Elfjesdiva hoeft zich nergens voor te schamen

Björkboeken, Björkdvd's en Björk-T-shirts. In de foyer van het Muziektheater Amsterdam, waar ordinaire zaken als popmerchandise gewoonlijk geen plaats hebben, staan alle zaken Björks verzameld....

De ongelukkigen staan buiten en bedelen bij voorbijgangers om kaartjes voor een concert dat al lang is uitverkocht. Een concert in een zaal die eigenlijk veel te klein is voor de IJslandse zangeres. Want een brede schare fans adoreert het kindvrouwtje op kousenvoeten, de elfjesdiva, het meisje dat haar madeliefjes in een andere dimensie plukt. Na Madonna misschien de meest gefotografeerde popzangeres van het moment.

Dus kan ze net zoals La Ciccone zich permitteren te doen wat haar wispelturig hart haar ingeeft; zoals een wereldtournee maken langs muziektheaters. Niet zulke absurde locaties als je in aanmerking neemt dat Björk onder andere een groot orkest en een zestienkoppig Groenlands dameskoor meeneemt. Én als je in aanmerking neemt dat de uitermate rijk gearrangeerde nummers van haar laatste album Vespertine een erg intiem karakter hebben.

Vespertine staat bol van Björks geëxalteerde ontboezemingen die worden gestut door de elektronische microritmes van het producersduo Matmos. Dat alles wordt naar een hoger plan getild door een orkest en jongenskoren gerecruteerd uit Gods engelenbestand.

Zelf staat ze er op het podium een beetje onwennig bij in haar befaamde zwanenjurk en loopt ze schuchter en plichtmatig heen en weer. De eerste helft van het concert behoorlijk ingespannen alsof ze elke vezel nodig heeft om zich te concentreren op haar zang. In Cocooning heeft ze die zuchtende moeizame hoge uithalen met dezelfde dromerige orgastische lading als Minnie Rippertons Loving You. Breekbaar maar zo trefzeker. Dan is Björk weer rauw en direct in Pagan Poetry en It's Not Up To You. Een nummer waarin harpiste Zeena Parkins als muzikaal factotum de harp verwisselt voor accordeon of harmonium.

Uit haar repertoire zijn, behalve het werk van Vespertine, die nummers gekozen die al een weelderige orkestratie hebben zoals I've Seen it All uit Lars von Triers film Dancer in the Dark en na de pauze Isobel, Play Dead en Bachelorette. Stuk voor stuk uitbundige songs met een dramatische passie.

Muzikaal is het van een glasheldere klasse. De elektronica is volledig in balans met de ander muzikale partijen. En als één ding blijkt, is het wel dat Björk stem, vanuit de onderbuik omhoogestuwd, overwint. Als koor, orkest en klein meisje in Unison tegen elkaar opbieden resulteert dat in een crescendo van emotie. Koor en strijkers jagen elkaar op tot muzikale vloedgolven waarin Björk nooit verzuipt maar als oriëntatiepunt bovenuit torent.

Zij staat dan in extase haar heerlijkheid de hemel in te galmen. En dat levert in het geval Björk een weliswaar exhibitionische schoonheid op, maar tegelijkertijd één die zo indrukwekkend en oprecht is dat die zich ook nergens voor hoeft te schamen.

Meer over