. Met veel bomen, met twee vijvers, met prachtige planten, met een tuinhuisje, met keramiekwerk van eigen hand en een kunstwerk dat hij heeft gemaakt uit oude radio's. Er is probleem: het geraas van de A17 overstemt het getjilp van de vogels rondom hun huis en ook Gerard en Christa Geluk moeten hun stem flink verheffen om verstaanbaar te zijn. 'We worden er soms doodmoe van', zegt zij. 'Dan is het dertig graden en zitten we met bezoek in de tuin tegen elkaar te schreeuwen. Pas om tien, elf uur 's avonds wordt het wat rustiger. Maar ja, dan gaat het bezoek al weer weg.'

Toen ze hier 23 jaar geleden voor het eerst kwamen kijken hadden ze - 'na' - niet eens in de gaten dat er een snelweg liep. Dat merkten ze pas bij hun tweede bezoek; toen kwam er net een auto voorbij. Christa Geluk: 'Het was nog zo rustig. Er reden amper auto's. Als ik om half zes van Zevenbergen naar huis reed, dan was ik zowat de enige op de weg.'

Dus kochten ze het huis. En Gerard Geluk begon met het planten van bomen. Want ze wilden de weg niet zien. Maar het rare was: hoe meer bomen hij plantte, hoe oorverdovender het geluid van de snelweg werd. Het leek soms wel of de auto's dwars door het bladerdak van de bomen reden. Christa Geluk: 'Ik schat dat het vrachtverkeer is verhonderdvoudigd sinds we hier wonen. De laatste zes, zeven jaar is het echt vreselijk. Je probeert er aan te wennen, maar als er een keer op een zeldzaam moment, op een zondagmiddag, even geen auto's voorbijkomen, dan valt dat echt op. Dan fluisteren we tegen elkaar: oh, wat een rust.'

Ze gaat voor naar de keuken, die grenst aan de tuin, en sluit de deur. Dat heeft inderdaad het effect dat ze zojuist beschreven heeft: de stilte valt plotseling in. Ze haalt een brief te voorschijn van de in 1996 nog zelfstandige gemeente Standdaarbuiten. Daarin doet het college de toezegging dat gestreefd zal worden naar de aanleg van een geluidswal. Later volgde er, heeft Geluk gehoord, een vage toezegging dat de geluidswal er uiterlijk vorig jaar zou komen. Maar er is nog niets gebeurd. Christa Geluk: 'Na de zomer ga ik uitzoeken hoe het zit. Ik stap persoonlijk naar de gemeente, naar de provincie, naar Rijkswaterstaat. Net zo lang tot ik weet wie er verantwoordelijk is en wat ze gaan doen.'

Standdaarbuiten, een paar dagen eerder. Het dorp had de aandacht getrokken vanwege de naam die, zo bleek, staat voor: 't Zand daar buiten. Maar ook vanwege de dijk die je aan twee kanten ziet doodlopen tegen de snelweg. Begin jaren zestig is de rijksweg opgehoogd, waardoor de dijk gesplitst werd. Een deel van de inwoners woont sindsdien aan de ene kant van het dorp, in de Oude Kerkstraat, een ander deel woont aan de Sluissedijk, achter de snelweg.

We parkeren de auto in de Oude Kerkstraat, aan het einde van de doodlopende dijk en treffen Rik Reuvers, die net zijn huisje uit komt. Hij woont hier al zijn hele leven, vertelt hij. Eerst 33 jaar op huisnummer 95, daarna 46 jaar op nummer 97, het na laatste huis voor de snelweg. Hij maakt een gelaten indruk. 'Vroeger keek je hier de polder in, naar Stampersgat. Toen kwam de rijksweg, die later vierbaans werd. Er zou een geluidswand komen, maar dat is nooit gebeurd. Nou ja, je raakt er aan gewend.'

Er is wel meer veranderd in Standdaarbuiten, vervolgt Reuvers. 'Vroeger was het hier gemoedelijk. Iedereen stond met elkaar te praten op de dijk. Allemaal vlasboertjes en later champignonkwekers. Maar die oude generatie is helemaal weg. Er is allemaal inteelt gekomen.' Inteelt? 'Ja, allemaal mensen van boven de Moerdijk.' Hij kende vroeger ook iedereen van de Sluissedijk, van de overkant. 'Maar die zijn ook allemaal dood. Alles gaat dood hier.'

Buurvrouw Astrid Christianen, bewoonster van het laatste huis op de doodlopende dijk, is iets positiever. 'Ik praat elke dag even met de buurman.' En over het lawaai van de A17: 'Rijkswaterstaat is een keer komen meten. Het aantal decibellen kwam ver boven de wettelijke norm. Eigenlijk zouden we hier niet mogen wonen. Maar ja, we zitten hier hartstikke vrij.' Ze wijst naar het huis van Gerard en Christa Geluk, dat nog dichter tegen de snelweg ligt, net onder tegen de dijk. 'Zij hebben pas echt last van het lawaai.'

Het kan aan de windrichting liggen, maar aan de overkant van de snelweg, voor het huis van Peter en Annemieke Bierkens, is het geraas van de A17 zo mogelijk nog oorverdovender. Gijsje, de Franse bulldog van de familie, blaft zijn longen uit zijn lijf en Peter en Annemieke Bierkens, die ook net buiten stonden, overstemmen nu zowel het verkeer als hun hond als ze vertellen hoe blij ze zijn om hier te wonen. Tweealf jaar geleden zagen ze dit huis te koop staan en ze waren er meteen verliefd op. Annemieke Bierkens: 'Mensen zeiden: wie gaat daar nou wonen? Maar wij vonden het geweldig. De ruimte, de vrijheid, het uitzicht. We kijken hier zo de polder in.' Peter Bierkens: 'Annemieke zegt: ik zou de weg niet meer willen missen, door die weg voel ik me niet alleen.' Zij: 'Mensen zeggen: je hebt zeker altijd de radio aan? Maar ik luister juist nooit meer naar de radio.' Hij: 'We slapen met de ramen open. En we slapen hartstikke goed.'

Ze zijn tevreden mensen, Peter en Annemieke Bierkens. Hij is sinds januari eigen baas. Hij kon de drukkerij voor zelfklevende etiketten, waar hij werkte, overnemen. Zij werkt ook in het bedrijf. Vanaf hun huis is het tien minuten rijden naar Roosendaal, waar de drukkerij staat. En als ze dan thuiskomen ervaren ze de vrijheid die hun huis met zich meebrengt des te meer.

Peter Bierkens: 'Wij houden allerlei dieren, dat kan hier gewoon. Er lopen wilde kippen voor het huis. Die hebben we keer eten gegeven, nu staat ze elke ochtend voor het raam te kakelen. We hebben ook een ratje, een hamster en natuurlijk: konijnen.'

Hij gaat voor naar de prijzenkast. Tientallen bekers won hij met het fokken van showkonijnen. Pas nog werd hij voor de tweede keer kampioen van West-Brabant. Op de wisselbeker staat gegraveerd: 'De konijnenvriend, geschonken door gemeente Halderberge.' De konijnen zitten in hokken in de garage, die pal tegen het talud van de snelweg is gebouwd. Van stress bij de konijnen, vanwege de herrie, heeft Bierkens nooit iets gemerkt. 'Als ze zenuwachtig of gestresst zouden zijn, dan zouden ze zich niet voortplanten. De uitdrukking is wel: fokken als konijnen, maar het gaat heus niet vanzelf. Als konijnen zich niet goed voelen, fokken ze niet. Nou, daar heb ik hier nog niets van gemerkt.'

Meer over