Elektra

Klytaimnestra, een fenomenale rol van Antoinette Jelgersma, weet dat haar laatste uur heeft geslagen.

Elektra, van Hugo von Hofmannsthal door Het Nationale Toneel, regie: Casper Vandeputte

Rotterdamse Schouwburg, 13/3 Tournee t/m 12/4 nationaletoneel.nl

Elektra is de zus van Orestes en heeft haar eigen kijk op de schandelijke zaken die zich in hun familie hebben afgespeeld. Net als haar broer heeft Elektra haar eigen Griekse tragedie, geschreven door Sophokles. In 1904 bewerkte de Oostenrijker Hugo von Hofmannsthal deze tot een psychologisch familiedrama, waarin de Griekse goden en het Noodlot plaats moesten maken voor de ideeën van Freud en zijn doods- en levensdriften.

Regisseur Casper Vandeputte gebruikt deze tekst nu als basis voor zijn Elektra bij het Nationale Toneel. Pascal Leboucq ontwierp een sacraal decor: meerdere rijen vitrages over de breedte van het toneel. Daartussen voltrekt zich een alleszins keurig en soms een beetje star drama, waarin de jeugd zich met radicale middelen probeert te ontworstelen aan de verstikkende greep van de volwassenen.

De hoofdrol is voor actrice Mariana Aparicio Torres. Haar Elektra is behoorlijk emo. Steeds meer, naarmate het drama vordert en haar oogschaduw verder uitloopt. Toepasselijk, want Elektra is boos, iets wat Torres mooi grotesk speelt. Boos op haar moeder Klytaimnestra, die haar vader Agamemnon heeft vermoord en die nu hele dagen in bed ligt met haar minnaar. Elektra gaat zich te buiten aan moordfantasieën. Ook probeert ze haar zusje (Sallie Harmsen), in twee wat minder ter zake doende dialogen tegen de moeder op te zetten. Die verschrikkelijke moeder is een fenomenale rol van Antoinette Jelgersma. In een rood gewaad en met stenen en kralen om haar nek schuifelt ze als een angstig dier over het podium. Ze knippert met haar ogen en kijkt schichtig om zich heen, ze voelt de haat van haar kinderen. Deze Klytaimnestra, die in dit droomspel vooral een projectie lijkt van Elektra's ongezonde obsessie, weet heel goed dat haar laatste uur heeft geslagen.

De moord wordt uiteindelijk uitgevoerd door broer Orestes (Joris Smit op zijn nukkigst), zodra hij weer is teruggekeerd. Thuis vindt hij zijn zus onherkenbaar terug, spugend en kruipend over de vloer, in een te wijde trui, die haar lichamelijke verval moet verbeelden. Dit weerzien is hartverscheurend en blaast het leven terug in Elektra, zowel het personage als de voorstelling.

De soundscape met gitaarklanken zwelt aan en de moedermoord vindt plaats. Vandeputte maakt hiervan een klungelig-realistische worstelscène die goed noch slecht is, maar wel vragen oproept.

Dat geldt voor wel meer zaken, zoals het einde. Elektra, bevrijd van haar moeder en van haar angstdromen, doet een ongecontroleerde vreugdedans. Na een knappe dropkick zakt ze abrupt ineen. Dood? Het wordt niet duidelijk.

undefined

Meer over