Elke actie, hoe bizar ook, is een statistiek

In het IBM-datacentrum, bijgenaamd De Bunker, dringt geen daglicht door. Maar 48 cijferfetisjisten zien er elk detail van iedere partij op Wilmbledon.

LONDEN - meter liep Andy Murray in zijn partij tegen de Duitser Benjamin Becker.


John Isner heeft drie jaar geleden op Wimbledon de langste tenniswedstrijd aller tijden gespeeld. Verspreid over drie dagen stond hij 11 uur en 5 minuten op de baan. Woensdag gaf hij al na 15 minuten op, met een knieblessure, bij de stand 1-1. Speelde hij ook de kortste wedstrijd?


Het is een typische vraag voor het IBM-datacentrum op Wimbledon, door de analisten kortweg De Bunker genoemd. Daglicht dringt niet door in de krappe ruimte, maar toch kunnen de analisten zich bevoorrecht wanen. Ze zien alles wat zich afspeelt op de twintig tennisbanen.


In De Bunker komt het werk van 48 dataverzamelaars rechtstreeks binnen. Zij zitten langs alle banen met een computer achter een klein bureau. Ze leggen elke wedstrijd minutieus vast via een speciaal ontwikkeld softwareprogramma. Ze zijn de notulisten van de wedstrijd.


Hun werk gaat veel verder dan een ace of dubbele fout registreren. Ze voeren de richting van de opslag in: door het midden, op het lichaam, naar buiten, op de forehand of de backhand. Ze geven aan of het de eerste of de tweede poging is. Ze registreren hoe de return geslagen is, hoeveel slagen de rally telt en hoe hij eindigt: met een volley, een slag vanaf de achterlijn, een fout of een winnende bal.


Al die informatie wordt verwerkt tot een rapport: Isner sloeg in zijn langste wedstrijd 113 aces, 10 dubbele fouten. Hij won 74 procent van zijn eerste opslagen en 63 procent van zijn tweede. Hij pakte 478 van de 980 punten, minder dan de Fransman die hij versloeg. Nicolas Mahut won 502 punten.


Isners rapport van woensdag zag er kariger uit. Hij won zes van de tien punten, serveerde tweemaal naar buiten, tweemaal door het midden en eenmaal op het lichaam van zijn tegenstander Adrian Mannarino. Hij kwam nul keer naar het net, speelde geen service-volley, maakte geen enkele fout en sloeg één ace.


Het verzamelen van informatie heeft een hoge vlucht genomen sinds IBM die taak in 1990 op zich nam. Destijds gold het meten van de opslagsnelheid als een spectaculaire vernieuwing, zegt Sam Seddon van IBM. Nu worden allerlei data gecombineerd om tijdens de wedstrijd spelpatronen bloot te leggen voor de media en televisiekijkers.


Hij heeft een voorbeeld. In de eerste ronde had Andy Murray weinig moeite met de opslag van Benjamin Becker. Hij sloeg 80 procent van zijn returns dicht tegen de achterlijn (minder dan 2 meter ervanaf). Daardoor scoorde hij veel punten. Becker lukte dat nauwelijks. Seddon: 'Murray was heel agressief met zijn servicereturn en won veel punten. Dat is gewoonlijk een belangrijke voorspeller van succes.'


Een ander nieuwigheidje dit jaar is dat IBM het aantal gelopen meters meet. Murray en Becker legden maandag nagenoeg dezelfde afstand af: 2.231 om 2.237 meters. Dat zegt nu weinig, maar als Murray en Djokovic in de finale tegen elkaar spelen, is precies na te gaan wie meer meters heeft afgelegd, en dus vermoeider zou kunnen zijn.


IBM twijfelt niet aan het belang van de cijfers. Ze verhogen volgens Seddon de amusementswaarde. Ze zijn in toenemende mate ook voor tennisliefhebbers die tijdens de wedstrijd behoefte hebben aan extra gegevens.


Ook spelers en coaches maken er gretig gebruik van. Na de wedstrijd krijgen ze de cijfers. Ook ontvangen ze een usb-stick met beelden. Die kunnen ze gericht doorzoeken. 'Als de coach van Serena Williams vindt dat ze te veel fouten heeft gemaakt met haar backhand, kan hij die er zo uithalen. Tegen de tijd dat zij uit de douche komt, kunnen ze analyseren.'


Zelfs het aandragen van wedstrijdplannen is mogelijk. Via Slamtracker, op de site van Wimbledon, stelt IBM voor de wedstrijd voor beide spelers vast wat de sleutel van het succes zal zijn, op basis van hun eerdere partijen.


Het einde is nog niet in zicht, denkt Seddon. Al blijven sommige vragen te moeilijk. Speelde Isner na de langste wedstrijd ook de kortste? IBM moet het antwoord schuldig blijven. Langer dan 24 jaar kan de computer niet terugkijken. En tijdens de afgelopen 24 jaar is bij het opslaan van data geen onderscheid gemaakt tussen uitgespeelde en afgebroken wedstrijden.


Tip uit De Bunker: probeer het bij het bureau van de scheidsrechters. Daar wordt alles op papier bewaard (maar uitzoeken is te tijdrovend).

Meer over