Er is tot nu toe niets gebeurd

Nauwelijks opgemerkt is op de radio een wereldgebeurtenis op gang aan het komen: een hoorspel dat, bij vijf uitzendingen van een kwartier per week, tweeenhalf jaar, sommigen zeggen zelfs drie jaar, gaat duren....

In het begin van de vijftiger jaren zag ik in een nachtvoorstelling in een ijskoud Waaggebouw in Amsterdam een voorstelling van De kale zangeres van Ionesco. Tot mijn steeds groter wordende geluk werden hier dialogen gevoerd die geen enkele vorm van communicatie lieten blijken. Men herhaalde elkaar of reageerde op iets dat niet was gezegd, geen enkele mededeling verried iets van een wederzijdse herkenning. Het geheel was door de consequente opzet absurd en door alle verkeerde aansluitingen zeer humoristisch. Buiten vond ik het gesprek dat ik met de beeldhouwer Joop Beljon begon te voeren even krankzinnig. De kunst besmet de werkelijkheid. De voorstelling duurde nog geen twee uur. Demonstraties van krankzinnigheid hebben weinig tijd nodig om te overtuigen. (Veel later heb ik gelezen dat Ionesco veel van de zinnen uit taalboekjes voor toeristen heeft gehaald; ik heb toen zo'n boekje gekocht en de geest van het toneelstuk werd weer in mij levend).

Het hoorspel is gemaakt naar de zevendelige roman Het bureau van J.J. Voskuil, waaraan niet de geringsten in mijn omgeving verslaafd waren, - het boek bleek de opiale kracht te hebben die dagboeken altijd voor mij hebben gehad. De hoorspelbewerking is gemaakt door Krijn ter Braak, die zelf de rol speelt van Maarten Koning, het alter ego van Voskuil. De plaats van handeling is een wetenschappelijk instituut, waar Koning in zijn ogen volslagen doelloos onderzoek doet en meewerkt aan even doelloos project. Ik heb mijzelf van de lezing van de zeven delen onthouden. Het hoorspel wordt 's middags uitgezonden en 's nachts om kwart voor een herhaald. De herhaling hoor ik, wachtend op het nieuws van 1 uur.

Het hoorspel is nu ruim een maand aan de gang en ik kan het getuigen: er is tot nu toe niets gebeurd. De roman is teruggebracht tot dialogen, - beschrijvingen etc. laat het genre hoorspel niet toe. De hoofgesprekken die ik heb gehoord gaan tussen de heer Beerta, de directeur van het Bureau, en Koning. Zij zitten samen op kamer. Hun gesprekken, gevoerd in korte, wat Jip en Janneke-achtige zinnen, gaan over niets. Het zijn voortdurende pogingen van de kant van Koning niet te communcieren, waardoor de woorden van Beerta ook doodvallen. Veel van de dialogen bestaan uit de herhaling van elkaars zinnen. De twee hebben elkaar dus niets te zeggen, Koning doet nietszeggend werk, Beerta heeft niets-zeggende problemen. Een eeuwigdurende schaakpartij met herhaling van zetten. Kortom, De kale zangeres wordt hier herhaald, zij het met veel minder humor, die enige nooduitgang uit de absurditeit.

Na tien afleveringen, nog altijd anderhalf uur, was ik diep overtuigd van de absurditeit van het bureau-bestaan. Ontwikkeling is onmogelijk. Men zal dus tweeeenhalf jaar langs elkaar blijven heenpraten in zinnen die de kraak en de smaak van de hoge verveling hebben. 'Waar is de sleutel?', maar dat dan zes keer herhaald door anderen, - de sleutel als wereldprobleem. Zo dus.

Gisteren heb ik besloten niet meer te luisteren. Het is de hoogste vorm van absurdisme tweeenhalf of drie jaar jaar naar het zelfde niets te luisteren. Als drie jaar kijken naar ballonnen die de lucht maar niet in willen. Het middel in het hoorspel is even erg als de kwaal die het wil demonstreren. 'Waar is de sleutel?', zal ook na drie jaar de kernzin blijken. Er is geen sleutel.

Meer over